1 E N 2 N O V E M B E R
ALLERHEILIGEN
E E N L I C H T J E V O O R W I E E R N I E T M E E R I S
1 E N 2 N O V E M B E R
ALLERHEILIGEN
E E N L I C H T J E V O O R W I E E R N I E T M E E R I S
Doel van de les: leerlingen leren wat Allerheiligen en Allerzielen betekenen, hoe mensen in andere landen en kerken de doden herdenken, en wat herdenken voor henzelf kan betekenen. De les duurt ongeveer 35 minuten.
Aansluiting: de les past bij kerndoel 43 van de onderbouw VO (Mens en maatschappij): "De leerling leert over overeenkomsten, verschillen en veranderingen in cultuur en levensbeschouwing in Nederland, leert eigen en andermans leefwijze daarmee in verband te brengen, en leert de betekenis voor de samenleving te zien van respect voor elkaars opvattingen en leefwijzen, met daarbij aandacht voor seksualiteit en seksuele diversiteit."
Let op: de les gaat over de dood en het herdenken van overledenen. Er kunnen leerlingen in de klas zitten die kort geleden iemand hebben verloren. Overweeg om dit vooraf te weten te komen en zeg aan het begin dat niemand iets persoonlijks hoeft te delen.
Start: vraag wie weleens een kaarsje heeft zien branden op een bijzonder moment. Laat een paar leerlingen kort reageren en ga meteen door.
Dit leer je vandaag
1
2
3
Je kan uitleggen wat het verschil is tussen Allerheiligen en Allerzielen.
Je kan beschrijven hoe mensen in andere landen en kerken de doden herdenken.
Je kan beschrijven wat herdenken voor jou of voor anderen kan betekenen.
Doel van de slide: de leerlingen weten wat ze aan het eind van de les kunnen.
Tijd: 1 tot 2 minuten.
Tip: lees de drie leerdoelen voor en kom er aan het eind van de les op terug. Vraag dan welk doel het best gelukt is.
Waar denk jij aan bij een brandend kaarsje?
Doel van de slide: voorkennis ophalen en het onderwerp verbinden met de eigen ervaring. Hoort bij leerdoel 3.
Tijd: 3 minuten.
Tip: laat iedereen een of twee woorden insturen. Woorden als verjaardag, kerk, kerst, sfeer en herdenken laten zien dat een kaars bij feest en bij verdriet hoort. Wijs erop dat dit ook geldt voor Allerheiligen en Allerzielen: het ene is een feest, het andere een gedenkdag.
Hulp voor wie vastloopt: wanneer heb jij voor het laatst een kaarsje zien branden, en waarom?
1 N O V E M B E R
Allerheiligen
Op 1 november viert de katholieke kerk een feest voor alle heiligen: de bekende en de onbekende.
Dit feest valt al meer dan 1000 jaar op 1 november.
Kernbegrip: heilige
Iemand die heel gelovig en goed heeft geleefd. Volgens de katholieke kerk is een heilige in de hemel en een voorbeeld voor gelovigen.
Albrecht Dürer, Allerheiligenbild (1511)
Doel van de slide: uitleggen wat Allerheiligen is en wat een heilige is. Hoort bij leerdoel 1.
Tijd: 2 minuten.
Uitleg: Allerheiligen is in de katholieke kerk een hoogfeest, een van de belangrijkste feesten van het kerkelijk jaar. Het is een feest voor alle heiligen samen, ook voor de heiligen die geen eigen feestdag hebben of die niemand bij naam kent. In de 9e eeuw maakte paus Gregorius IV 1 november tot de vaste gedenkdag voor de hele kerk. In de oosters-orthodoxe kerk valt het feest op de eerste zondag na Pinksteren.
Over het schilderij: Albrecht Dürer maakte het Allerheiligenbild in 1511. Bovenin zie je God met het kruis, eromheen een grote menigte heiligen. Het hangt in het Kunsthistorisches Museum in Wenen.
Extra vraag voor snelle leerlingen: ken jij een heilige bij naam? Denk aan Sint-Maarten of Sint-Nicolaas. Image credit: Albrecht Dürer, publiek domein
Voor wie is het feest Allerheiligen?
Voor alle overleden mensen
Voor alle heiligen, ook onbekende
Voor heiligen met een eigen feestdag
Voor de heiligen uit de Bijbel
Doel van de slide: controleren of de leerlingen weten wie er op Allerheiligen centraal staat. Hoort bij leerdoel 1.
Tijd: 3 minuten.
Goed antwoord: B, alle heiligen, ook de onbekende. Antwoord C en D zijn niet helemaal fout, want ook die heiligen horen erbij. Maar Allerheiligen is juist bedoeld voor alle heiligen samen, ook voor wie geen eigen feestdag heeft.
