SE H11 (Verkeer en Veiligheid)

Voortstuwende kracht
Wrijvingskracht
Spierkracht
Tegenwerkende kracht
Weerstand
1 / 20
next
Slide 1: Drag question
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Voortstuwende kracht
Wrijvingskracht
Spierkracht
Tegenwerkende kracht
Weerstand

Slide 1 - Drag question

Welk begrip hoort
bij deze afbeelding?
A
Vertraging
B
Weerstand
C
Traagheid
D
Arbeid

Slide 2 - Quiz

Als de voortstuwende kracht kleiner is dan de tegenwerkende kracht is de beweging:
A
Constant
B
Versneld
C
Vertraagd
D
Achteruit

Slide 3 - Quiz

Als de voortstuwende kracht groter is dan de tegenwerkende kracht is de beweging:
A
Versneld
B
Achteruit
C
Vertraagd
D
Constant

Slide 4 - Quiz

Een verhuizer duwt met 400N tegen een kast van 120kg. De kast komt niet van zijn plaats. Hoe groot is de Nettokracht?
A
400N
B
0N
C
1200N
D
48000N

Slide 5 - Quiz

Een auto van 1000kg remt af met een vertraging van 2m/s2. Hoe groot is de remkracht?
A
2000N
B
500N
C
4000N
D
250N

Slide 6 - Quiz

Om een kar vooruit te trekken moet een paard energie leveren. Hoe wordt deze energie genoemd?
A
Spierkracht
B
Spierenergie
C
Arbeid
D
Voortstuwende energie

Slide 7 - Quiz

Een Joule is gelijk aan een .......
A
N/kg
B
N/m
C
m/N
D
Nm

Slide 8 - Quiz

Verbind de juiste grootheden met de juiste eenheden.
Druk (p)
gravitatie
constante (g)
Arbeid (W)
N/m2
Nm
N/kg

Slide 9 - Drag question

Een lift beweegt versnelt omhoog.
Een lift beweegt naar beneden met constante snelheid
Fz > Fspan
Fz = Fspan
Fspan > Fz

Slide 10 - Drag question

Een lift hangt stil
Een lift beweegt versnelt omlaag.
Fz > Fspan
Fz = Fspan
Fspan > Fz

Slide 11 - Drag question

Een kraan moet 0,8kN leveren om een kist 4m op te tillen. Hoe groot is de geleverde Arbeid?
A
200J
B
3200J
C
0,2J
D
3,2J

Slide 12 - Quiz

Een mier tilt een blaadje 4mm omhoog met een kracht van 0,002N
Hoe groot is de geleverde Arbeid?
A
0,000 008J
B
0,008J
C
0,000 08J
D
0,000 8J

Slide 13 - Quiz

Goed
Fout
F = m * a
W = F / s
W = F * s
F = m / a
W = F * a
F = m * s

Slide 14 - Drag question

Hoe langer de remweg, hoe ....... de kracht bij een botsing.
A
groter
B
kleiner

Slide 15 - Quiz

De ....... van een auto deukt in bij een botsing. Noteer het juiste woord.

Slide 16 - Open question

Wat is geen functie van een veiligheidsgordel?
A
Je remweg verlengen
B
De oppervlakte van de kracht vergroten
C
Voorkomen dat je uit de auto vliegt.
D
Zorgen dat je sneller stil staat.

Slide 17 - Quiz

Welke energiesoort heeft de bal bovenaan de helling en vlak voordat hij de grond raak? 
Arbeid
Warmte
Chemische energie
kinetische energie
Zwaarteenergie

Slide 18 - Drag question

Je staat in een bus. Als de bus hard remt, val je naar voren. Welk natuurkundig begrip veroorzaakt dit?

Slide 19 - Open question

Een auto met aanhanger rijdt rechtdoor met hoge snelheid over de weg. De auto wijkt plotseling uit naar links waardoor de aanhanger vlak voor de bocht los komt.  Waar komt de aanhanger terecht? 
A
B
C
D

Slide 20 - Drag question