(2 kader) 1.6 Je gezondheid: wetten, regels en hulp

1.6 Wetten, regels en hulp
1 / 19
next
Slide 1: Slide
Biologie / VerzorgingMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 2

This lesson contains 19 slides, with text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

1.6 Wetten, regels en hulp

Slide 1 - Slide

wat gaan we vandaag doen?
korte herhaling vorige les
nieuwe theorie: 1.6 wetten, regels en hulp
zelf aan de slag

--> Afronden van thema 1:
S.O. thema 1 - 10 oktober paragraaf 1.1 t/m 1.6
Presentatie over verslaving - 17 oktober

Slide 2 - Slide

1.5 Drugs
Sommige mensen kunnen niet stoppen met drugs gebruiken. Ze zijn dan verslaafd.

Als een verslaafde de drugs niet gebruikt, voelt hij zich ziek.
Zijn lichaam kan niet meer zonder de drugs.

Slide 3 - Slide

Verslaafd: 
Je kunt niet stoppen met een genotmiddel
Lichamelijk verslaafd: 
Als je stopt met een genotmiddel krijg je lichamelijke klachten.
Dit zijn afkickverschijnselen, zoals hoofdpijn, trillen en zweten.
Je lichaam wil eigenlijk niet zonder het middel.
 
Geestelijk verslaafd.
Je denkt dat je niet zonder genotmiddel kan. Je voelt je niet prettig.
Je kunt alleen maar aan het genotmiddel denken.

Sociaal verslaafd.
Je mist het contact met de mensen met wie je een genotmiddel gebruikt.

Slide 4 - Slide

1.6 Wetten, regels en hulp
Als je wil stoppen met drugs en je hebt hulp nodig:
- huisarts
- GGZ (Geestelijke Gezondheidszorg)

als je wil stoppen met roken en je hebt hulp nodig:
- huisarts
- pleisters, kauwgom en pillen

Slide 5 - Slide

nieuw: 1.6 Wetten, regels en hulp
In de wet staat wat je wel en niet mag doen.
Iedereen moet zich aan de wet houden.

We gaan vandaag kijken wat de wet zegt over alcohol, roken en drugs.

Slide 6 - Slide

1.6 Wetten, regels en hulp
Wat zegt de wet over alcohol?
- Tot je 18e mag je geen alcohol kopen of bij je hebben
- als je alcohol wil kopen, moet je je ID laten zien
- met teveel alcohol op mag je niet deelnemen aan het verkeer --> tunneleffect
- volwassen bestuurders mogen maximaal 0,5 promille alcohol in hun bloed hebben
- mensen die net hun rijbewijs hebben, mogen maar 0,1 promille alcohol in hun bloed hebben
(1 promille is een duizendste deel)


Slide 7 - Slide

Slide 8 - Video

Alcohol en de wet
Alcohol en de wet:
Drank en Horecawet:
onder de 18 jaar mag je geen alcohol kopen en geen drank bij je hebben

Wegenverkeerswet: regels over alcohol in het verkeer
- een bestuurder mag tot 0,5 promille in zijn bloed hebben
- beginnende bestuurders mogen tot 0,2 promille in hun bloed hebben

Mediawet:
- geen reclame voor alcohol tussen 6.00 uur en 21.00 uur



Slide 9 - Slide

Tabakswet
Wat zegt de wet over roken?
- je mag pas tabak kopen als je 18 jaar bent
- je moet je ID laten zien als je tabak wil kopen
- je mag niet roken in openbare ruimten
- voor tabak mag op radio en tv geen reclame worden gemaakt
- op de verpakking van tabak moet een waarschuwing staan dat het slecht is voor je gezondheid




Slide 10 - Slide

Opiumwet
Wat zegt de wet over drugs?
- je mag geen drugs bij je hebben, maken of verkopen
- sommige drugs worden gedoogd: ze zijn verboden, maar je wordt niet gestraft als je ze gebruikt en als je een kleine hoeveelheid bij je hebt
- je mag alleen cannabis in een coffeeshop kopen als je in Nederland woont



Slide 11 - Slide

1.6 Wetten, regels en hulp
informatie over drugsgebruik:
- Trimbos-instituut (website)
- JIP (Jongeren Informatie Punt): informatie over drugs
- huisarts
- mentor
- schoolarts
- vertrouwensarts op school

Slide 12 - Slide

VRAGEN??

Slide 13 - Slide

Pak je laptop erbij
Maken 1.6 Wetten, regels en hulp 
--> opdrachten 38 t/m 42

--> Klaar? 
Verwerkingsopdracht drugs maken.



Klascode: 
2K1  550695 
2K2 866451
2K3 154206

Slide 14 - Slide

Volgende week:
Paragraaf 1.6, 1.7 & 1.8 
- Verzorging: Zelfzorg & professionele zorg
Vergeet je laptop niet voor deze les anders --> MV
Huiswerk: paragraaf 1.4 Roken opdrachten --> 28 t/m 31
                      paragraaf 1.5 Drugs opdrachten --> 33 t/m 37 
                
-->  uiterste inleverdatum opdracht alcohol & roken
                     





Slide 15 - Slide

1.5 Drugs
drugs = stoffen waardoor je gevoelens en gedrag veranderen

Er zijn verschillende soorten drugs:
- verdovende middelen (ontspannen, slaperig): heroine, GHB en slaapmiddelen
- stimulerende middelen (wakker, actief): cocaine en XTC
- bewustzijnsveranderende middelen (hallucineren): cannabis en paddo's



Slide 16 - Slide

1.5 Drugs
cannabis:
- wiet of hasj
- werken verdovend: je wordt er relaxed van
- kan hallucinerend werken
- verslavend
- kan leefstijlziekten veroorzaken
- kan er minder vruchtbaar van worden

Slide 17 - Slide

1.5 Drugs
XTC:
- meestal pillen
- geeft energie: je lichaam wordt moe, maar je merkt het niet
- uitputting/bewusteloosheid
- kan verslavend zijn
- slecht voor je hersenen
- soms schadelijke stoffen in pillen (laat het testen!!)


Slide 18 - Slide

Slide 19 - Video