Les 2 examen F Coördinerende taken, prioriteiten stellen en netwerken

1 / 24
next
Slide 1: Slide
Pedagogisch werkMBOStudiejaar 2

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Lesdoelen
De student kan benoemen wat coördineren betekent. 
De student kan benoemen wat netwerken betekent. 
De student weet hoe hij de opdracht prioriteiten stellen kan behalen.

Slide 2 - Slide

Vandaag
Wat is coördineren?
Wat is prioriteiten stellen?
Wat is netwerken?

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Coördineren

Slide 5 - Mind map

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Coördinerende taken op de kinderopvang of BSO

Slide 8 - Open question

De taken
Bij coördinerende taken binnen de kinderopvang kun je denken aan het maken van roosters en planningen, het stellen en organiseren van prioriteiten, het leidinggeven aan een team en het bespreken en/of coachen van het functioneren van collega’s.

Slide 9 - Slide

Waarom prioriteiten stellen?

Wat is het doel van deze kennis
 of waarom is prioriteiten stellen zo belangrijk?
Wat is jouw mening?

Slide 10 - Slide

Planning en prioriteiten
Een goede planning is de basis van timemanagement
Hoe zorg ik ervoor dat wij alle gestelde doelen ,et de kinderen behalen?
Wat kan ik zelf en wat kan ik uitbesteden.  

>Verschil tussen hoofd/bijzaken
Hoofdzaken hoge prioriteit (eerst) 
Bijzaken lage prioriteit
Maak 2do lijstjes

Prioriteit 1: Lage inspanning - Hoog resultaat
Prioriteit 2: Hoge inspanning - Hoog resultaat
Prioriteit 3: Lage inspanning - Laag resultaat
Prioriteit 4: Hoge inspanning - Laag resultaat




Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Netwerk(en)

Slide 13 - Mind map

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide

Ik weet wat coördineren betekent
A
Ja
B
Nee nog niet echt

Slide 22 - Quiz

Ik weet wat een netwerk is en wat netwerken betekent
A
Ja
B
Nee nog niet echt

Slide 23 - Quiz

Ik weet wat ik moet doen om leereenheid 18B te behalen.
A
Ja
B
Nee, maar het komt goed.
C
Ja, maar ik weet niet of het gaat lukken.
D
Nee, het gaat nooit goedkomen.

Slide 24 - Quiz