ERFELIJKHEID · KRUISINGEN
Quiz
Terugblik: Erfelijkheid en kruisingen
ERFELIJKHEID · KRUISINGEN
Quiz
Terugblik: Erfelijkheid en kruisingen
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Jamain / Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0
Hoeveel autosomen heeft een lichaamscel van de mens?
22
44
23
46
22 paren is 44 autosomen, dus 44. Het 23e paar zijn de geslachtschromosomen. Verwachte fout: 46 kiezen, dat is het totaal.
Welke geslachtscel bepaalt het geslacht van een kind?
De eicel, met een X of een Y
De zaadcel, die altijd een X heeft
Beide cellen, die ieder een X of een Y hebben
De zaadcel, met een X of een Y
Een eicel heeft altijd een X, een zaadcel een X of een Y. Verwachte fout: de eicel noemen.
Aa x aa. Kans (in %) op een kind aa?
Goed: 50%. De helft van de geslachtscellen van Aa is a en aa maakt alleen a. Verwachte fout: 25% geven, de kans bij Aa x Aa.
Roze (RW) x roze (RW), onvolledig dominant: verhouding rood : roze : wit?
1 : 2 : 1
3 : 0 : 1
1 : 1 : 1
2 : 1 : 1
RR, RW, RW en WW geven 1 rood : 2 roze : 1 wit. Verwachte fout: 3 : 1 kiezen omdat dat bij dominant en recessief hoort.
Hoeveel verschillende genotypen hebben nakomelingen van AaBb x AaBb?
16
4
9
8
Per gen drie genotypen (AA, Aa, aa), samen 3 x 3 = 9. Verwachte fout: 16 kiezen, dat is het aantal vakjes.
Aa x Aa, autosomaal recessieve ziekte: kans op een dochter met de ziekte?
1/4
1/2
1/8
1/16
Kans op aa is 1/4 en de kans op een dochter 1/2: samen 1/8. Verwachte fout: 1/4 kiezen door het geslacht te vergeten.
Moeder XhXh en vader XHY: welke kinderen ontstaan er?
Alle zonen aangedaan, alle dochters draagster
Alle kinderen aangedaan
De helft van de zonen aangedaan, dochters gezond
Alle zonen gezond, alle dochters aangedaan
De moeder geeft altijd Xh. Zonen krijgen Y van de vader en zijn XhY, dus aangedaan. Dochters krijgen XH van de vader en zijn XHXh, dus draagster. Verwachte fout: denken dat een zoon het X van de vader krijgt.
AaBb x AaBb met gekoppelde genen (AB/ab), zonder crossing-over. Verhouding?
9 : 3 : 3 : 1
1 : 2 : 1
1 : 1 : 1 : 1
3 : 1
Geslachtscellen AB en ab geven 1 AABB : 2 AaBb : 1 aabb, dus 3 A_B_ tegen 1 aabb. Verwachte fout: 9 : 3 : 3 : 1 kiezen.
Ouders met bloedgroep A en B krijgen een kind met O. Welke genotypen?
IAIA en IBIB
IAi en IBi
IAIA en IBi
IAi en IBIB
Een kind ii krijgt van elke ouder een i, dus beide ouders hebben een i. Verwachte fout: IAIA of IBIB kiezen, dan kan het kind geen O zijn.
Vul in
De varianten van een gen heten allelen. Een autosoom is geen geslachtschromosoom.
Allelen zijn varianten van een gen; autosomen zijn alle chromosomen behalve de geslachtschromosomen. Verwachte fout: genotypen invullen.
Welke ingreep is een voorbeeld bij een prokaryoot?
Bacteriën een gen voor menselijk insuline geven
Rijstplanten extra bètacaroteen laten maken
Embryo's testen op een erfelijke aandoening
Runderen fokken die meer melk geven
Bacteriën zijn prokaryoten; planten, mensen en runderen zijn eukaryoten. Verwachte fout: gouden rijst kiezen omdat dat ook genetische modificatie is.
Stekken van één plant groeien bij ander licht. Wat verklaart het fenotypeverschil?
Door verschillende allelen in elke stek
Door een ander genoom in de stek in de schaduw
Door milieufactoren, want het genotype is gelijk
Door een letale factor in de stek in de schaduw
Stekken hebben hetzelfde genotype; het verschil in licht is een milieufactor. Verwachte fout: een verschil in genotype aanwijzen.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
ERFELIJKHEID · KRUISINGEN
Goed gedaan!
Je kunt nu met kruisingsschema's en stambomen kansen berekenen, afwijkende overerving herkennen en argumenten over ingrijpen in de erfelijkheid benoemen. Mutaties, meiose en variatie volgen in een eigen les.
This item has no instructions