Verwachte fout: veel leerlingen kiezen A. Dat is begrijpelijk, want veel families bezoeken op 1 november de graven. Het herdenken van alle overledenen hoort bij Allerzielen op 2 november. Daar gaat de volgende video over.
K I J K D E V I D E O
Wat is Allerzielen?
Let op: waarom bidden gelovigen op Allerzielen?
Doel van de slide: kennismaken met Allerzielen. Hoort bij leerdoel 1.
Tijd: 3 tot 4 minuten (video tot 1:27).
Over de video: een uitlegvideo van Clipphanger, ook te zien op Schooltv. De video legt Allerzielen uit vanuit de katholieke traditie en noemt het vagevuur. Dat begrip komt op de volgende slide terug.
Nabespreken: waarom bidden gelovigen op Allerzielen? Volgens de katholieke leer helpt bidden de zielen van overledenen om van het vagevuur naar de hemel te gaan.
T W E E D A G E N
1 N O V E M B E R · F E E S T
Allerheiligen
De kerk viert alle heiligen, bekend en onbekend. Volgens de kerk zijn zij al in de hemel.
2 N O V E M B E R · H E R D E N K E N
Allerzielen
Gelovigen bidden voor alle mensen die zijn overleden. Ze hopen dat hun ziel uit het vagevuur naar de hemel gaat.
Doel van de slide: het verschil tussen Allerheiligen en Allerzielen laten zien. Links het feest voor de heiligen, rechts de gedenkdag voor alle overledenen. Hoort bij leerdoel 1.
Tijd: 2 minuten.
Werkwijze: laat de leerlingen eerst de twee beelden vergelijken. Wat zie je links, wat zie je rechts? Links staan heiligen uit het Allerheiligenbild van Albrecht Dürer, rechts graven met lichtjes op een begraafplaats. Klik daarna op het i-teken voor de uitleg van het vagevuur.
Vagevuur: volgens de katholieke leer gaat de ziel van een overledene niet altijd meteen naar de hemel, maar wordt die eerst gereinigd in het vagevuur. Op Allerzielen bidden gelovigen dat de zielen van hun overleden familie en vrienden daar snel uit komen. Daarom hoort het vagevuur bij Allerzielen en niet bij Allerheiligen: de heiligen zijn volgens de kerk al in de hemel. De video van Clipphanger noemt het vagevuur ook.
Achtergrond: Odilo van Cluny liet Allerzielen in 998 voor het eerst vieren. Waar 1 november een vrije dag is, zoals in België en Polen, gaan veel mensen al op Allerheiligen naar het graf.
Hulp voor wie vastloopt: heiligen zijn een kleine groep bijzondere mensen, zielen zijn alle overledenen. Image credit: Albrecht Dürer, publiek domein Image credit: MichalPL, CC0
Hoort het bij Allerheiligen of Allerzielen?
Allerheiligen
Allerzielen
Bidden voor de zielen
Ook onbekende heiligen
Het vagevuur
Al in de hemel
Een overleden familielid
Een groot kerkfeest
Doel van de slide: de kenmerken van Allerheiligen en Allerzielen uit elkaar houden. Hoort bij leerdoel 1.
Tijd: 3 minuten.
Goed antwoord: bij Allerheiligen horen ook onbekende heiligen, al in de hemel en een groot kerkfeest. Bij Allerzielen horen een overleden familielid, bidden voor de zielen en het vagevuur.
Hulp voor wie vastloopt: vraag bij elk kaartje of het over heiligen gaat of over alle overledenen.
Extra vraag voor snelle leerlingen: waarom zouden mensen in België op 1 november naar het graf gaan, terwijl de gedenkdag voor de doden op 2 november is?
Herdenken over de hele wereld
M E X I C O
Día de los Muertos
Families maken thuis een versierd altaar met foto's van wie er overleden is, eten en oranje bloemen.
P O L E N
Allerheiligen
Het is een vrije dag. 's Avonds branden er duizenden lichtjes op de graven.
P R O T E S T A N T S E K E R K E N
Eeuwigheidszondag
Op een zondag eind november herdenken ze in de kerk wie dat jaar is overleden.
Doel van de slide: laten zien dat mensen op veel manieren de doden herdenken. Hoort bij leerdoel 2.
Tijd: 2 minuten.
Mexico: de Dag van de Doden valt op 1 en 2 november, samen met Allerheiligen en Allerzielen. Volgens de traditie komen de zielen van overleden kinderen op 1 november terug en die van volwassenen op 2 november. Families maken een altaar, de ofrenda, en versieren de graven. De feestdag staat op de lijst van immaterieel cultureel erfgoed van UNESCO.
