Normen en waarden
Normen en waarden
leerdoelen
Aan het einde van de les kun je het verschil tussen een norm en een waarde benoemen.
Aan het einde van de les kun je benoemen wat de normen en waarden van je klasgenoten zijn.
Wat denk je dat normen en waarden zijn?
Van wie leer je normen en waarden? :
Vrienden
Thuis
Door je geloof
Door de overheid
Normen: gedragsregels
Regels
De belangrijkste normen zijn de wetten.
Normen
> Normen zijn gedragsregels
Waarde = respect Norm = opstaan voor ouderen
Waarde = beleefdheid Norm = deur openhouden
Waarden:
Iets wat we zelf belangrijk vinden.
Bijvoorbeeld: vrijheid en gelijkheid
Wat een groep mensen belangrijk vinden.
Daar horen regels bij.
Norm:
Norm: Iedereen die een bouwplaats betreedt, moet een helm dragen
U wordt verzocht afstand te houden op uw voorganger (bij een balie bij een bank bijvoorbeeld).
Waarde:
Waarde: Veiligheid.
Waarde:
Privacy
Waarde Respect
Norm regels
Norm: In een gesprek laat je elkaar uitpraten.
Norm: Je pest niet.
Norm: Je spreekt oudere mensen met āuā aan.
Norm: Je hebt waardering voor het werk van hulpverleners.
Norm: Je zorgt goed voor dieren
Norm of waarde? Vriendelijkheid
Norm
Waarde
Norm of waarde?: Vrijheid
Norm
Waarde
Norm of Waarde? Je moet handen schudden tijdens een sollicitatie.
Norm
Waarde
Normen en waarden zijn cultuurkenmerken. Wat zijn normen?
Gedragsregels.
Opvattingen over wat belangrijk is.
Straffen.
Beloningen.
Werkveld
Rekening houden met normen en waarden.
Je werkt met meerdere normen en waarden samen.
Iedereen heeft andere normen en waarden.
Normen en Waarden
Waarden
Normen
Opdracht
Welke normen en waarden vinden jullie belangrijk.
Overleg in een groepje en presenteer dit.