Contesta a estas preguntas con tu compañero/a de clase en holandés hablando:
1. Welke twee Spaanse sporters waren vorige week wereldnieuws?
2. Noem de 4 bepaalde lidwoorden in het Spaans?
3. Noem 2 vrouwelijke woorden en 1 uitzondering op de regel.
4. Noem 2 mannelijke woorden en 1 uitzondering op de regel.
5. Hoe maak je het meervoud bij casa? En bij ordenador?
6. Hoe begin je een gesprekje in het Spaans? En welke 2 Spaanse vragen kun je erbij bedenken?