Polen: Allerheiligen is een officiële vrije dag. Op de begraafplaatsen branden die avond duizenden lichtjes.
Protestantse kerken: veel protestantse kerken kennen geen Allerheiligen en Allerzielen. Zij herdenken de overledenen op Eeuwigheidszondag, de laatste zondag van het kerkelijk jaar, vlak voor de advent. Het gebruik komt uit Duitsland, waar het Totensonntag of Ewigkeitssonntag heet.
Weetje: Halloween komt van het Engelse All Hallows' Eve, de avond voor Allerheiligen (All Hallows' Day). Daarom valt Halloween op 31 oktober.
Tip: vraag of leerlingen zelf een gewoonte kennen rond het herdenken van overledenen, uit hun familie of geloof. Image credit: FridaArriaga, CC BY-SA 4.0 Image credit: Tupungato, CC BY 3.0 Image credit: Pastor Adam Lassen, CC BY-SA 3.0
Wat zetten families in Mexico op het altaar?
Pompoenen en snoepgoed
Kerstkransen en vlaggen
Foto's, eten en bloemen
Boeken, brieven en geld
Doel van de slide: controleren of de leerlingen weten hoe families in Mexico de doden herdenken. Hoort bij leerdoel 2.
Tijd: 3 minuten.
Goed antwoord: C, foto's, eten en bloemen. Families zetten foto's van hun overleden familieleden op het altaar, met eten en drinken dat die persoon lekker vond en oranje goudsbloemen.
Verwachte fout: sommige leerlingen kiezen A, omdat ze Día de los Muertos verwarren met Halloween. Beide vallen rond dezelfde dagen, maar het zijn verschillende feesten.
Extra vraag voor snelle leerlingen: welke van de drie manieren van herdenken op de vorige slide lijkt het meest op hoe het bij jou in de familie gaat?
Waarom herdenken mensen?
Mensen geven verschillende redenen:
Je staat stil bij iemand die belangrijk voor je was.
Je deelt verdriet en mooie herinneringen met anderen.
Je laat zien dat iemand niet vergeten is.
Je bidt voor iemand die is overleden.
Doel van de slide: bespreken waarom mensen de doden herdenken. Hoort bij leerdoel 3.
Tijd: 2 minuten.
Uitleg: herdenken helpt mensen om een verlies een plek te geven. Rituelen zoals een kaarsje aansteken, een graf bezoeken of samen herinneringen ophalen geven houvast. Voor gelovigen is het ook een moment om te bidden voor de overledenen.
Werkwijze: de redenen verschijnen een voor een, met een klik per reden. Vraag eerst wat de leerlingen zelf bedenken en klik daarna de redenen tevoorschijn.
Tip: vraag welke reden de leerlingen het meest herkennen. Er is geen goed of fout antwoord. Image credit: Tupungato, CC BY 3.0
Hoe zou jij iemand herdenken die er niet meer is?
Een kaarsje aansteken
Foto's bekijken
Naar het graf gaan
Erover praten
Muziek luisteren
Op een andere manier
Zeg ik liever niet
Doel van de slide: de leerlingen denken na over hun eigen manier van herdenken. Hoort bij leerdoel 3.
Tijd: 3 minuten.
Let op: dit kan gevoelig liggen. Bespreek de uitslag als geheel en vraag niet door bij individuele leerlingen.
Tip: wijs erop dat alle antwoorden manieren van herdenken zijn die mensen echt gebruiken, binnen en buiten een geloof.
Op een andere manier: leerlingen die deze optie kozen, kunnen tijdens het bespreken van de poll vertellen welke manier ze dan zouden kiezen, bijvoorbeeld een brief schrijven, iets maken of een plek bezoeken die bij iemand hoort.
Wat kan herdenken betekenen?
Hulpzin: Ik denk dat herdenken kan helpen, omdat …
Doel van de slide: de leerlingen beschrijven wat herdenken voor mensen kan betekenen. Hoort bij leerdoel 3.
Tijd: 3 minuten.
Goed antwoord: een goed antwoord noemt een reden en legt die kort uit, bijvoorbeeld: mensen herdenken omdat ze iemand niet willen vergeten, of omdat het troost geeft om samen verdriet te delen.
Hulp voor wie vastloopt: de hulpzin staat op de slide. Kijk ook terug naar de slide Waarom herdenken mensen?
Extra vraag voor snelle leerlingen: welke manier van herdenken uit deze les vind jij het mooist, en waarom?
Let op: toon de antwoorden zonder namen, of bespreek alleen antwoorden die leerlingen zelf willen delen.
Afsluiting: kom terug op de drie leerdoelen en vraag welk doel het best gelukt is.
Doel van de slide: de les afsluiten en verwijzen naar meer lessen van LessonUp.
Tijd: 1 minuut.