§1.4 verschillen in de wereld deel 1 en 2

§1.4 verschillen in de wereld
1 / 24
next
Slide 1: Slide
Mens & MaatschappijMiddelbare schoolvmbo t, mavoLeerjaar 1

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

§1.4 verschillen in de wereld

Slide 1 - Slide

Lesplanning 

Mededelingen: volgende week is de toets

Uitleg van §1.4 verschillen in de wereld deel 1

Maak van §1.4 verschillen in de wereld vraag 1 t/m 4

Lesdoelencheck

Vooruitblik op de volgende les

Slide 2 - Slide

Lesdoelen van 1.4
  1. Benoem wat de omstandigheden zijn in ontwikkelingslanden
  2. Waaraan kun je zien dat een armland rijker word?
  3. Welke 3 groepen landen kun je onderscheiden?
  4. Leg aan de hand van een voorbeeld, 1 van de 2 soorten ongelijkheid uit.

Slide 3 - Slide

Wat zijn de vijf basisbehoeften van een mens?

Slide 4 - Open question

Als er veel welvaart is in een land, is ook de rijkdom groot.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 5 - Quiz

Sleep naar de juiste plek
In rijke landen hebben mensen meer dan genoeg geld voor hun basisbehoeften.

In rijke landen is veel rijkdom of

In arme landen is veel

Deze mensen hebben niet genoeg geld voor hun
welvaart
basisbehoeften
armoede

Slide 6 - Drag question

Welvaart gaat om de levensomstandigheden van een land.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 7 - Quiz

Ontwikkelingsland
Landen in ontwikkeling:
  • de welvaart groeit langzaam
  • het voedsel is vaak eenzijdig en het drinkwater onbetrouwbaar
  • de gezondheidszorg is niet zo goed
  • het onderwijs is niet goed


Slide 8 - Slide

Slide 9 - Video

Wat zijn ontwikkelingslanden?

Slide 10 - Open question

De welvaart groeit langzaam
Waaraan kun je die groei zien?
  • het aantal mensen met honger daalt
  • het aantal eenjarigen dat een vaccinatie krijgt groeit
  • steeds meer mensen kunnen lezen en schrijven

Slide 11 - Slide

Dat de welvaart groeit in een land kan je zien aan dat de vaccinatie bij eenjarigen groeit.
Kun jij een ander voorbeeld noemen?

Slide 12 - Open question

3 groepen landen 
Koplopers
Deze landen zijn ontwikkeld en rijk.
-Verenigde staten
-Nederland
-Denemarken
Volgers
Landen die rijk aan het worden zijn.
-India
-China

Achterblijvers
De armste landen
Veel landen in Afrika:
-Nigeria
-Somalie

Slide 13 - Slide

Koplopers
Volgers
Achterblijvers
Nederland
Somalië
China
India
Australië
Ivoorkust
Deze landen zijn ontwikkeld en rijk.
Landen die rijk aan het worden zijn.
De armste landen.

Slide 14 - Drag question

Huiswerk 
Maak opdracht 1 t/m 4 (vanaf blz. 33)
Leer de begrippen van cursus 1.4 

Volgende week is het proefwerk over H1 Arm en rijk

Slide 15 - Slide

Beroepsbevolking
Als je werk zoekt of werk hebt, hoor je bij de beroepsbevolking.

Nederland: 7 op de 10 mensen

Slide 16 - Slide

De beroepsbevolking werkt in 3 sectoren:

Slide 17 - Slide

Bij welk deel van de beroepsbevolking horen de beroepen?
Landbouw
Industrie
Diensten

Slide 18 - Drag question

Drie groepen landen
1. Koplopers - Ontwikkelde landen --> veel diensten
2. Volgers - Landen die rijker worden --> veel industrie
3. achterblijvers - De armste landen --> veel landbouw

Slide 19 - Slide

Koplopers
Volgers
Achterblijvers
Nederland
Brazilië
Nigeria

Slide 20 - Slide

Ongelijkheid
In Mexico wonen rijke mensen en hele arme mensen. Het verschil in welvaart tussen mensen noem je sociale ongelijkheid.

 De verschillen in inkomen tussen rijke en arme gebieden in een land noem je regionale ongelijkheid:
  • tussen de wijken van steden
  • tussen de steden en het platteland
  • tussen provincies 





Slide 21 - Slide

Slide 22 - Video

Aan het werk
Wat: lees en maak van §1.4 verschillen in de wereld vraag 5 t/m 10 vanaf blz. 35

Wanneer: deze les, en wanneer je het niet af krijgt, thuis afmaken!

Hulp:   tekst, lees goed!
              buurman/buurvrouw naast je
              de docent

Klaar: leer alvast voor de toets of maak de herhalingsopdrachten

Tijd: de rest van de les

Slide 23 - Slide

Lesdoelencheck 1.4
  1. Benoem wat de omstandigheden zijn in ontwikkelingslanden
  2. Waaraan kun je zien dat een armland rijker word?
  3. Welke 3 groepen landen kun je onderscheiden?
  4. Leg aan de hand van een voorbeeld 1 van de 2 soorten ongelijkheid uit.

Slide 24 - Slide