6.1 De achtergrond van het conflict

6.1 De achtergrond van het conflict
1 / 24
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 25 min
Report this lesson

Items in this lesson

6.1 De achtergrond van het conflict

Slide 1 - Slide

Waarom is het grondgebied van 
Israël belangrijk voor meerdere geloven?
Dit is een woordweb.

Slide 2 - Mind map

Aan het eind van deze les

  • kun je uitleggen waarom het gebied waar nu Israël ligt, een belangrijk gebied is voor joden, christenen en moslims. 

Slide 3 - Slide

Jodendom
3000 Jaar geleden een Joods koninkrijk --> eigen taal, cultuur en godsdienst. 

Kenmerken jodendom:
- monotheïstisch (één god).
- Heilige boek: de Tenach

Conflict tussen Romeinse overheersers en Joden --> Romeinse keizer liet de Joodse tempel vernietigen --> diaspora (verspreiding van Joden over de wereld) 

Slide 4 - Slide

Christendom en islam
Christendom:
- monotheïstisch
- de Bijbel
- Wilden mensen bekeren
- Verspreid over Europa en het Midden-Oosten

Islam:
- monotheïstisch
- de Koran

Slide 5 - Slide

Jeruzalem
Heilige stad voor:
- Jodendom
- Christendom
- Islam

Slide 6 - Slide

Type hier een titel
Jeruzalem op de kaart

Slide 7 - Slide


Leg uit waarom Jeruzalem een heilige stad is voor het jodendom, christendom en de islam. 
Dit is een open vraag.

Slide 8 - Open question


Leg uit waarom het gebied waar nu Israël ligt, een belangrijk gebied is voor joden, christenen en moslims.
Dit is een open vraag.

Slide 9 - Open question

Deel B

Slide 10 - Slide

Wat weet jij al over
het Ottomaanse Rijk?
Dit is een woordweb.

Slide 11 - Mind map

Aan het eind van deze les

  • kun je de oorzaken en gevolgen noemen van het uiteenvallen van het Ottomaanse Rijk. 

Slide 12 - Slide

Het Ottomaanse Rijk
Ontstaan rond 1450
Bleef in de 19e eeuw achter en werd zwakker. 

Groot-Brittanië en Frankrijk veroverden een groot stuk van het Ottomaanse Rijk, vooral tijdens de Eerste Wereldoorlog. 

Na 1918 bleef alleen Turkije over. 
Mandaatgebieden: worden bestuurd door Groot-Brittanië en Frankrijk op verzoek van de volkenbond. 

Slide 13 - Slide

Arabisch nationalisme
Verlangen van de Arabieren naar een eigen staat in het Midden-Oosten, bestuurd door Arabieren. 

1915: Britten beloven steun voor stichten Arabische staat. 

Arabieren willen Palestina er ook bij. 

Slide 14 - Slide


Benoem twee oorzaken voor het uiteenvallen van het Ottomaanse Rijk
Dit is een open vraag.

Slide 15 - Open question


Welk gevolg had het uiteenvallen van het Ottomaanse Rijk voor Palestina?
Dit is een open vraag.

Slide 16 - Open question

Deel C

Slide 17 - Slide

Wat weet jij al over
de Joden die naar Israël gingen?
Dit is een woordweb.

Slide 18 - Mind map

Aan het eind van deze les

  • kun je oorzaken en gevolgen noemen van de verhuizing van Joden naar Palestina vóór 1939. 

Slide 19 - Slide

Antisemitisme
Jodenhaat.

Vanaf 1800 in West-Europa dezelfde wetten voor alle burgers. 

In Oost-Europa werden Joden slachtoffer van pogroms: gewelddadige en georganiseerde aanvallen tegen Joden. 

Slide 20 - Slide

Zionisme
Joods nationalisme. 

Zionisten wilden hun eigen staat stichten in Palestina. --> Heilige plaatsen. 

Zionisten kregen in 1917 steun van de Britse minister van Buitenlandse Zaken: Arthur Balfour. 

Probleem: Hetzelfde gebied is nu beloofd aan de Arabieren en de Joden. 

Slide 21 - Slide

Joden naar Palestina
Na WOI verhuisden steeds meer Joden naar Palestina. 
In Duitsland nam sinds 1933 het antisemitisme snel toe. 

Conflicten met Arabische bewoners van Palestina.
Beide groepen begonnen geweld tegen elkaar te gebruiken. 

Slide 22 - Slide


Noem twee redenen waarom Europese Joden naar Palestina verhuisden. 
Dit is een open vraag.

Slide 23 - Open question


Welk gevolg had de komst van Joden naar Palestina?
Dit is een open vraag.

Slide 24 - Open question