Les 13, 15, 17 A1 als je haar maar goed zit BK4

Uiterlijke verzorging

Kaart A1 "Als je haar maar goed zit".

1 / 38
next
Slide 1: Slide
New lesson editorZorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo b, k, gLeerjaar 3,4

This lesson contains 38 slides, with text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

Uiterlijke verzorging

Kaart A1 "Als je haar maar goed zit".

Check-in

Verwachtingen

We luisteren naar elkaar en laten elkaar uitpraten.


We gaan respectvol met elkaar en de materialen om.


Er is ruimte voor gezelligheid, maar er moet ook een goede werkhouding zijn.

Lesopbouw

  • Terugblik vorige les

  • Lesdoelen

  • Theorie

  • Aan de slag

  • Evaluatie

  • Vooruitblik

Terugblik vorige les

Weet jij nog..


  • Welke verschillende logo's er zijn en wat het verschil is?


  • Hoe je je eigen logo maakt?


  • Hoe je logo eruit ziet?

Lesdoelen

Aan het einde van de les weet jij:


  • Waar je op moet letten tijdens het voeren van een telefoongesprek.

  • Hoe je klant ontvangt.

  • Uit welke onderdelen haren bestaan.

Als je haar
maar goed zit

Kennismaken met
Uiterlijke verzorging

Praktijkkaart A1

Wat gaan we tijdens deze kaart doen?

  • Klant welkom heten

  • Klant telefonisch te woord staan

  • Flyer maken over representatief-zijn

  • Hoofdhuid en haardiagnose uitvoeren

  • Haren wassen

  • Instructievideo maken

  • Collage maken over stijlen of krullen van het haar


Begrippen

  • Haarwortel

  • Haarschacht

  • Haarfollikel

  • Merg

  • Schors

  • Schubbenlaag

  • Aziatisch / Europees / Afro haar

  • Normaal / droog / vet haar

  • Beschadigd haar


  • Shampoo

  • Conditioner

  • Haarmousse / Haarlak / Gel / Wax

  • Stijltang

  • Stijlen

  • Krultang

  • Föhn


Welkom!

Het eerste contact dat een klant met de kapper heeft, is vaak een telefonisch contact.

De klant belt om een afspraak te maken. Dit korte moment aan de telefoon is belangrijk. Dan moet je dus een positieve indruk maken!

Telefoongesprek, waar let je op? - 1

  • Wees vriendelijk, beleefd en goed verstaanbaar.

  • Begroet de klant met: Goedemorgen/middag, [naam bedrijf] en daarna je eigen naam.

  • Luister actief en geïnteresseerd.

  • Stel de vragen die voor jou van  belang zijn, bijv. welke behandeling de klant wil.

  • Geef de klant zoveel mogelijk informatie en neem zelf het initiatief.

Telefoongesprek, waar let je op? - 2

  • Spreek niet te snel.

  • Praat niet met een volle mond (ook geen kauwgum).

  • Doe geen andere dingen tijdens het telefoongesprek.

  • Herhaal de gemaakte afspraken.

  • Sluit het gesprek positief af en bedank de klant.

Welkom bij binnenkomst klant

  • Begroet de klant direct bij binnenkomst.

  • Neem de jas aan en hang deze op voor de klant.

  • Bied de klant een stoel aan om te wachten of neem de klant direct mee naar de behandelstoel.

  • Bied iets te drinken aan.

  • Kom verzorgd, representatief en vriendelijk over.

Hoe ziet een haar eruit? - 1

  • Een haar is dood materiaal.

  • Een haar bestaat uit een wortel en een schacht. Het zichtbare deel van het haar noem je de haarschacht. De schacht groeit uit de wortel en die zit in een soort zakje, de haarfollikel. Dit zakje zit samen met spiertjes en talgkliertjes in de hoofdhuid.

Hoe ziet een haar eruit? - 2

  • Een haar is opgebouwd uit merg, schors en een geschubde laag.

  • Haren vallen uit, vernieuwen en groeien steeds. Onder in de haarwortel worden steeds nieuwe cellen gemaakt. Deze cellen schuiven steeds een stukje op totdat ze boven de oppervlakte van de huid komen. De haarschacht (het deel dat we zien) is het dode deel van het haar.

Hoe ziet een haar eruit? - 2


Er zijn verschillende fasen in de haargroei:

  • Groeifase – er worden nieuwe cellen aangemaakt. Deze fase duurt 2 tot 6 jaar.

  • Overgangsfase – het haar en de haarpapil gaan van elkaar los. Dit duurt 2 weken.

