Temperatuurregulatie

Temperatuurregulatie
1 / 35
next
Slide 1: Slide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 35 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Temperatuurregulatie

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen

  • Benoemen waarom een temperatuur binnen grenswaarden van belang is.
  • De manieren van warmteverlies en warmteproductie beschrijven.
  • Het verschil tussen kern- en schiltemperatuur benoemen.
  • Normaalwaarden van de temperatuur aangeven.
  • Een lagere en hogere temperatuur benoemen met de verschijnselen en risico’s.
  • Risicogroepen benoemen voor de gevolgen van hitte of kou, oorzaken daarvan noemen en maatregen om de problemen te voorkomen.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Slide 3 - Video

This item has no instructions

Regelsysteem
De hypothalamus: temperatuurregelcentrum 

Zintuigcellen (sensoren) in de huid 
en in de hypothalamus nemen de lichaamstemperatuur waar. 

Thermostaatfunctie: zoveel mogelijk een vaste temperatuur

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Valt temperatuurregulatie onder de vitale functies?
Waar
Niet waar

Slide 5 - Poll

This item has no instructions

Warmteproductie
Vooral de stofwisseling in de spieren, de lever en de spijsverteringsorganen levert warmte.


Tijdens verbranding in de cellen meer dan 60% productie van warmte en minder dan 40% energie voor de uitvoering van de cel functie

• Hierdoor blijven weefsels op temperatuur

• Overtollige warmte wordt door het bloed getransporteerd zodat de warmte egaal over het
lichaam verdeeld kan worden

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Koude-regulatie
Bij kou -> vasoconstrictie ->  
bloed stroomt langzamer -> 
bloed kan meer O2 aan weefsel afgeven -> 
O2-gehalte in bloed is laag -> 
blauwe kleur (cyanose)

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Warmteafgifte
  • Vasodilatatie-> bloedvaten wijder
    Warm, wat zie je?

  • Vasoconstrictie-> bloedvaten vernauwen
    Koud, wat zie je?

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

lichaamstemperatuur
De stofwisseling verloopt het meest efficiënt bij 36o-37o graden Celsius
• De lichaamstemperatuur is het evenwicht tussen warmteproductie en warmteafgifte en wordt
warmteregulatie genoemd
• Het temperatuurcentrum bevindt zich in de hypothalamus

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Temperatuur waarden 

Normaal: 36.5-37.5
Te koud: <36.5
Onderkoeling: <35.0
Verhoging: 37.5-38.0
Koorts: >38.0
Hyperthermie: > 41.0
Te koud:
Verhoging spierspanning
(willekeurige spieren krijgen onwillekeurige bewegingen)
Rillen, klappertanden

Te warm
Dilatatie
Zweten

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Schil- en kerntemperatuur
Temperatuur in armen, benen & huid (de schil) is lager dan de temperatuur in de romp en binnenzijde van het lichaam (kern)

Met de lichaamstemperatuur wordt de kerntemperatuur bedoeld.
 
Rectale meting levert de betrouwbaarste informatie over de (kern)temperatuur.

Hoe zit dat met een voorhoofdsmeting? 

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Waarom 37 graden?
  • Homeostase
  • Gunstigst voor stofwisselingsprocessen in de cel
  • Lichaam functioneert het beste.

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Wat zijn redenen om de temperatuur te meten?

Slide 13 - Open question

’s Morgens is de lichaamstemperatuur meestal lager dan ’s avonds. Dit komt doordat de stofwisseling ’s nachts op een lager peil ligt dan overdag: er wordt dan minder warmte geproduceerd. Daarom moet je tweemaal per dag de temperatuur meten: ’s morgens en laat in de middag of ’s avonds.
Redenen om de temperatuur te meten?
  • Als je denkt dat iemand een afwijkende temperatuur kan hebben
  • Routinematig (omdat het zo is afgesproken)
  • Omdat je eerdere meting afwijkt
  • Omdat je verwacht dat iemand een temperatuur afwijking     kan hebben (bv kraamzorg, na operatie)

Slide 14 - Slide

Verwacht temperatuur afwijking bij kraamzorg: moeder en kind zijn gevoeliger voor infecties
na een operatie wond kan gaan ontsteken
regulatie
  • Bij een te lage lichaamstemperatuur stimuleert de hypothalamus de warmteproductie en remt de
warmteafgifte
  • Bij koorts wordt de hypothalamus door de koortsverwekkende stoffen in het bloed op een hoger
temperatuur ingesteld
  • Vooral spierwerking verhoogt de warmteproductie (rillen, klappertanden)

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Wat is het doel van een koude rilling?
A
Warmte vasthouden
B
Warmte kwijt raken
C
Heeft geen doel
D
Zweet eraf rillen

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

warmte afgifte
Afgifte kan worden verminderd door een verminderde doorbloeding van de huid (bleek),
vermindering van de zweetproductie (droge huid) en het aanspannen van de haarspiertjes
waardoor kippenvel ontstaat

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Koorts
Koorts intensiveert de stofwisseling. Dit helpt bij het versnellen van de verschillende genezingsprocessen.
• Als de lichaamstemperatuur te hoog wordt bij koorts is gevaarlijk omdat de hoge temperatuur het lichaam kan beschadigen

normaal : tussen 35,8 en 37,4 °C
verhoging: tussen 37,5 en 38 °C
koorts: boven 38 °C

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Welke verschijnselen heb je als je koorts hebt?

