Techniek: Waarvoor gebruik je gereedschap!

Gereedschap herkennen
1 / 47
next
Slide 1: Slide
TechniekVoortgezet speciaal onderwijsMiddelbare schoolhavoLeerroute HLeerjaar 1

This lesson contains 47 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Gereedschap herkennen

Slide 1 - Slide

Waarvoor gebruik je deze moersleutel?
A
bouten los draaien
B
bouten vast draaien
C
bouten en moeren los of vast draaien
D
moeren vast draaien

Slide 2 - Quiz

Wat is dit voor een gereedschap?
A
Houtklem
B
Lijmklem
C
Beugelklem
D
Figuurzaaghouder

Slide 3 - Quiz

Waarvoor dient dit gereedschap?
A
Werkstuk vastklemmen
B
Om te meten
C
Moeren losdraaien
D
Figuurzaag klemmen

Slide 4 - Quiz

Wat is dit voor een machine?
A
Decoupeerzaag
B
Cirkelzaag
C
Tafel cirkelzaag
D
Motorzaag

Slide 5 - Quiz

Waarvoor dient deze machine?
A
Latten doorzagen
B
Plaatmateriaal recht zagen
C
Figuren zagen in plaatmateriaal
D
Staalplaten op maat zagen

Slide 6 - Quiz


A
Figuurzaag
B
Cirkelzaag
C
Metaalzaag
D
Kapzaag

Slide 7 - Quiz

Wat is dit voor een hulpmiddel?
A
Meetgereedschap
B
Verstekbak
C
Houten bak
D
Balken klem

Slide 8 - Quiz

Wat is dit voor een zaag?
A
Ketting zaag
B
Afkort zaag
C
Cirkel zaag
D
Staal zaag

Slide 9 - Quiz

Waarvoor gebruik je deze zaag?
A
Hout zagen
B
IJzer zagen
C
Latten afkorten
D
Plastic zagen

Slide 10 - Quiz

welke gereedschappen zijn dit?


timer
0:30
A
Figuurzaag - kapzaag - ijzerzaag
B
Figuurzaag - handzaag - ijzerzaag
C
Cirkelzaag - kapzaag - ijzerzaag
D
Figuurzaag - kapzaag - decoupeerzaag

Slide 11 - Quiz

Welk gereedschap
zie je hier?
A
Handzaag
B
Verstekzaag
C
Figuurzaag
D
Bomenzaag

Slide 12 - Quiz

Waarvoor gebruik je een verstekzaag?

Slide 13 - Open question

Op het plaatje zie je een ?
A
Metaalzaag
B
Elektrische figuurzaag
C
Decoupeerzaag
D
Cirkelzaag

Slide 14 - Quiz

Hiernaast zie je een combinatietang. In deze tang zijn drie tangen gecombineerd. Welke hoort er niet bij?
A
Waterpomptang
B
Platbektang
C
Zijkniptang
D
Nijptang

Slide 15 - Quiz


Hoe heet deze tang?
A
Nijptang
B
Zijkniptang
C
Snijtang
D
Striptang

Slide 16 - Quiz

In welk beroep wordt
deze tang veel gebruikt?
A
Metaal bewerker
B
Timmerman/ vrouw
C
Elektricien
D
Lasser

Slide 17 - Quiz


A
Griptang
B
Nijptang
C
Blindklinktang
D
Rondbektang

Slide 18 - Quiz

Waarvoor wordt deze tang gebruikt?
A
Moeren losdraaien
B
Bouten doorknippen
C
Materiaal vast klemmen
D
Draad buigen

Slide 19 - Quiz

Wat is de naam van het gereedschap op de afbeelding?
A
Waterpomptang
B
Nijptang
C
Combinatietang
D
Zijkniptang

Slide 20 - Quiz

Hoe heet het afgebeelde gereedschap?
A
Nijptang
B
Combinatietang
C
Striptang
D
Platbektang

Slide 21 - Quiz

Waarvoor gebruik je dit gereedschap?
A
Spijkers uit hout halen
B
Installatiedraad strippen
C
Draad doorknippen
D
Houtschroeven indraaien

Slide 22 - Quiz

Dit is de afbeelding van een?
A
Griptang
B
Nijptang
C
Waterpomptang
D
Rondbektang

Slide 23 - Quiz

Waarvoor gebruik je deze tang?
A
Draad doorknippen en spijkers uit hout trekken
B
Draad door knippen en installatiedraad strippen
C
Draad doorknippen en draad buigen
D
Draad doorknippen en schroeven vastklemmen

Slide 24 - Quiz

Wat heeft een timmerman/vrouw allemaal nodig?
A
Hout, hamer, spijkers, schuurpapier.
B
Nijptang, waterpomptang
C
Bakstenen, cement, roffel en emmer
D
Schoffel, schep, gieter.

