Proeftoets

Proeftoets
1 / 33
next
Slide 1: Slide
anatomieMBOStudiejaar 1

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Proeftoets

Slide 1 - Slide

Wat betekend anatomie?

Slide 2 - Open question

Holle ader
Kuitspier
Dunne darm
Zenuw
Zweetklier
Rib
Hart
Schedel
Lever
Maag
Aorta
Ruggenmerg
Slokdarm
Wervelkolom

Slide 3 - Drag question

Hoeveel botten heeft een baby?

Slide 4 - Open question

Hoeveel botten heeft een volwassen persoon?

Slide 5 - Open question

Welke soorten gewrichten ken je? Noem er 6.

Slide 6 - Open question

Wat zit er in de celkern?
celkern

Slide 7 - Open question

Benoem alle botten
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
schedel
Lendewervels
Scheenbeen
Sleutelbeen
opperarmbeen
Spaakbeen
Ellepijp
Kuitbeen
Knieschijf
dijbeen
Borstwervels
Nekwervels

Slide 8 - Drag question

ribben
schedel
staartbeen
opperarmbeen
ellepijp
borstbeen
spaakbeen
wervelkolom
schouderblad
sleutelbeen
heiligbeen

Slide 9 - Drag question

Tekst
dijbeen
middenvoetsbeentjes
scheenbeen
kuitbeen
middenhandbeentjes
handworelbeendjes
knieschjf

Slide 10 - Drag question

Uit welke delen bestaat het skelet?
A
Schedel en ledematen en armen
B
Romp, ledematen en armen en benen
C
Schedel, romp, ledematen
D
Schedel, romp, ledematen en armen en benen

Slide 11 - Quiz

Het skelet van een volwassen mens bestaat uit ongeveer uit...?
A
500 botten
B
206 botten
C
350 botten
D
150 botten

Slide 12 - Quiz

De botten van kinderen zijn...?
A
Buigzaam
B
Hard

Slide 13 - Quiz

Wat wordt er beschermd door onze borstkas?
A
Maag en nieren
B
Hart en longen
C
Hersenen
D
Darmen en maag

Slide 14 - Quiz

Welke functies heeft ons skelet?
A
Vormgeven, bescherming en stevigheid
B
Vormgeven, stevigheid en beweging
C
Beweging, vormgeven, stevigheid en bescherming

Slide 15 - Quiz


Wat wordt aangegeven met 2?
1
2
3
A
Wervelkolom
B
Borstbeen
C
Ribben
D
Sleutelbeen

Slide 16 - Quiz


Wat wordt aangegeven met 3?
1
2
3
A
Wervelkolom
B
Borstbeen
C
Ribben
D
Sleutelbeen

Slide 17 - Quiz


Wat wordt aangegeven met 1?
1
2
3
A
Wervelkolom
B
Borstbeen
C
Ribben
D
Sleutelbeen

Slide 18 - Quiz

Noem eens een ander woord voor botten?
A
Skelet
B
Beenderen
C
Geraamte

Slide 19 - Quiz

In de botten van oudere
mensen zit...?
A
Veel lijmstof
B
Veel kalk
C
Weinig lijmstof
D
Weinig kalk

Slide 20 - Quiz

spier
pees
gewrichtskogel
kraakbeen
gewrichtssmeer
kapselband

Slide 21 - Drag question

Dendriet
Cellichaam
Kern

Slide 22 - Drag question

Als je een geluid waarneemt, komt dat omdat er in een bepaald deel van de hersenen impulsen aankomen.
In welk deel van de hersenen is dat?
A
de hersenstam
B
de grote hersenen
C
het ruggenmerg
D
de kleine hersenen

Slide 23 - Quiz

Hoe heet onderdeel 1?
A
Grote hersenen
B
Kleine hersenen
C
Hersenstam

Slide 24 - Quiz

Waar zijn de gevoelszenuwcellen aan gekoppeld?
A
Spieren
B
Klieren
C
Zintuigen
D
Botten

Slide 25 - Quiz

Welke organen horen bij het zenuwstelsel denk je? Sleep ze hier naar toe.
Ruggenmerg
Hersenen
Zenuwen
Darmen
Ogen
Hart
Spieren

Slide 26 - Drag question

Linkerboezem
Rechterboezem
Rechterkamer
Linkerkamer
Aorta
Onderste holle ader
Bovenste holle ader
Longslagader
Longader

Slide 27 - Drag question

Waar zitten kleppen over de gehele lengte??
A
Slagaders
B
Haarvaten
C
Aders
D
Capillairen

Slide 28 - Quiz

Wat is de taak van bloedplaatjes?
A
Ziektekiemen bestrijden
B
Een wond dichten, korstvorming
C
Transport van zuurstof
D
Lekker chillen

Slide 29 - Quiz

Wat is normale bloeddruk?
A
90 / 60
B
140 / 90
C
120 / 80
D
160 / 100

Slide 30 - Quiz

Wat heb jij geleerd?

Slide 31 - Mind map

Wat wil je nog leren?

Slide 32 - Mind map

Geef 1 tip en 1 top uit de les

Slide 33 - Open question