  • Rustfase – het haar rust in de follikel. Dit duurt 3 tot 4 maanden.

  • Dir proces herhaalt zich zo'n 20 keer, daarna worden mensen kaal. Mensen die een korte groeifase hebben worden dus ook eerder kaal.

Hoe ziet een haar eruit? - 2

  • Iedere dag verlies je ongeveer 50 tot 80 haren.

  • Je hebt ongeveer 100.000 tot 150.000 haren op je hoofd.

  • Ongeveer 10 % van die haren zijn in de rustfase.

  • Je hoofdhaar groeit ongeveer 0,35 mm per dag en wenkbrauwen 0,16 mm per dag.

  • Je haar dankt zijn kleur aan de
    kleurstoffen (melanine) in de
    haarschors.

Groepjes:

Groep 1: 10 leerlingen

Groep 2: 8 leerlingen

Groep 3: 10 leerlingen


planning:

Groep 1: maakt KUV4

Groep 2: Krijgt theorie en maakt de theorie van praktijkkaart A1

Groep 3: Haren wassen en föhnen.

Aan de slag…

Maak kaart A1 (blz. 6)

Opdracht 1 t/m 10.


Opdracht 6: Maak een flyer volgens eisen.




Klaar? Roep je docent bij je




Aziatisch haar

  • Aziatisch haar is vaak zwart of donker bruin en heel erg sterk. Daarom kunnen vrouwen het haar heel lang laten groeien.

  • Aziatische mannen worden niet vaak kaal.

  • Aziatisch haar is steil. Steil haar glanst, omdat het licht er op reflecteert. Dit haar is het meest veerkrachtig.

  • Wanneer je een dwarsdoorsnede van steil haar onder de microscoop zou bekijken, zie je dat het perfect rond is. Steil haar raakt niet snel beschadigd en talg verspreidt zich makkelijk van de hoofdhuid naar de puntjes van het haar.

Afro haar

  • Dit haarsoort krult heel sterk. Het groeit in een hoek van 90 graden uit de hoofdhuid.

  • Dit haar heeft veel volume.

  • Dit haarsoort is erg droog en meestal zwart van kleur.

  • Het haar erg kwetsbaar en breekt snel.

  • Wanneer een klant dit haarsoort heeft, kun je dit het beste kammen met speciale borstels die makkelijk door het haar heen komen.

Europees haar

  • Europees haar is haar dat de meeste witte mensen hebben.

  • De kleur van dit haar kan blond, bruin en rood zijn. Het haar kan steil, golvend en krullend zijn.

  • Blond haar is vaak heel fijn (dun) en kwetsbaar. Mannen met blond haar hebben de meeste kans om kaal te worden. Rood haar is vaak veel stugger.

  • Golvend haar is bovenop meestal steiler. De krullen zitten meer aan de onderkant van het haar. Hierdoor lijkt het al snel dat er veel volume in het haar zit. Bij dit haarsoort is vaak de onderkant droger en beschadigd. Dit haar is
    dan ook sneller breekbaar.

Normaal haar

Normaal haar is haar dat van nature glanst. Het is sterk en vol.

Normaal haar is speciaal! Er zijn maar weinig mensen met gezond en glanzend haar van nature.

Gebruik bij normaal haar milde verzorgings-producten, bijv. een ‘iedere dag shampoo’ of een milde conditioner.

Droog haar

Droog haar komt doordat er weinig talg wordt aangemaakt door de hoofdhuid. Dit kan komen door bijv. de centrale verwarming, veel zwemmen en het vaak gebruiken van een föhn of stijltang.

Kies voor een beschermende shampoo en conditioner voor droog haar. Ook is het goed om de hoofdhuid te masseren. Hierdoor stimuleer je de talgkliertjes op de huid. Was het haar heel voorzichtig, anders kan het haar makkelijk breken.

Vet haar


  • Vet haar komt doordat er veel talg wordt aangemaakt.

  • Wanneer de hoofdhuid extra geprikkeld wordt, maken de talgkliertjes nóg meer talg aan. De huid kan geprikkeld worden door bijvoorbeeld een agressieve shampoo te gebruiken of door hormonale schommelingen.

  • Was het haar met een speciale shampoo voor vet haar en zo zacht mogelijk zodat je de hoofdhuid niet aanzet tot extra aanmaak van talg. Het is dus belangrijk dat je de huid niet masseert!

  • Spoel het haar uit met lauwwarm water omdat heet water de huid prikkelt.

Aan de slag…

Maak de opdrachten 16 t/m 20.