Slide 25 - Quiz

Wat is een andere naam voor een blokhaak?

Slide 26 - Open question

Wat is dit?
A
Blokhaak
B
Radio
C
Waterpas
D
Hoogte meter

Slide 27 - Quiz

Voor welk materiaal kun je deze vijlen gebruiken?
A
Metaal
B
Hout
C
Staal
D
Plexiglas

Slide 28 - Quiz

Hout kun je op verschillende manieren bewerken. Welke van de onderstaande manier is niet mogelijk?
A
Zagen
B
Vijlen
C
Boren
D
Lassen

Slide 29 - Quiz

Waarom schuur je eerst met korrel 80 en daarna pas met korrel 400?
A
Eerst schuren dan pas vijlen
B
Met de grovere korrel haal je al meer hout weg, met 400 krijg je nog gladder resultaat
C
Je begint eerst met korrel 400 dan pas korrel 80 voor een gladder resultaat
D
Hout mag je niet schuren

Slide 30 - Quiz

Waarvoor gebruik je dit gereedschap?
A
Draden aan elkaar verbinden met tin
B
Metaalplaaten aan elkaar verbinden met tin
C
Metaal lassen
D
Elketronica componenten solderen

Slide 31 - Quiz

Wat is dit voor een apparaat?
A
Nietmachine
B
Soldeerapparaat
C
Lasapparaat
D
Meetgereedschap

Slide 32 - Quiz

Bekijk de afbeelding.
A
Klauwhamer
B
Bankhamer
C
Rubberen Hamer
D
Blokhamer

Slide 33 - Quiz

Waarvoor gebruik je deze hamer?
A
Spijkers in hout slaan
B
Metaal bewerken
C
Op je vinger slaan
D
Metaal buizen krom slaan

Slide 34 - Quiz

Hoe heet deze hamer?
A
Bankhamer
B
Hamer
C
Klauw
D
Klauwhamer

Slide 35 - Quiz

Wie gebruikt vaak een klauwhamer?
A
Metaal bewerker
B
Tandarts
C
Elektricien
D
Timmerman/vrouw

Slide 36 - Quiz

Welk beroep wordt hier uitgebeeld?
A
Timmerman
B
Kleermaker
C
Metselaar
D
Smid

Slide 37 - Quiz

Iemand die elektriciteit aansluit noem je een elektricien?
A
Waar
B
Niet waar
C
Kan wel
D
Weet ik niet

Slide 38 - Quiz

Zijn deze schroevendraaiers geschikt voor een elektricien?
A
Nee, want deze schroevendraaiers zijn niet geisoleerd.
B
Maakt niet uit elke schroevendraaier set is geschikt.
C
Ja, deze schroevendraaiers zijn geisoleerd.
D
Nee, deze schroevendraaiers hebben de verkeerde kleur

Slide 39 - Quiz

Wat is dit ?
A
Platbektang
B
Rondbektang
C
Striptang
D
Punttang

Slide 40 - Quiz

Welke tang is dit?
A
Waterpomptang.
B
Combinatietang.
C
Snijkniptang.
D
Striptang.

Slide 41 - Quiz

Wat voor voorwerp
is dit?
A
Standbeeld
B
Aambeeld
C
Krukje voor de hoefsmid
D
Kunstwerk

Slide 42 - Quiz


In welk beroep gebruik je dit?
A
Hoefsmid
B
Elektricien
C
Lasser
D
Timmerman

Slide 43 - Quiz

Dit is een snelstriptang. Waarvoor gebruik je deze tang?
A
Snel draad strippen
B
Snel draad knippen
C
Snel draad buigen
D
Snel bouten knippen

Slide 44 - Quiz

Wat is dit?
A
Bout
B
Moer
C
Schroef
D
Spijker

Slide 45 - Quiz

Wat is dit?
A
Bout
B
Moer
C
Schroef
D
Spijker

Slide 46 - Quiz

Wat is dit?
A
Bout
B
Moer
C
Schroef
D
Spijker

Slide 47 - Quiz