Afsluiting Hoofdstuk 2

Check je kennis!
Hoofdstuk 2 - Verhouding
"De wijze waarop mensen zich van elkaar onderscheiden en tot elkaar verhouden en de manier waarop samenlevingen in sociale zin vorm geven aan deze verschillen. Het verwijst ook naar de onderlinge verhoudingen tussen staten."
1 / 23
next
Slide 1: Slide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Check je kennis!
Hoofdstuk 2 - Verhouding
"De wijze waarop mensen zich van elkaar onderscheiden en tot elkaar verhouden en de manier waarop samenlevingen in sociale zin vorm geven aan deze verschillen. Het verwijst ook naar de onderlinge verhoudingen tussen staten."

Slide 1 - Slide

Leerdoelen
Ik kan de vier vormen van sociale ongelijkheid noemen, omschrijven, herkennen in en toepassen op een (zelfgekozen) bron. 

Ik kan de twee elementen van de definitie van het kernconcept ‘macht’ onderscheiden en toepassen op een (zelfgekozen) bron. 

Ik kan de drie voorwaarden om samen te kunnen werken noemen, omschrijven en herkennen in en toepassen op een (zelfgekozen) bron.

Slide 2 - Slide

Sociale ongelijkheid is in eigen woorden...
A
Verschillen tussen aangeboren kenmerken van mensen
B
Verschillen tussen aangeboren en niet-aangeboren kenmerken van mensen
C
De betekenis die de samenleving geeft aan de verschillen tussen mensen.
D
Discriminatie

Slide 3 - Quiz

Wat is géén soort sociale ongelijkheid?
A
Economische hulpbronnen
B
Affectieve hulpbronnen
C
Symbolische hulpbronnen
D
Politieke hulpbronnen

Slide 4 - Quiz

Individuen in een samenleving hebben verschillende maatschappelijke posities. We kunnen de maatschappij indelen in groepen waartussen sociale ongelijkheid bestaat. Het ordenen van deze lagen doen wij op een:

Slide 5 - Open question

In de serie Game of Thrones draait het om het politieke machtsspel voor de IJzeren Troon. Na het overlijden van King Joffrey Baratheon komt zijn jongere broertje Prince Tommen aan de macht.
Welke stelling is juist?
A
Hier is sprake van positietoewijzing
B
Hier is sprake van positieverwerving
C
Hier is sprake van een gesloten samenleving
D
Hier is sprake van een open samenleving

Slide 6 - Quiz

Welke stelling is juist?
A
Hier is sprake van positietoewijzing
B
Hier is sprake van positieverwerving
C
Hier is sprake van een gesloten samenleving
D
Hier is sprake van een open samenleving

Slide 7 - Quiz

De overheid zorgt voor collectieve goederen, zoals goed onderwijs, goede zorg en sociale zekerheid. Deze worden betaald uit belastingen.
Hoe noem je mensen die niet bijdragen aan een collectief goed?

Slide 8 - Open question

Het vermogen om hulpbronnen in te zetten om bepaalde doelstellingen te bereiken en de handelingsmogelijkheden van anderen te beperken of te vergroten is...
A
Macht
B
Gezag

Slide 9 - Quiz

De macht die mensen hebben kan officieel zijn vastgelegd in wetten of regels, maar dat hoeft niet. Wat is een voorbeeld van informele macht?
A
B

Slide 10 - Quiz

De macht die mensen hebben kan voortkomen uit verschillende 'hulp-/machtsbronnen'.
Het voorbeeld op de afbeelding is een voorbeeld van welke machtsbron?

Slide 11 - Open question


De 66-jarige Abderrahim El M. werkte als analist bij de Nederlandse veiligheidsdienst. Hij zou staatsgeheimen naar de Marokkaanse geheime dienst DGED hebben gelekt. De man zegt dat hij onschuldig is.
(NOS, 4 februari 2026)
A
Formele macht
B
Informele macht

Slide 12 - Quiz

In een melding van de geheime dienst AIVD aan het Openbaar Ministerie stond dat M. op zijn werk documenten uit de printer liet komen, eerst met zijn eigen pasje en later met dat van een collega. Thuis zette hij de documenten op een usb-stick die hij meenam naar Marokko. Daar had hij contact met de Marokkaanse buitenlandse geheime dienst DGED.
(NOS, 4 februari 2026)
Ging dit om een latent of manifest conflict?
A
Latent
B
Manifest

Slide 13 - Quiz

Wat is geen voorwaarde voor een succesvolle samenwerking?
A
Compromissen kunnen sluiten
B
Geleverde prestaties
C
Onderling vertrouwen
D
Wederzijds acceptatie

Slide 14 - Quiz

Een wetenschapper doet vergelijkend onderzoek naar de sociale ontwikkelingen van leerlingen op het ATC en het Comenius College. Dit is een onderzoek op welk niveau?
A
Micro
B
Meso
C
Macro

Slide 15 - Quiz

Slide 16 - Video

Leg op basis van het filmpje uit dat gezag relatief is.

Slide 17 - Open question

Welke invloed heeft het verlagen van de stemgerechtigde leeftijd op de politieke betrokkenheid van jongeren?

Kies de juiste stelling.
A
Dit is een verklarende vraag, met de stemgerechtigde leeftijd afhankelijke variabele
B
Dit is een beschrijvende vraag, met de stemgerechtigde leeftijd als afhankelijke variabele
C
Dit is een verklarende vraag, met politieke betrokkenheid als afhankelijke variabele
D
Dit is een beschrijvende vraag, met de politieke betrokkenheid als afhankelijke variabele

Slide 18 - Quiz

Welke invloed heeft het verlagen van de stemgerechtigde leeftijd op de politieke betrokkenheid van jongeren?
Bedenk een hypothese bij deze onderzoeksvraag.

Slide 19 - Open question

Hoe goed denk je de lesstof van hoofdstuk 2 te beheersen?
010

Slide 20 - Poll

Kies je pad
0 of 1 vraag fout? Je kan verder aan de slag met de formatieve toets (par. 2.5) of het leren voor de toets.

2 of 3 vragen fout? Oefen nog eens met de stof: ga aan de slag met relevante opdrachten: 
Paragraaf 3.1: opdr. 1 & 4 / Paragraaf 3.2: opdr.  2 & 6 / Paragraaf 3.3: opdr. 5 / Paragraaf 3.4: opdr. 4 & 5

4 of meer vragen fout? Bekijk welke onderwerpen je nog niet snapt en lees nog eens de bijbehorende theorie . Schrijf voor jezelf drie vragen op over de tekst die je hebt gelezen. Ik kom naar je toe!

Slide 21 - Slide

Waar heb jij het liefst nog extra uitleg over? Wat snap je nog niet?

Slide 22 - Open question

Huiswerk
Jullie hebben de formatieve toets (paragraaf 2.6) gemaakt!


Slide 23 - Slide