§9.1 veiligheid bestuderen

Hoofdstuk 9
Bindingsvraagstuk: veiligheid en criminaliteit
1 / 30
next
Slide 1: Slide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Hoofdstuk 9
Bindingsvraagstuk: veiligheid en criminaliteit

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Slide 2 - Link

This item has no instructions

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

9.1: Veiligheid bestuderen
  • Je kunt onderscheid maken tussen de verschillende typen aard van bedreigingen. 
  • Je kunt uitleggen wat er bedoeld wordt met het begrip veiligheidsutopie.
  • Je kunt uitleggen wat het verschil is tussen subjectieve en objectieve veiligheid en deze herkennen in een bron. 

Slide 4 - Slide

Pagina 165
Veiligheid als maatschappelijk vraagstuk
  • Veiligheid gaat niet alleen om criminaliteit, maar ook om bijvoorbeeld natuurrampen, veilige thuissituaties en een pandemie.
  • Er zijn verschillende sociale en politieke instituties om te zorgen dat we veilig en gezond kunnen leven.
  • We zijn afhankelijk van elkaar (vandaar binding).

Slide 5 - Slide

p. 166
Voor een veilige samenleving zijn we afhankelijk van elkaar, daarom is het een bindingsvraagstuk.
3 soorten bedreigingen
Natuurlijke bedreigingen:
natuurrampen, epidemieën
Technologische bedreigingen:
industriële ongevallen, uitval systemen
Sociale bedreigingen:
terreur, oorlog, conflict

Slide 6 - Slide

vooral sociale bedreigingen in groepen die het opzoeken
Toepassen bedreigingen
  • Maak in tweetallen opdracht 1 op blz. 98 van je werkboek.
  • Je hebt hiervoor 5 minuten.
  • We kijken deze opdracht meteen na.  
timer
5:00

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

1) Natuurlijke en sociale aard
2) Technologische aard
3) Natuurlijke aard
4) Sociale aard
5) Natuurlijke aard en sociale aard
6) Sociale aard en technologische aard
7) Natuurlijke aard en technologische aard

Slide 8 - Slide

This item has no instructions



Het streven naar veiligheid, kan het inperken van vrijheid beperken. Wat is belangrijker voor jou?
Het streven naar veiligheid, kan het inperken van vrijheid beperken. Wat is belangrijker voor jou?
Veiligheid
Vrijheid

Slide 9 - Poll

Bespreek in de klas waar de grens ligt. Het lesboek gebruikt op pagina 162/163 de coronamelderapp als voorbeeld.


Het streven naar veiligheid, kan het inperken van vrijheid beperken. Wat is belangrijker voor jou?
Waar veel winkeldiefstal is mag de overheid camera's inzetten met gezichtsherkenning?
Veiligheid
Vrijheid

Slide 10 - Poll

Bespreek in de klas waar de grens ligt. Het lesboek gebruikt op pagina 162/163 de coronamelderapp als voorbeeld.


Het streven naar veiligheid, kan het inperken van vrijheid beperken. Wat is belangrijker voor jou?
Als er weer een pandemie komt, mag de overheid dan apps verplichten die jouw locatie volgen?
Veiligheid
Vrijheid

Slide 11 - Poll

Bespreek in de klas waar de grens ligt. Het lesboek gebruikt op pagina 162/163 de coronamelderapp als voorbeeld.
Veiligheidsutopie
  • Het bieden van veiligheid is een basisfunctie van de overheid.
  • Een veiligheidsutopie is de onbereikbare wens voor optimale individuele vrijheid en tegelijkertijd het willen garanderen van de collectieve veiligheid. 

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Examenvraag bij 9.1 
timer
5:00

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Hoeveel slachtoffers van moord en doodslag waren er in 2024?

Slide 15 - Slide

120
Subjectief of objectief?
Er zijn twee soorten veiligheid: 

Objectieve veiligheid: feitelijke aantal misdrijven en ongevallen en feitelijke kans op rampen en risico’s van ongevallen.
Subjectieve veiligheid: gevoelens en de beleving van onveiligheid. Dit kan reële gevolgen hebben voor de sociale cohesie of het gezag van de overheid. 

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

9.2 Hoe onveiligheid en criminaliteit ontstaan 

  • Je kent de definitie van criminaliteit en kunt uitleggen waarom criminaliteit relatief is. 
  • Je kunt onderscheid maken tussen formele en informele sociale controle.
  • Je kent de verschillende theorieën van crimineel gedrag.  

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Criminaliteit 
  • Criminaliteit is gedrag dat door de overheid wettelijk strafbaar is gesteld. 
  • Criminaliteit is relatief.  
  • Sociale controle is belangrijk voor de binding in de samenleving en kan zorgen voor het voorkomen van crimineel gedrag. 

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Informele sociale controle

Groepsleden wijzen elkaar op de norm.
Formele sociale
 controle 

Mensen wijzen elkaar op de norm vanuit hun beroep/ functie.

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Waarom word je crimineel?
Hans komt op zijn 17e terecht in een jeugdbende en wordt twee jaar later veroordeeld voor drugshandel, diefstal en betrokkenheid bij een steekpartij. 
Wat is zijn levensverhaal?  


timer
2:00

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Criminologische theorieën
  • Gelegenheidstheorie & rationele keuzetheorie
  • Bindingstheorie
  • Anomietheorie
  • Etiketteringstheorie 
  • Aangeleerdgedrag (niet in het boek). 

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Rationele keuze theorie
Rationele keuzetheorie = een kosten-batenafweging maken voor gedrag. Wat levert het mij op, en wat kost het mij?


Hoe groot is de pakkans?
Wat levert de diefstal op?

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Gelegenheidstheorie
Het niveau van de criminaliteit wordt bepaald door de aanwezigheid van potentiële daders, de aanwezigheid van geschikte doelwitten en de afwezigheid van voldoende sociale bewaking.

Slide 23 - Slide


p.173
Bindingstheorie
Sterke binding met een (sociale) groep (samenleving of eigen sociale kring) remt de neiging tot crimineel gedrag. De remming wordt verklaard door de kans op verlies van de bindingen.

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Anomietheorie
Criminaliteit kan worden beïnvloedt door omgevingsfactoren (nurture). De sociale druk om algemeen aanvaarde doelen te bereiken leidt ertoe dat mensen de wetten kunnen gaan overtreden.


Kan je geen smartphone betalen, maar is het wel de norm om er een te hebben? Kans dat je er een steelt. 

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Etiketteringstheorie
Het idee dat iemand zich gaat gedragen naar het etiket dat op een bepaalde groep wordt geplakt.

 
Bijvoorbeeld: door racisme worden in Amerika zwarte Amerikanen sneller als crimineel bestempeld dan witte Amerikanen.

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Aan de slag!
  • Maak in tweetal de opdracht.
  • Klaar?
  • Aan de slag met opdrachten uit het werkboek:  Opdracht 7, Opdracht 9 (vanaf blz. 106). 

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Terug naar Hans
Welke criminologische theorie past het beste bij het levensverhaal dat jij voor Bart hebt bedacht? 

Leg uit waarom!
timer
2:00

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Slide 30 - Slide

This item has no instructions