Les 2 Basisvaardigheden

Leg alvast op tafel

Rekenmachine


Pen & kladpapier


Je laptop: ga naar lessonup.com


1 / 29
next
Slide 1: Slide
New lesson editorRekenenMBOStudiejaar 1

This lesson contains 29 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Leg alvast op tafel

Rekenmachine


Pen & kladpapier


Je laptop: ga naar lessonup.com


Weet je nog waar de eerste rekenles over ging?

Les 2
Wat gaan we doen?


- Korte uitleg over: 

getallen ordenen

grote getallen

optellen en aftrekken


- Werken aan opdrachten 

Periode 1: Basisvaardigheden

25 hoofdstukken


Elke les maak je opdrachten, niet af > dan de rest huiswerk


13 oktober: toets over Basisvaardigheden


volgende week: nulmeting (niet voor een cijfer!)



Periode 1: Basisvaardigheden

Les 2Getallen ordenen

Grote getallen

Vermenigvuldigen met getallen 


Getallenlijn

Getallen kun je ordenen door ze van klein naar groot op een getallenlijn te plaatsen. De stappen tussen de streepjes zijn gelijk. 

Getallenlijn

A

20 voor Chr.

B

20 na Chr.

C

30 voor Chr.

D

30 na Chr.

welk teken kan je tussen de getallen 2378 en 3278 zetten? < kleiner dan > groter dan = is gelijk aan

A

<

B

>

C

=

D

kan niet

welk teken kan je tussen de getallen 3,5 en 3,50 zetten? < kleiner dan > groter dan = is gelijk aan

A

<

B

>

C

=

D

kan niet

welk teken kan je tussen de getallen −2,75 en −3,75 zetten? < kleiner dan > groter dan = is gelijk aan

A

<

B

>

C

=

D

kan niet

Grote getallen

duizend

miljard

miljoen

honderd

100

1000

1.000.000

1.000.000.000

Grote getallen

miljoen 1 000 000 (1 met 6 nullen)

miljard 1 000 000 000 (1 met 9 nullen)

biljoen 1 000 000 000 000 (1 met 12 nullen)

biljard 1 000 000 000 000 000 (1 met 15 nullen)

triljoen 1 000 000 000 000 000 000 (1 met 18 nullen)

Geef de waarde aan van het getal

Wat is de waarde van het cijfer 5 in dit getal: 347.359

A

500

B

5

C

50

D

0,5

Wat is de waarde van het cijfer 5 in dit getal: 6.523.302

A

500 000

B

50 000

C

5000

D

5000 000

1 500 000

A

anderhalf miljoen

B

1 miljoen 500 duizend

C

1 miljard 500 miljoen

D

1 miljard 500 duizend

6,1 miljoen=

A

6.100.000

B

61.000.000

C


D


Hoeveel miljard is 1300 miljoen?

A

13

B

1,3

C

0,13

D

1300000

honderdduizend tweeënvijftig

A

1000520

B

100000,52

C

10052

D

100052

hoeveel ton is 9000Kg?

A

9 ton

B

900 ton

C

9000 ton

D

900000 ton

optellen & aftrekken

22 + 19 + 18 + 61 = Hoe ga je handig rekenen?

Marthe heeft € 60 op haar rekening. Ze koopt een broek van € 70 en betaalt met haar bankpas. Hoeveel heeft ze nu op haar rekening?

A

10 euro

B

-10 euro

C

geen idee

D

130 euro

nu zelf opdrachten maken in de licentie, dit soort sommen gaat me wel lukken:

Nu zelf aan de slag in je licentie

Basisvaardigheden


H2 Getallen ordenen: opdracht 1 t/m 10

H3 Grote getallen: 1, 2, 4, 5

H4 Optellen en aftrekken: opdracht 2 en 5

H5 Optellen en aftrekken: decimale-en negatieve getallen: 1, 2, 3, 4 en 5

H7 Vermenigvuldigen: opdracht 2 en 5


Nu zelf aan de slag in je licentie


voeg code toe aan je licentie:


(docent schrijft code op het bord)  


Volgende les

Nulmeting

rekenmachine meenemen






Zijn de leerdoelen behaald?

- Je leert getallen ordenen en op een getallenlijn of tijdlijn plaatsen


• Je leert de schrijfwijze, betekenis en uitspraak van grote getallen

• Je leert optellen en aftrekken met gehele getallen

• Je leert optellen en aftrekken met decimale- en negatieve getallen

• Je leert vermenigvuldigen met getallen