Ik kan respectvol naar anderen luisteren.
Ik kan situaties verbinden aan het juiste rechtsniveau: internationaal, Europees of nationaal.
Ik kan geschikte, betrouwbare bronnen vinden over mijn discriminatievorm.
Ik kan informatie uit verschillende bronnen verzamelen.
Ik kan informatie uit verschillende bronnen omzetten in een duidelijk onderzoek.