H1 week 12 Spelling

week 12 les 1
dinsdag 23 maart
1 / 23
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

week 12 les 1
dinsdag 23 maart

Slide 1 - Slide

  • hybride les: als je naar school komt altijd je laptop meenemen (leerlingen op school gaan niet in de Meet)
  • historisch jeugdboek uit: woensdag 14 april (week 15)
  • het huiswerk blijf je in je online schrift maken
  • uitdelen planner week 12 (zie ook als bijlage in SOM). Ieder week een nieuwe planner/werkwijzer in SOM                          > kort bespreken planner week 12

Slide 2 - Slide

Hoe vonden jullie de toets Lezen gaan, gemaakt in de toetsweek?

😒🙁😐🙂😃

Slide 3 - Poll

Spelling (boek blz 34)
hoofdletters
leestekens (o.a. punt, vraagteken, uitroepteken en komma)

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Video

leestekens (interpunctie)
punt > aan het eind van een zin (.)
vraagteken > bij een vraagzin (?)
uitroepteken > bij extra nadruk (roepen, schreeuwen) (!)

Slide 6 - Slide

timer
1:30
Waarom gebruik je een komma?

Slide 7 - Mind map

Wanneer gebruik je een komma?
(antwoord bestaat uit 2 delen)
timer
2:00

Slide 8 - Open question

Aan de slag!
 Spelling hoofdstuk 1 (blz 34/35)
maken opdracht 3 (blz 35) > neem de tekst over in je online schrift

klaar: maken opdracht 5 (blz 35)
-verkleinwoorden-

Slide 9 - Slide

week 12 les 2
H1f huiswerk donderdag: (af)maken Spelling opdr 3 en 5 blz 34/35

H1e in de les: (af)maken Spelling opdr 3 en 5 blz 34/35 > daarna verder met Blok 2

Slide 10 - Slide

nakijken opdrachten
spelling opdr 3 en 5

Daarna: video theorie verkleinwoorden

Slide 11 - Slide

0

Slide 12 - Video

werkwoordvormen:

          1.        persoonsvorm - tegenwoordige tijd (PV-TT)
                    persoonsvorm - verleden tijd (PV-VT)

          2.       voltooid deelwoord (VDW)

          3.       infinitief = hele werkwoord (INF)

Slide 13 - Slide

Zin 1: hij vertelde zijn vriend een geheim.

vertelde = ...........?
A
PV-TT
B
VDW
C
PV-VT
D
INF

Slide 14 - Quiz

Zin 2: Wij zouden misschien naar dat feest gaan.

gaan = ...........?
A
PV-TT
B
VDW
C
PV-VT
D
INF

Slide 15 - Quiz

Huiswerk:
H1e donderdag / H1f dinsdag:
maken opdracht stencil werkwoordsvormen; zie bijlage SOM.
(kopieer de zinnen naar je online-schrift en vervoeg de werkwoorden in de zin)

Slide 16 - Slide

week 12 les 3

Slide 17 - Slide

bespreken huiswerk
stencil werkwoordsvormen (8 zinnen)

Slide 18 - Slide

bespreken theorie Spelling
Spelling De Brug (blz 258)
meervouden van zelfstandig naamwoorden op -ee en -ie

Slide 19 - Slide

WAAROM GEBRUIKEN WE MET SPELLING EEN TREMA? (PUNTJES BOVEN EEN LETTER)

Slide 20 - Open question

meervoud eindigend op -ee
zoals: ree of snee 
uitgang:  ën
Dus: reeën  en sneeën

Slide 21 - Slide

meervoud eindigend op -ie
Waar ligt de klemtoon?
- op de laatste lettergreep > uitgang ën
b.v. industrie > industrieën 
- niet op de laatste lettergreep > uitgang n (en trema (puntje) op de laatste e)
b.v. olie > oliën

Slide 22 - Slide

Huiswerk
H1e dinsdag: maken De Brug Spelling opdracht 1 blz 258
              + leren theorie meervoud -ee en -ie 

(klaar: maken opdr 2 en 4 blz 65  (geen huiswerk))

Slide 23 - Slide