Text
Text
De leerdoel(en)
1. Je kunt Organismen herkennen en aanwijzen
2. je kan beschrijven waarom iets een organisme is
3. Je kan bij een organisme ten minste 4 van de 7 levenskenmerken benoemen
Organisme = iets dat leeft
2
3
4
6
7
8
Planten
Schimmels
Bacteriën
Is dit een organisme?
Ja
Nee
Is dit een organisme?
Ja
Nee
Is dit een organisme?
Ja
Nee
Is dit een organisme?
Ja
Nee
Is dit een organisme?
Ja
Nee
Is dit een organisme?
Ja
Nee
Is dit een organisme?
Ja
Nee
Welke 7 dingen doen alle levende organismen?
ademhalen
bewegen
voortplanten
Groeien
uitscheiden
voeden
Waarnemen
Welk levenskenmerk zie je op de afbeelding?
plassen
uitscheiden
bewegen
waarnemen
Jullie hebben net vragen gemaakt over of iets wel of niet een organisme is.
Je kunt vier verschillende groepen organismen maken.
1
2
3
4
5
6
7
8
4 groepen
Wat is de naam van de groepen?
1
2
3
4
5
6
7
8
Dieren
Planten
Schimmels
Bacteriën
1
2
3
4
5
6
7
8
Dieren
Planten
Schimmels
Bacteriën
Opdracht
Jullie krijgen een dier.
Je gaat voor dit dier uitzoeken hoe de 7 levensverschijnselen eruitzien.
Je gaat dus iets vertellen over het bewegen, het waarnemen, de voortplanting, het groeien, de voeding, uitscheiden en het ademhalen van dit dier.
Schrijf per levensverschijnsel op wat het inhoud.
Bijvoorbeeld: ademhalen: via de longen.
Text
Bewegen
Hoe beweegt dit dier zich?
Hoe snel kan dit dier zich bewegen?
Waarnemen
Hoe kan dit dier waarnemen?
Wat kan dit dier allemaal waarnemen?
Voorplanten
Hoe oud is het dier als het zich kan voorplanten?
Hoeveel jongen (baby's) krijgt dit dier?
Legt het dier eieren of worden de baby's levend geboren?
Groeien
Hoe groot kan dit dier worden?
Voeden
Wat eet dit dier?
Hoeveel eet dit dier?
Ademhalen
Hoe kan dit dier ademhalen?
Heeft dit dier longen?
Uitscheiden
Hoe komt het organisme af van de stoffen die het heeft gebruikt.
Het beerdiertje
Schrijf de 7 levenskenmerken van het Beerdiertje op.
de blauwe vinvis