Meten met een Schuifmaat

Meten met een Schuifmaat
1 / 11
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 11 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Meten met een Schuifmaat

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen
Aan het einde van de les kun je uitleggen wat een noniusschaal is en hoe deze werkt. Aan het einde van de les kun je de hoofdschaal en noniusschaal van een schuifmaat correct aflezen. Aan het einde van de les kun je de stappen voor het meten met een schuifmaat benoemen en toepassen.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Wat weet je al over het meten met een schuifmaat?

Slide 3 - Mind map

This item has no instructions

De schuifmaat als meetinstrument
Een precisie-instrument voor het meten van afstanden, diameters of diepten

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

De onderdelen van een schuifmaat: hoofdschaal en noniusschaal
Slede: het beweegbare deel van de schuifmaat dat langs de hoofdschaal schuift. Hoofdschaal: de vaste schaal op een schuifmaat met markeringen in millimeters. Noniusschaal: een extra schaal op een schuifmaat die het mogelijk maakt om nog nauwkeuriger te meten. Liniaal: een meetinstrument met een rechte rand en markeringen voor lengtemeting.

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Het correct aflezen van een schuifmaat
Kennis van beide schalen en de vaardigheid om deze te interpreteren.

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Het praktisch gebruik van een schuifmaat bij het meten
Specifieke stappen die gevolgd moeten worden om tot een nauwkeurige meting te komen.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Definitielijst
Slede: het beweegbare deel van de schuifmaat dat langs de hoofdschaal schuift. Hoofdschaal: de vaste schaal op een schuifmaat met markeringen in millimeters. Noniusschaal: een extra schaal op een schuifmaat die het mogelijk maakt om nog nauwkeuriger te meten. Liniaal: een meetinstrument met een rechte rand en markeringen voor lengtemeting.

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 9 - Open question

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 10 - Open question

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 11 - Open question

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.