Superbestuiver

.
Superbestuiver
1 / 22
next
Slide 1: Slide
WereldoriëntatieBasisschoolGroep 5,6

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Nachtvlinders of motten zijn nuttige insecten en blijken, net zoals bijen, fantastische bestuivers te zijn. Ze verdienen meer waardering én bescherming, vinden onderzoekers van de Universiteit van Sheffield. De mot is dus eigenlijk net zo belangrijk als de bij! Daar lezen en leren de leerlingen over tijdens de startles. Maar hoe zit dat eigenlijk met de bestuiving van bloemen? Hoe werkt dat precies? Dat leren ze met de verdiepende les.

Items in this lesson

.
Superbestuiver

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Rara wat zie je op deze foto?

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Zie jij het al?

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

En nu?

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Kijk maar goed!

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Jaaa, je ziet een mot!

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Vragenmuur
Wat zou jij willen weten over 
de mot? Schrijf jouw vragen op en plak ze op de vragenmuur.

Slide 7 - Slide

Eigen leervragen
De leerlingen formuleren eigen leervragen over het onderwerp. De vragen worden opgeschreven op een papiertje en op de vragenmuur geplakt. Zodra een vraag is beantwoord, wordt hij verplaatst naar de weetmuur.
Wereldoriëntatie

Na deze les:
  • kan ik uitleggen waarom motten belangrijk zijn. 
  • weet ik dat motten net zoveel bestuiven als bijen. 
Lesdoelen
Woordenschat

  • Na deze les begrijp ik de belangrijke woorden uit de tekst.

Taal - begrijpend lezen

  • Na deze les kan ik in het kort vertellen waar de tekst Superbestuiver over gaat. 

Slide 8 - Slide

Lesdoelen
Bespreek de lesdoelen met uw leerlingen.
Moeilijke woorden uit de tekst
de bestuiving
<div><b>de bestuiving</b></div><div><span style="color:rgb(189, 189, 189)">zelfstandig naamwoord</span><br /></div><div><div>Het overbrengen van stuifmeel op de stamper van een bloem.</div><div><i>Bijen zorgen het meest voor de <u>bestuiving</u> van planten.&nbsp;</i></div></div>
het eiwit
<div><b>het eiwit</b></div><div><span style="color:rgb(189, 189, 189)">zelfstandig naamwoord</span><br /></div><div>Voedingstof die je nodig hebt als bouwstof voor lichaamscellen.</div><div><i>In deze producten zit veel <u>eiwit</u>.</i></div>
het gehalte
<div><b>het gehalte</b></div><div><span style="color:rgb(189, 189, 189)">zelfstandig naamwoord</span></div><div>Hoeveelheid van iets in een mengsel.</div><div><i>Het eiwit<u>gehalte</u> in kip is erg hoog.</i></div>

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Lezen met de pen in de hand
Tijdens het lezen wil je blijven nadenken. Begrijp ik de tekst nog? Waar doet mij dit aan denken? Wat zie ik voor mij? Wat bedoelt de schrijver hier? Het maken van aantekeningen helpt ons hierbij! Schrijven jullie mee in de kantlijn van de tekst?

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Het nieuws
Lees de tekst en arceer de woorden die je nog niet goed begrijpt geel. 

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Woordenschat
eten
het ontbijt
de lunch
het diner
Ga op zoek naar de betekenis van de woorden die jij had gearceerd. De hulpkaart kan je hierbij helpen. Horen er woorden bij elkaar? Maak dan een woordparaplu, -kast of -trap.
timer
5:00
groot
klein
muis
olifant
Hulpkaart
woordparaplu
woordtrap
woordkast

Slide 12 - Slide

Woordenschat
Bespreek de belangrijke woorden met uw leerlingen. De hulpkaart kan helpen om achter de betekenis van de woorden te komen. In hun projectschrift noteren de leerlingen de betekenis van de woorden die ze nog niet kenden.
.
Waarom eten de larfjes van en kledingmot sommige kledingstukken?
Heb jij het goed begrepen? Test je kennis!

Slide 13 - Open question

Antwoord: Daar zitten eiwitten in (in dierlijke stoffen zoals wol en leer). 
.
Waar lees je het antwoord op de vraag: 
Op welke manier deden wetenschappers onderzoek? 
Heb jij het goed begrepen?
A
Veel mensen hebben ... t/m ... in kleding bijten.
B
Maar er zijn ... t/m ... ontdekten Britse wetenschappers.
C
Ze bestuiven zelfs ... t/m ... de mot bedreigd.
D
Dat staat niet in de tekst.

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

Heb jij het  goed begrepen?
Test je kennis!
Is de uitspraak van Scoop WAAR of NIET WAAR?
Sleep het vinkje of het kruisje!
Motten zorgen voor meer dan de helft van de bestuiving van planten en bomen. 

Slide 15 - Drag question

This item has no instructions

.
Lees: ... en houden van andere planten dan de bij. 
Waarom is dat een voordeel? 
Heb jij het goed begrepen? Test je kennis!

Slide 16 - Open question

Antwoord: Dan kunnen veel verschillende soorten planten en bomen groeien. Goed voor de biodiversiteit. 
.
Lees: ... net als zijn bijen-collega. 
Wat kun je hieruit afleiden? 
Heb jij het goed begrepen? Test je kennis!

Slide 17 - Open question

Antwoord: Dat de bij een beschermd diersoort is. 
Verwerking
Kies één van deze opdrachten:
ekijk de dierenpaspoorten op pagina 12 en 13. Jij mag een paspoort
maken voor de mot. Doe het op dezelfde manier en maak het in je
projectschrift. 
De mot verdient een betere naam. Op welke manier kan daarvoor
gezorgd worden? 
Bedenk een
manier en maak het in je
projectschrift.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Wereldoriëntatie

Na deze les:
  • kan ik uitleggen waarom motten belangrijk zijn. 
  • weet ik dat motten net zoveel bestuiven als bijen. 
Terugkoppeling lesdoelen
Woordenschat

  • Na deze les begrijp ik de belangrijke woorden uit de tekst.

Taal - begrijpend lezen

  • Na deze les kan ik in het kort vertellen waar de tekst Superbestuiver over gaat. 

Slide 19 - Slide

Lesdoelen
Bespreek de lesdoelen met uw leerlingen.
Vragenmuur & Weetmuur
  • Welke vragen zijn al beantwoord? Verplaats deze naar de weetmuur. 
  • Op welke vragen hoop je de volgende les antwoord te krijgen? 
  • Zijn er tijdens deze les nieuwe vragen in je opgekomen?

Slide 20 - Slide

Vragenmuur & weetmuur
Bekijk samen met de leerlingen de vragenmuur. Zijn er al vragen beantwoord? Verplaats die vragen naar de weetmuur. Zijn er tijdens deze les nieuwe vragen ontstaan?
Afsluiting
Wat heb jij geleerd over de mot?
Vertel het in je tafelgroepje.

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Tot de volgende keer!

Slide 22 - Slide

This item has no instructions