Les 27 januari

Vandaag
Opwarmer
Het weer
Zinnen maken

1 / 29
next
Slide 1: Slide
NederlandsEnseignement Secondaire

This lesson contains 29 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Vandaag
Opwarmer
Het weer
Zinnen maken

Slide 1 - Slide

Opwarmer
https://stories.nos.nl/video/2599613-paniek-door-handschriften

Waar gaat het over?

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide




Het is bewolkt

Slide 4 - Slide



Het regent

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Het weer
Het is zonnig
Het is bewolkt
Het regent
Het is warm / heet
Het is koud
https://wordwall.net/nl/resource/100794736/nt2/nt2-het-weer

Slide 7 - Slide

Wat is de goede volgorde in een gewone zin?
werkwoord (persoonsvorm)
wie/wat
(onderwerp)
wat, waar, wanneer
punt

Slide 8 - Drag question

Zinsbouw start

Wie/wat (onderwerp)?          Ik                                             De fiets
werkwoord                                 loop                                       heeft
Wanneer?                                   elke dag                               altijd
Wat?                                              5 km                                       een bel
W aar?                                          in het bos.                            op het stuur.

Slide 9 - Slide

Maak een goede zin.
Jij
schrijft
in je schrift
.

Slide 10 - Drag question

Maak een goede zin.
Het meisje
gaat
naar school
.

Slide 11 - Drag question

Maak een goede zin.
in de ochtend
De jongens
rennen
naar de bus
.

Slide 12 - Drag question

Maak een goede zin.
Jij
schrijft
elke ochtend
nieuwe zinnen
in je schrift
.

Slide 13 - Drag question

Maak een goede zin.
De juf
laat
om 10 uur
de honden
naar buiten
.

Slide 14 - Drag question

Maak een goede zin.
Wij
leren
elke week
nieuwe werkwoorden
in de les
.

Slide 15 - Drag question

Maak een goede zin.
Jullie
pakken
in de pauze
de boeken
uit de kast
.

Slide 16 - Drag question

Vraag-zin
Als je een VRAAGZIN maakt, zet je het werkwoord VOORAAN.

Onderwerp en werkwoord draaien dus om.
 

Slide 17 - Slide

Let op:
Maak een goede VRAAG-zin.
de koffie
staat 
om 8:15
op het bureau
?

Slide 18 - Drag question

Let op:
Maak een goede VRAAG-zin.
de kinderen
spelen
elke ochtend
op het schoolplein
?

Slide 19 - Drag question

Maak goede zinnen. Je mag 1 of 2 zinnen per woord schrijven.

Slide 20 - Slide

wonen

Slide 21 - Open question

school

Slide 22 - Open question

vader

Slide 23 - Open question

online

Slide 24 - Open question


Nederlands

Slide 25 - Open question

hobby

Slide 26 - Open question

Maak 3 zinnen.


ik

mijn

heb

Slide 27 - Slide

Huiswerk

Blz. 40
Opdracht 14 en 15

Slide 28 - Slide

Les 27 januari

Slide 29 - Slide