3.3 dierlijke en plantaardige cellen

3.3 dierlijke en plantaardige cellen

1 / 26
next
Slide 1: Slide
New lesson editorMens & NatuurMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

This lesson contains 26 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 40 min
Report this lesson

Items in this lesson

3.3 dierlijke en plantaardige cellen

Wat is een cel

Wat is een weefsel

Wat vormen meerdere dezelfde weefsels bij elkaar?

leerdoelen paragraaf 3.3 

Aan het einde van de paragraaf kan jij:
- Je kunt in een afbeelding de onderdelen van dierlijke en plantaardig cellen aanwijzen 

- Je kunt de belangrijke delen van cellen noemen en hun functies beschrijven 

- Je kunt de verschillen noemen tussen dierlijke en plantaardige cellen 

Cellen 

Een cel bestaat uit verschillende onderdelen. 

Deze onderdelen noemen wij celorganellen. 


Dieren, planten, schimmels en bacteriën hebben verschillende cellen met verschillende celorganellen. Niet alle celorganellen zijn verschillend. 

Vandaag gaan we de planten en dierlijke cel bekijken. 

De dierlijke cel 

Elk dier bestaat uit deze cellen


Bestaat uit 3 onderdelen:

celmembraan 

cytoplasma 

celkern 

Celorganellen dierlijke cel uitleg

Celmembraan: Het celmembraan zit om de cel heen. Zie het voor je als een plastic. Het celmembraan zorgt dat alle onderdelen in de cel blijven en gescheiden blijven van alles buiten de cel. 

Cytoplasma: Het cytoplasma is het vocht in de cel. In dit vocht zitten allemaal opgeloste stoffen die de cel gebruikt ook drijven de celorganellen in het cytoplasma . Verder zorgt het cytoplasma voor de vorm van de cel. 

De celkern: De celkern is de grote baas in de cel. De celkern regelt alles in de cel. Net zoals dat je hersenen alles regelen in je lichaam. 

De plantaardige cel

De plant heeft andere celorganellen dan de dieren

De planaardige cel bestaat uit:

celkern

cytoplasma

celmembraan

vacuole

celwand

bladgroenkorrels 

Celorganellen plantaardige cel uitleg

De Celwand: De celwand zit om het celmembraan heen. Deze geeft stevigheid aan de cel. 

De vacuole: De vacuole is een zak met water en voedingsstoffen midden in de cel. Deze zorgt voor de stevigheid aan de cel. 

De bladgroenkorrels: Deze korrels zorgen ervoor dat een plant groen is. De bladgroenkorrels vangen zonlicht op en zetten dit om in voedsel voor de plant. Dit proces heeft fotosynthese. 

Plantaardige cel

Dierlijke cel

fotosynthese

Plant maakt zijn eigen voedsel 


De plant heeft nodig:

- Zonlicht 

- Water 

- Koolstofdioxide 


De plant maakt:

-Glucose

-Zuurstof

Reactie van de fotosynthese

Zonlicht + water + Koolstofdioxide -> Glucose + zuurstof

leerdoelen paragraaf 3.3 

Aan het einde van de paragraaf kan jij:
- Je kunt in een afbeelding de onderdelen van dierlijke en plantaardig cellen aanwijzen 

- Je kunt de belangrijke delen van cellen noemen en hun functies beschrijven 

- Je kunt de verschillen noemen tussen dierlijke en plantaardige cellen 

Hoe noemen we de onderdelen in de cel?

Welke celorganellen zitten in zowel de dierlijke als de plantaardige cel?

Wat zorgt ervoor dat een plant groen word?

A

Kleurstof

B

De plant is misselijk

C

Bladgroenkorrels

D

plantgroenkorrels

Welke celorganellen zitten er in een dierlijke cel?

Welke onderdelen zitten er in een plantaardige cel?

Wat is de functie van de celkern?

Wat is de functie van het celmembraan?

Wat is de functie van het cytoplasma?

wat is de functie van de celwand?

Wat is de functie van de vacuole?

wat is de functie van de bladgroenkorrels?