Wat heb je vorige week geleerd bij het vak GEN, wat weet je nog
Wat heb je vorige week geleerd bij het vak GEN, wat weet je nog
Noem 7 smeltlassen?
Invuloefening
Opg. 5a Hoe komt men aan de benaming TIG lassen? TIG lassen is de afkorting van Tungsten Inert Gas.
Opg. 5b Geef de omschrijving van het TIG lasproces. Er wordt een elektrische vlamboog getrokken tussen een niet afsmeltende wolfraamelektrode en het werkstuk. Daarbij wordt wel of geen gebruik gemaakt van toevoegmateriaal. Als bescherming tegen oxidatie wordt een inert gas toegepast.
Invuloefening
Opg. 6a Wanneer kiest men voor het "lassen onder poederdek" en verklaar waarom?
Men kiest voor lassen onder poederdek als men dikke plaat wil lassen omdat het O.P. lassen een grote inbrandingsdiepte koppelt aan een hoge neersmelt.
Opg. 6b In hoeverre heeft het O.P.-lasproces zijn beperkingen?
Alleen toe te passen in horizontale positie en staande hoeklassen.
Economisch bij grote lasinhoud (grote laslengtes in dikke plaat)
Kan niet handmatig uitgevoerd worden (meestal gemechaniseerd)
Invuloefening
Opg. 7a. Hoe bereikt men de hoge warmteconcentratie bij het plasma lasproces? Doorde boog sterk in te snoeren.
Opg.7b. Wat is kenmerkend voor dit lasproces?Dat zijn :
Hoge warmteconcentratie
De geconcentreerde brandvlek
Stabiele gerichtheid van de boog
Hoge lassnelheid
Smal smeltbad
Opg. 7c. Welke gassoorten komen als plasma/schermgas in aanmerking? Als plasma/schermgas wordt meestal Argon of een argon - waterstofmengsel toegepast.
Invuloefening
Opg. 8 a Beschrijf in het kort hoe de warmteontwikkeling bij het laser lasproces tot stand komt? Een lichtstralenbundel wordt via spiegels naar een objectief geleid. Het objectief bundelt de stralen tot een brandpunt waardoor een hoge energiedichtheid ontstaat. De energie wordt door het product opgenomen en de smeltlas wordt gevormd.
Opg. 8 b Waarom maakt men gebruik van schermgas? Om oppervlakteoxidatie te voorkomen. Noem nog enkele bewerkingen die met de lasertechniek uit te voeren zijn? Enkele bewerkingen zijn: snijden, solderen, warmtebehandeling, graveren.
Opg. 8c Noem enkele niet metalen die met de lasertechniek te bewerken zijn hout, glas en kunststof
Invuloefening
Opg. 9a Omschrijf in het kort het puntlasproces. Er wordt een hoge stroom gedurende zeer korte tijd door twee geleidende elektroden gestuurd. Tussen de elektroden worden 2 overlappende werkstukdelen met hoge druk geklemd. Op de overgang tussen de beide werkstukdelen ontstaat een hoge temperatuur die de beide delen in deegachtige toestand brengt. De hechte verbinding komt tot stand door de hoge druk.
Opg. 9b Welke 2 verbindingsvormen worden bij het rolnaadlasproces toegepast? De overlap en de stompe verbinding
GEN:
Lasmethode : druklasprocessen
LES 2
Druklassen
Puntlassen
Rolnaadlassen
Stuiklassen
Afbrand-stuiklassen
Bout/stiftlassen
Wrijvingslassen
Puntlassen
Puntlassen
rolnaadlassen
Stuiklassen
Stuiklassen
Afbrand-stuiklassen
Bout/stiftlassen
Stiftlassen met condensator-ontlading
Stiftlassen met getrokken boog
Wrijvingslassen
Mechanisch
Lasnaadvormen
Lasnaadvormen , stompe en niet-stompe lasverbinding
Lasnaadvormen stompe lasverbindingen
Lasnaadvormen niet stompe lasnaadverbinding
Binnenhoeklas
Overlaplas
Voeg of randlas
Gatlas (spleet of proplas)
Invuloefening
opg 10a Geef 4 specifieke kenmerken van het bout/ stift lasproces
Contactvlakken worden volledig aaneen gesmolten, geringe inbrandingsdiepte, weinig vervorming, product hoeft slechts aan een zijde toegankelijk te zijn, snelle lastijden, geringe braamvorming, gevaar van harding bij sommige materiaalsoorten
Opg. 10b Noem de 2 belangrijkste systemen. stiftlassen met condensatorontlading, stiftlassen met getrokken boog
Invuloefening
Opg 11 Welke kenmerkend verschil bestaat er tijdens de uitvoering van het stuiklasproces in vergelijking met het afbrand-stuiklasproces?
Tijdens de uitvoering van het afbrandstuiklassen worden de delen onder druk met
elkaar in contact gebracht en zelfs enige keren van elkaar verwijderd.
Bij het stuiklassen worden de te verbinden delen onder druk stomp tegen elkaar geplaatst. De lasdrukkracht blijft gedurende de gehele inschakelduur gehandhaafd.
Opg.12 Voor welke productiegrootte is het wrijvingslasproces vooral geschikt? Voor serieproductie
Invuloefening
Opg 13a Wat verstaan we onder de inbrandingsdiepte bij het lassen? Inbrandingsdiept: de diepte tot waar het te verbinden materiaal vloeibaar is geweest.
Wat verstaan we onder de lasvoorbewerking? Lasvoorbewerking: de vorm die vooraf aan het materiaal gemaakt moet worden om de juiste naadvorm te krijgen.
Wat verstaan we onder de vooropening? Vooropening: de ruimte tussen de beide te verbinden delen voordat men gaat lassen. Wat verstaan we onder de openingshoek? Openingshoek: de ingesloten hoek tussen de voorbewerkte delen van de lasnaad.
Invuloefening
Opg 13b. Door welke factoren worden de voorbewerkingsvorm, openingshoek en vooropening vooral bepaald? Door:
de materiaaldikte, de materiaalsoort, de vorm van de verbinding, het lassysteem, de laspositie.
Opg13c Hoe kan de voorbewerking van laskanten plaatsvinden? Door : snijbranden, knippen, gutsen, slijpen, draaien of frezen.
Opg13d Wat is kenmerkend voor de stompe en niet stompe lasverbinding en waar wordt de keuze door bepaald? Stompe lasverbinding: de productdelen worden over de volle doorsnede omgesmolten waardoor er na het lassen geen spleet meer aanwezig is. Niet stompe lasverbinding: de productdelen worden niet over de volle doorsnede omgesmolten waardoor er na het lassen nog wel een spleet aanwezig is. De keuze wordt bepaald door de belasting van de constructie.
Invuloefening
Opgave 13d) Wat is kenmerkend voor de stompe en niet stompe lasverbinding en waar wordt de keuze door bepaald?
Stompe lasverbinding: de productdelen worden over de volle doorsnede omgesmolten waardoor er na het lassen geen spleet meer aanwezig is.
Niet stompe lasverbinding: de productdelen worden niet over de volle doorsnede omgesmolten waardoor er na het lassen nog wel een spleet aanwezig is.
De keuze wordt bepaald door de belasting van de constructie.