Chapitre 2D 2e les

Bonne année 2VX!!
1 / 34
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Bonne année 2VX!!

Slide 1 - Slide

Les buts
- Je leert om iemand beschrijven
-Je kent de plaats en vorm van het bijvoeglijk naamwoord

Slide 2 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord
Wat is dat?

Slide 3 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord
Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over het zelfstandig naamwoord.

Bijv. een mooie jas 
MOOIE = bijvoeglijk naamwoord, het zegt iets over de jas

Slide 4 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord
Een grote toren

Wat is het bijvoeglijk naamwoord?

OUI!! Très bien!! 
"GROTE", want het zegt iets over TOREN

Slide 5 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord in het Frans
Waar staat het bijvoeglijk naamwoord in het Frans?

Slide 6 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord in het Frans
De plaats van het bijvoeglijk naamwoord is achter het zelfstandig naamwood

Un chien adorable = een schattige hond
Les cheveux blonds = de blonde haren
Les maisons rouges = de rode huizen

Slide 7 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord in het Frans
De plaats van het bijvoeglijk naamwoord is achter het zelfstandig naamwood

Un chien (M) noir-= een zwarte hond
Une vache (V) noire = een zwarte koe
Deux chats (M) noirs = 2 zwarte katten
Deux vaches (V) noires = 2 zwarte koeien

Slide 8 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord in het Frans
De plaats van het bijvoeglijk naamwoord is achter het zelfstandig naamwood

Mannelijke woorden die eindigen op een medeklinker:
Un chien (M) français.... = een Franse hond
Une vache (V) français.... = een Franse koe
Deux chats (M) brun.... = 2 bruine katten
Deux vaches (V) brun.... = 2 bruine koeien

Slide 9 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord in het Frans
De plaats van het bijvoeglijk naamwoord is achter het zelfstandig naamwood

Mannelijke woorden die eindigen op een medeklinker:
Un chien (M) français- = een Franse hond
Une vache (V) français.... = een Franse koe
Deux chats (M) brun.... = 2 bruine katten
Deux vaches (V) brun.... = 2 bruine koeien

Slide 10 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord in het Frans
De plaats van het bijvoeglijk naamwoord is achter het zelfstandig naamwood

Mannelijke woorden die eindigen op een medeklinker:
Un chien (M) français- = een Franse hond
Une vache (V) française = een Franse koe
Deux chats (M) brun.... = 2 bruine katten
Deux vaches (V) brun.... = 2 bruine koeien

Slide 11 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord in het Frans
De plaats van het bijvoeglijk naamwoord is achter het zelfstandig naamwood

Mannelijke woorden die eindigen op een medeklinker:
Un chien (M) français- = een Franse hond
Une vache (V) française = een Franse koe
Deux chats (M) bruns = 2 bruine katten
Deux vaches (V) brun... = 2 bruine koeien

Slide 12 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord in het Frans
De plaats van het bijvoeglijk naamwoord is achter het zelfstandig naamwood

Mannelijke woorden die eindigen op een medeklinker:
Un chien (M) français- = een Franse hond
Une vache (V) française = een Franse koe
Deux chats (M) bruns = 2 bruine katten
Deux vaches (V) brunes = 2 bruine koeien

Slide 13 - Slide

De uitzonderingen!!

Slide 14 - Slide

Uitzonderingen: deze komen voor het zelfstandig naamwoord
BON = GOED
GRAND = GROOT
BEAU = MOOI
VIEUX = OUD
PETIT = KLEIN
NOUVEAU = NIEUW
UIT JE HOOFD LEREN!!

Slide 15 - Slide

M ENKV
M MV
VR ENKV
VR MV
GOED
BON
BONS
BONNE
BONNES
MOOI
BEAU
BEAUX
BELLE
BELLES
NIEUW
NOUVEAU
NOUVEAUX
NOUVELLE
NOUVELLES
OUD
VIEUX
VIEUX
VIEILLE
VIEILLES

Slide 16 - Slide

Nu gaan we oefenen!!

Slide 17 - Slide

Un (bon) répas
A
bon
B
bonne
C
bons
D
bonnes

Slide 18 - Quiz

Une (bon) chance
A
bon
B
bonne
C
bons
D
bonnes

Slide 19 - Quiz

Un (grand) château
A
grand
B
grande
C
grands
D
grandes

Slide 20 - Quiz

Une (grand) tour
A
grand
B
grande
C
grands
D
grandes

Slide 21 - Quiz

Un (beau) garçon
A
beau
B
belle
C
beaux
D
belles

Slide 22 - Quiz

Les (beau) églises (V)
A
beau
B
belle
C
beaux
D
belles

Slide 23 - Quiz

Un (vieux) canapé (bank)
A
vieux
B
vieilles
C
vieilles

Slide 24 - Quiz

Une (vieux) voiture
A
vieux
B
vieille
C
vieilles

Slide 25 - Quiz

Un (petit) village
A
petit
B
petite
C
petits
D
petites

Slide 26 - Quiz

Une (petit) fille
A
petit
B
petite
C
petits
D
petites

Slide 27 - Quiz

Un (nouveau) avion
A
nouveau
B
nouvelle
C
nouveaux
D
nouvelles

Slide 28 - Quiz

Les (nouveau) semaines (V)
A
nouveau
B
nouvelle
C
nouveaux
D
nouvelles

Slide 29 - Quiz

Nakijken:
16 ABCDE, 17ABC, 18 (page 70-73)


Let op: 
Ma 23 januari S.O. over ABCD chapitre 2



Slide 30 - Slide

Nog tijd over?
Ma 23 januari S.O. over ABCD chapitre 1 

Je mag de rest van de les gebruiken om vocabulaire AB/ PC C / Grammaire D  te leren.


Slide 31 - Slide

Huiswerk voor donderdag
Komt in Teams (live worksheets om te oefenen)

Leren grammaire D / leren stencil (en herhalen vocabulaire AB + Phrases-Cles C)



Slide 32 - Slide

Deze komen voor het zelfstandig naamwoord: mannelijke woorden
un BON repas = een goede (lekkere) maaltijd
un GRAND chateau = een GROOT kasteel
un BEAU garcon  = een MOOIE jongen
un VIEUX canapé = een OUDE bank 
un PETIT village = een KLEIN dorpje
une NOUVEAU avion = een NIEUWE vliegtuig

Slide 33 - Slide

Deze komen voor het zelfstandig naamwoord: vrouwelijke woorden
une BONNE chance (V) = een goede kans
une GRANDE tour (V) = een GROTE toren
une BELLE église (V) = een MOOIE kerk
une VIEILLE église (V) = een OUDE kerk  
une PETITE fille (V) = een KLEIN meisje
une NOUVELLE voiture (V) = een NIEUWE auto

Slide 34 - Slide