woordvolgorde_1

Oefenen met woordvolgorde
1 / 15
next
Slide 1: Slide
NT2Middelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

This lesson contains 15 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

Oefenen met woordvolgorde

Slide 1 - Slide

Standaardzin


Ik ga naar school




  1. Ik =onderwerp (subject)
  2. ga=werkwoord (persoonsvorm)
  3. naar school=rest

Slide 2 - Slide

Zin met inversie

Morgen ga ik naar school



1. Morgen
2. ga=werkwoord (persoonsvorm)
3. ik=onderwerp (subject)
4. naar school=rest

Slide 3 - Slide

Vraagzin die begint met werkwoord


Ga ik
morgen naar school?

Slide 4 - Slide

Vraagzin die begint met vraagwoord


Wanneer ga ik naar school?

Slide 5 - Slide

Zinnen met twee werkwoorden


Ik wil morgen naar school gaan.

Slide 6 - Slide

1.tijd - 2.manier - 3.plaats



Ik ga morgen (=tijd) op de fiets (=manier) naar school (=plaats).

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Video

Nu jij!

Slide 9 - Slide

Oefening 1: Noteer 1 voor onderwerp, 2 voor, persoonsvorm, 3 voor ander zinsdeel tijd, 4 voor ander zinsdeel plaats, 5 voor ander werkwoord

1. De cursisten van groep twee ( ) beginnen ( ) om 13.00 uur ( ).
2. Aicha en Arnold ( ) hebben ( ) gisteren ( ) bij ons ( ) gegeten ( ).
3. De kat ( ) is ( ) op de tafel ( ) gesprongen ( ).
4. Ik ( ) heb ( ) veel te veel ( ) gegeten ( ).
5. U ( ) kunt ( ) in de wachtkamer ( ) gaan ( ) zitten ( ).

Slide 10 - Slide

Jullie zinnen: verbeter!
1. En daar er is oude dingen en daar er is speeltjes met water en daar we kunnen mooie natuur zien. 
2. Mag ik morgen naar Efteling te gaan met Sophie?
3. Mag ik op 13 sept met vriendin naar de Efteling mogen gaan?
4. Ik wil met mijn vrienden naar de Efteling naartoe.

Slide 11 - Slide

Zet in de goede volgorde:
heb – drie weken geleden – Ik – gekocht – een paar schoenen

Slide 12 - Open question

Zet in de goede volgorde:
teruggegaan – naar de winkel – de volgende dag – Ik – ben

Slide 13 - Open question

Zet in de goede volgorde:
nu – Ik – moet – lopen – met – twee verschillende schoenen

Slide 14 - Open question

Schrijfopdracht

- Maak opdracht 12 en 13 op blz. 51 van Kern 
 - Onderwerp: een smoes voor een van de situaties uit opdracht 10 van blz. 50  

Let op: 
- interpunctie, woordvolgorde
werkwoordsvormen
woordvolgorde

Slide 15 - Slide