H1.1

Programma 
  • Doelen van deze les 
  • Uitleg paragraaf 1.1 
  • 10 minuten in stilte aan het werk
  • Bespreken vraag van de week 
  • Aan het werk (keuze) 
  • Afronding van deze les 
1 / 22
next
Slide 1: Slide
EconomieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Programma 
  • Doelen van deze les 
  • Uitleg paragraaf 1.1 
  • 10 minuten in stilte aan het werk
  • Bespreken vraag van de week 
  • Aan het werk (keuze) 
  • Afronding van deze les 

Slide 1 - Slide

Doelen van deze les 
  • Je weet wat primaire en secundaire behoeften zijn. 
  • Je weet dat behoeften per persoon verschillen en hoe dit komt. Je weet hoe je behoeften kunt vervullen en dat je hiervoor prioriteiten moet stellen. 
  • Je weet wat we bij economie bedoelen met vrije goederenschaars en welvaart. 
  • Je weet wat zelfvoorziening is en welke invloed dit heeft op de welvaart van een persoon.  

Slide 2 - Slide

Behoeften
wensen die je hebt en wilt vervullen

Slide 3 - Slide

Primaire behoeften 
ook wel basisbehoeften
Secundaire behoeften 
ook wel luxe behoeften

Slide 4 - Slide

Behoeften: wensen die je hebt en wilt vervullen

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Video

Je vader of moeder wint ruim 1 miljoen euro. Wat zou jij als eerste kopen?

Slide 7 - Open question

Behoeften verschillen... 
  • Hoeveel geld heb je (wat is je budget)? 
  • Wat doen je vrienden of klasgenoten? 
  • Beïnvloeding door anderen in je omgeving. 
  • Reclames die je ziet of hoort. 
  • Leeftijd.
  • Geslacht. 

Slide 8 - Slide

Vlam in de pan! Wat doe je?
A
Gas uit. Brandweer bellen.
B
Gas uit. Water over de pan. Brandweer bellen.
C
Gas uit. Deksel op de pan. Brandweer bellen.
D
Naar buiten. Brandweer bellen.

Slide 9 - Quiz

Wat doe je als eerste? 
Je hebt misschien wel oneindig veel wensen, 
maar je kunt niet alles in één keer doen. 
Je moet keuzes maken: prioriteiten stellen 

Slide 10 - Slide

Waarom moet je prioriteiten stellen?

Als je behoeften wil vervullen dan heb je een middel nodig. In de meeste gevallen is dit tijd of geld. Deze middelen zijn er niet vanzelf: je moet jezelf ervoor inspannen. Dit noem je schaars.  Hoe meer behoeften je kunt vervullen hoe hoger je welvaart is. 


Voorbeeld prioriteiten stellen
Als je een nieuwe telefoon wil van 650 euro dan heb je het middel geld nodig. Dit bereik je door te gaan werken, maar dan moet je tijd inleveren. Hoeveel tijd wil je inleveren om dat geld te bemachtigen? 

Slide 11 - Slide

Wanneer is iets schaars? 

  1. Het is beperkt beschikbaar 
  2. Het is alternatief aanwendbaar 

Slide 12 - Slide

Wie heeft een hogere welvaart?
Uitleg
Dit kun je niet weten. Welvaart zegt iets over de behoeften die je kunt vervullen. Het inkomen van een bankdirecteur is hoger, maar zijn behoeften (wensen) zijn waarschijnlijk ook groter. Je kunt dit pas bepalen als je de behoeften van beiden weet en hoeveel tijd en geld zij hebben. 
A
Loodgieter
B
Bankdirecteur
C
Geen van beiden
D
Kun je niet weten

Slide 13 - Quiz

Zelfvoorziening?
Je doet iets zelf, bijvoorbeeld een band plakken, een taart bakken of het aanleggen van een groentetuin.
 

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Video

Zelfvoorziening 
Je gaat gewassen verbouwen die je gebruikt voor eigen consumptie. Als je wat over hebt dan kun je dit verkopen, zodat je zaken kunt kopen die je niet 
kunt realiseren met 
zelfvoorziening. Natuurlijk kun je
ook gaan ruilen voor andere 
goederen of diensten. Als je aan 
zelfvoorziening doet neemt je welvaart toe. 

Slide 16 - Slide

Vrije goederen

Slide 17 - Mind map

Aan het werk 


De komende 10 minuten gaat iedereen aan het werk met deze opdrachten. Je kunt nu geen vragen stellen of overleggen. 

Begin met het maken van opdracht 12, deze bespreken we zo klassikaal.

Maken: par. 1.1 opdrachten: 2, 4, 5, 7 t/m 14.
timer
10:00

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Keuzewerk



Je kunt aan de slag met de volgende keuzes: 
  • Huiswerk maken: par 1.1 opdrachten: 2, 4, 5, 7 t/m 14.
  • Maken eigen samenvatting 
  • Eigen keuze: in overleg met Tobias 
timer
10:00

Slide 20 - Slide

Afronding van deze les 
  • Je weet wat primaire en secundaire behoeften zijn. 
  • Je weet dat behoeften per persoon verschillen en hoe dit komt. Je weet hoe je behoeften kunt vervullen en dat je hiervoor prioriteiten moet stellen. 
  • Je weet wat we bij economie bedoelen met vrije goederenschaars en welvaart. 
  • Je weet wat zelfvoorziening is en welke invloed dit heeft op de welvaart van een persoon.  

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide