This lesson contains 32 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.
Lesson duration is: 50 min
Report this lesson
Items in this lesson
animal rationale
homo sapiens
Slide 1 - Slide
Samenvatting deel 1
'De mens is een dier dat kan denken'
Slide 2 - Slide
Uil van Minerva
Slide 3 - Open question
Cognitieve kenvermogens
Doel:
Je kunt de cognitieve kenvermogens uitleggen, van elkaar onderscheiden en er voorbeelden van geven.
(G.docs. we nemen ze samen even door)
Slide 4 - Slide
Welk kenvermogen past het best bij de beschrijving?
Jezelf losmaken van directe impulsen en driften en een beschouwend perspectief innemen.
Slide 5 - Open question
Naast geluiden ook gebruik maken van tekens om elkaar iets duidelijk te maken.
Slide 6 - Open question
In gedachten een bepaald afstandsperspectief innemen, waarin je jezelf, de ruimte en dat wat er gebeurt, voor je ziet.
Slide 7 - Open question
Het logisch nadenken om zaken af te wegen en keuzes te maken. Daarnaast verklaringen bedenken voor verschijnselen.
Slide 8 - Open question
Het ervaren van een 'jezelf zijn' en daarnaast dit 'zelf' ook kunnen plaatsen ten opzichte van anderen en dingen in de buitenwereld.
Slide 9 - Open question
De ruimte die er in je denken is om je van meerdere zaken tegelijk bewust te zijn.
Slide 10 - Open question
animal rationale
homo sapiens
Is een denkend dier zijn, een noodzakelijke of een voldoende voorwaarde voor mens-zijn?
Slide 11 - Slide
Is een denkend dier zijn een noodzakelijke of een voldoende voorwaarde voor mens-zijn?
A
noodzakelijke voorwaarde
B
voldoende voorwaarde
C
beide
D
geen van beide
Slide 12 - Quiz
6 kenvermogens
Slide 13 - Slide
Voorbeeld: In een hockeywedstrijd ga je op in een actie door iemand uit te spelen maar tegelijk weet je al wat de volgende zetten kunnen zijn.
Slide 14 - Open question
Voorbeeld: Als je WIDM kijkt ben je meestal al overtuigd van wie de mol is, maar toch houd je je ogen open voor eventuele andere mollen.
Slide 15 - Open question
Voorbeeld: je geliefde overlijdt; eerst moet er een uitvaart geregeld worden. Daarna ga je nadenken waarom zoiets nou kan gebeuren. Waarom is jouw geliefde dood gegaan?
Slide 16 - Open question
voorbeeld: het wakker worden uit een halfslaap. Droomde ik dit nu of is het echt aan het gebeuren?
Slide 17 - Open question
Voorbeeld: hoe kunnen wij nou weten wat de Egyptenaren bedoelden met de hiërogliefen?
Slide 18 - Open question
Voorbeeld: Ik rijd s'nachts over een uitgestorven snelweg. Het lijkt alsof ik de enige mens op de wereld ben, die nu in een auto aan het rijden is.
Slide 19 - Open question
Er staat een hakenkruis op het bord.. Of is het een swastika?
Slide 20 - Open question
Aan de slag!
Hoe ga jij de 6 kenvermogens uit elkaar houden?
Opdracht 1.2
Bedenk bij ieder cognitief vermogen een voorbeeld waaruit blijkt dat het zo is. (Houd het voorbeeld even voor jezelf)
Slide 21 - Slide
OPDRACHT
Ga staan.
Loop naar iemand toe die een ander nummer heeft.
Geef een persoonlijke voorbeeld van een gekozen kenvermogen.
Kan de ander raden welke kenvermogen bij jouw voorbeeld past?
Draai daarna de rollen om.
Doe dit 3 rondes met iemand met een ander cijfer.
Slide 22 - Slide
Welke tip kan jij bedenken om deze vermogens uit elkaar te houden?
Slide 23 - Open question
Wij zijn de animal rationale - zoion logon echon - homo sapiens... Wat is de voornaamste reden waarom de mens zo wordt genoemd?
Slide 24 - Open question
Hoe komen wij tot een antwoord op de vraag: wat is een mens?
Hoe komen wij tot een antwoord op de vraag: wat is een mens?
1. Door mensen met elkaar te vergelijken.
Of ...
2. Door mensen met andere levende wezens te vergelijken.
Slide 26 - Slide
KIJK-OPDRACHT
Wat valt je op?
Noteer even op een los blaadje zoveel mogelijk overeenkomsten en verschillen tussen mens en dier.
Slide 27 - Slide
Slide 28 - Video
overeenkomsten
Slide 29 - Open question
verschillen
Slide 30 - Open question
Geef een voorbeeld van een techniek die door de mens is gemaakt, maar die ook de mens maakt zoals hij is. Leg goed uit hoe dit twee kanten op werkt.
Slide 31 - Open question
Leg nu in je eigen woorden uitgebreid uit wat excentrische positionaliteit inhoudt. Vergelijk in je uitleg de menselijke zijnswijze met die van een dier en een levenloos object.