Slide 19 - Open question

  • als de lichaamstemperatuur oploopt: kou, rillerigheid en bleke gelaatskleur
  • tijdens de koorts: warm, de zorgvrager kan droog en heet aanvoelen, blozen, onrust en transpiratie
  • een toestand van algehele malaise, met hoofdpijn en spierpijn
  • rusteloosheid en soms slapeloosheid
  • geen eetlust en soms misselijkheid en braakneigingen;
  • soms erge dorst, of juist geen dorstgevoel;
  • toename polsfrequentie, gemiddeld tien tot vijftien slagen per minuut bij 1 °C temperatuurstijging;
  • toename ademfrequentie;
  • minder urineproductie;
  • branderige ogen, koortsblaasjes op de lippen.
Koortsverschijnselen
  • Tijdens het oplopen van de koorts: Koud, rillerig en een bleke gelaatskleur.
  • Tijdens de koorts:  meestal heel warm, rood hoofd, droog en heet aanvoelen.
  • Hoofdpijn en spierpijn. De cliënt voelt zich niet lekker.
  • Geen eetlust, misselijk en braakneigingen.
  • Erge dorst en afwezig.

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Regelsysteem

Hypothalamus= thermostaat 
-Geeft prikkels -> bloedvaten -> vernauwen (vasoconstrictie) om zo warmteverlies tegen te gaan. Tegelijkertijd hypothalamus -> prikkel naar de spieren om samen te trekken en te gaan rillen. Zo wordt extra warmte geproduceerd.

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Wat doet je hypothalamus om je temperatuur te verhogen?
A
Bloedvaten vernauwen, adrenaline verminderen
B
Bloedvaten vernauwen, kippenvel, meer adrenaline
C
Bloedvaten verwijden, kippenvel, in je handen wrijven
D
Bloedvaten verwijden adrenaline, verminderen

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions

Kwetsbare groepen
Baby’s
  • Baby’s lopen vooral risico op een te lage lichaamstemperatuur. Ze verliezen veel warmte door een relatief groot hoofd en groot huidoppervlak.
Ouderen
  • Ouderen lopen risico op een te lage of te hoge lichaamstemperatuur. Hun huidbloedvaten kunnen minder goed en minder snel vernauwen en verwijden en hun huid produceert minder zweet.

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

Geneesmiddelen
Geneesmiddelengebruik kan de temperatuurregeling ook verstoren.


Dat geldt bijvoorbeeld voor diuretica (plastabletten), bloeddrukverlagers en pijnstillers 

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

wat helpt het meest om het minder warm te krijgen als je koorts hebt?
A
Snellere ademhaling
B
Vasodilatatie (vaatverwijding)
C
Toename van transpiratie
D
Vasoconstrictie (vaatvernauwing)

Slide 25 - Quiz

This item has no instructions

Noem twee kwetsbare doelgroepen.

Slide 26 - Open question

This item has no instructions

Overtollige warmte wordt door het bloed getransporteerd zodat de warmte egaal over het lichaam verdeeld kan worden
A
Waar
B
Niet waar

Slide 27 - Quiz

This item has no instructions

Het temperatuurcentrum bevindt zich in:
A
de schildklier
B
de kleine hersenen
C
de hypothalamus
D
de amygdala

Slide 28 - Quiz

This item has no instructions

Afgifte van warmte kan worden verminderd door
A
een verminderde doorbloeding van de huid (bleek)
B
vermindering van de zweetproductie (droge huid)
C
het aanspannen van de haarspiertjes (kippenvel)
D
alle drie de antwoorden zijn goed

Slide 29 - Quiz

This item has no instructions

De lichaamstemperatuur is het evenwicht tussen warmteproductie en warmteafgifte en wordt warmteregulatie genoemd
A
Waar
B
Niet waar

Slide 30 - Quiz

This item has no instructions

De huid heeft altijd dezelfde temperatuur als de inwendige organen
A
Waar
B
Niet waar

Slide 31 - Quiz

This item has no instructions

Lesdoelen

Benoemen waarom een temperatuur binnen grenswaarden van belang is.
  • De manieren van warmteverlies en warmteproductie beschrijven.
  • Het verschil tussen kern- en schiltemperatuur benoemen.
  • Normaalwaarden van de temperatuur aangeven.
  • Een lagere en hogere temperatuur benoemen met de verschijnselen en risico’s.
  • Risicogroepen benoemen voor de gevolgen van hitte of kou, oorzaken daarvan noemen en maatregelen om de problemen te voorkomen.

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Quiztime



Log in in blooket en we gaan een hack game doen

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Opdracht aandoeningen van het bewegingsstelsel
Jullie maken in tweetallen een poster of een infographic. 

Deze presenteren jullie volgende week. Iedere presentatie gaat over een ziekte van het bewegingsapparaat.

De presentatie duurt minimaal 5 min.
Check bij de docent of er geen dubbele ziektebeelden zijn. 

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

als je klaar bent met je presentatie
ga je aan de slag met learnbeat

Slide 35 - Slide

This item has no instructions