Klaar? Roep je docent bij je!




Haar in goede conditie

  • Een goede conditie van het haar wil zeggen veerkrachtig, sterk en glanzend haar.

  • Juiste verzorging is belangrijk!

  • Haar kun je laten glanzen als je het gaat kammen en borstelen. Het haar gaat glanzen omdat het licht weerkaatst tegen de buitenste laag van het haar.

Beschadigd haar

  • Beschadigd haar glanst minder (of niet).

  • Beschadigingen kunnen ontstaan door:

  • chemische stoffen in haarverzorgings-producten en haarverf.

  • het gebruik van een krultang of stijltang.

  • zonlicht. Het licht breekt het eiwit (keratine) waaruit de haren zijn opgebouwd af.

  • Laat het haar regelmatig ‘bijpunten’. Dat zorgt ervoor dat de haarpunten niet droog en springerig worden.

Gespleten haarpunten

Soorten shampoo

  • Basis shampoo: Een shampoo die iedereen kan gebruiken met een milde reinigende functie.

  • Verzorgende & beschermende shampoo: Naast shampoo bevat dit product vaak ook een conditioner voor extra verzorging.

  • Intensief reinigende shampoo: Reinigt minder mild en is vooral bedoeld om vettige producten zoals bijvoorbeeld wax uit het haar te verwijderen.

  • Antiroos shampoo: Deze shampoo bevat stoffen die de hoofdhuid verzorgen waardoor er minder kans is op roos (huidschilfers).

  • Volume shampoo: Voor mensen die dun haar hebben. Deze shampoo reinigt niet alle delen van het haar waardoor het haar dikker/voller lijkt.


Soorten conditioner

Een conditioner verzorgt en voedt het haar.

Er zijn verschillende soorten conditioner:

  • Vochtinbrengende conditioner: Voor droog en breekbaar haar. Vocht wordt opgenomen en vastgehouden door het haar

  • Acidiver: Voor geverfd haar. Door de hoge zuurgraad blijft de haarkleur langer mooi en gaat het haar glanzen.

  • Ontklittende conditioner: Voor droog haar. Zorgt ervoor dat er een laagje om het haar komt te liggen, zodat het haar glad en makkelijk door te borstelen wordt.

Soorten conditioner

  • Versterkende conditioner
    Voor beschadigd, slap en futloos haar. In deze conditioner zit keratine en dit versterkt het haar.

  • Conditioner voor volume
    Voor dun en slap haar. Deze conditioner bevat siliconen die om je haar komen te liggen. Je haar wordt daardoor dikker en je krijgt meer volume. Het nadeel is dat deze conditioner moeilijk te verwijderen is met shampoo.

Aan de slag…

Maak de opdrachten 21 t/m 31.


Klaar? Roep je docent bij je.


Stylingsproducten

  • Haarmousse: Schuim. Werkt verstevigend. Alleen gebruiken op nat of handdoekdroog haar.

  • Haarlak: Een vloeistof in een spuitbus die zorgt dat het haar in model blijft zitten. Je gebruikt haarspray op droog haar.

  • Gel: Glibberige substantie. Te gebruiken op droog haar. Na aanbrengen gel is kammen lastig.

  • Wax: Vettige substantie. Als je het warm wrijft tussen je handen wordt het een beetje olieachtig. Te gebruiken op droog haar.


Stijlen met stijltang / krultang / föhn

  • Vaak je haar stijlen met een krultang of een stijltang is niet zo goed voor je haar.

  • Een stijl- of krultang moet je nooit gebruiken op nat haar.

  • Voordat je gaat stijlen, behandel je het haar eerst met een hittebeschermer.

  • Op welke tempratuur je een stijl of krultang moet zetten, hangt af van het haartype.
    Stug haar of krullen 180 tot 230 graden.
    Geverfd, dun of beschadigd haar zo laag mogelijke temperatuur.

  • Wanneer je het haar föhnt, geeft dat het haar extra volume en glans.

  • Zet de föhn niet te heet want dit kan het haar van de klant beschadigen.

Aan de slag…

Maak de opdrachten 32 t/m 35.


Maak de reflectievragen 36 t/m 41.


Klaar? Vraag je docent.




Evaluatie

Zijn de lesdoelen behaald?

Aan het einde van de les weet jij:

  • Waar je op moet letten tijdens het voeren van een telefoongesprek.

  • Hoe je klant ontvangt.

  • Uit welke onderdelen haren bestaan.


Wat vind je van deze methode?



Vooruitblik

komende les gaan we verder met de Kaart A1



Check-out