Warm en koudbloedig

Warm- of koudbloedig? Overleven in de winter!

1 / 20
next
Slide 1: Slide
New lesson editorMentorlesSpeciaal OnderwijsLeerroute 2Leerroute 3

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Items in this lesson

Warm- of koudbloedig? Overleven in de winter!

Aan het einde van de les kunnen jullie aangeven dat er warmbloedige en koudbloedige dieren bestaan en kunnen jullie van minimaal één dier benoemen of dit warmbloedig of koudbloedig is.

 

Daarnaast kunnen jullie één dier koppelen aan winterslaap of winterrust.

Wat weet je al over hoe dieren in de winter overleven?

Filmpje tegel 1

Warmbloedig

  • Mensen en veel dieren zijn warmbloedig, hun lichaam zorgt er zelf voor dat het bloed altijd zo'n 37 graden is.

  • Als je heel lang in de kou bent, raakt je lichaam onderkoeld.

  • Veel energie nodig

  • Mensen, vogels, honden, leeuwen, olifanten, ...



Koudbloedig

  • Lichaamstemperatuur past zich aan, aan de omgeving.

  • Gebruiken minder energie dan warmbloedige dieren.

  • Als koudbloedige dieren zijn afgekoeld, worden ze trager en verbruiken ze minder energie.

  • Schildpadden, vissen, kikkers, slangen, ...

Filmpje tegel 2

Winterslaap


  • Vooral kleine dieren omdat zij meer warmte verliezen.

  • In het najaar trekken zij zich terug en komen in het voorjaar weer naar buiten.

  • Verbruikt bijna geen energie.

  • Je hartslag gaat omlaag.

  • Egels, beren, vleermuizen, slakken, ...

Winterrust

  • Lijkt op winterslaap.

  • Lichaamstemperatuur gaat maar met een paar graden omlaag.

  • Kan vetreserve opslaan om te overleven in de winter.

  • Af en toe wakker om wat te eten.

  • Sommige grote dieren zoals bruine beren.

Is een mens warmbloedig of koudbloedig?

A

Warmbloedig

B

Koudbloedig

Is een hond warmbloedig of koudbloedig?

A

Warmbloedig

B

Koudbloedig

Is een kikker warmbloedig of koudbloedig?

A

Warmbloedig

B

Koudbloedig

Bij een winterslaap verbruik je bijna geen brandstof.

A

Waar

B

Niet waar

Bij een winterslaap gaat je hartslag omlaag.

A

Waar

B

Niet waar

Hoort de volgende zin bij een winterslaap of bij een winterrust:


Wordt tussendoor wakker.

A

Winterslaap

B

Winterrust

Hoort de volgende zin bij een winterslaap of bij een winterrust:


beren, dassen en wasberen.

A

Winterslaap

B

Winterrust

Hoort de volgende zin bij een winterslaap of bij een winterrust:


egels, vleermuizen en kikkers.

A

Winterslaap

B

Winterrust

Maak de volgende zin af:


dieren die een winterslaap houden zijn ...

A

alleen warmbloedige dieren

B

alleen koudbloedige dieren

C

warm- en koudbloedige dieren

Werkblad

Wat hebben jullie geleerd in deze les?