Bloedsomloop en bloed (Biologie vmbo), les 3: Terugblik quiz

LICHAAM · BLOEDSOMLOOP

Quiz

Terugblik: Bloedsomloop en bloed

1 / 15
next
Slide 1: Slide
New lesson editorBiologieMiddelbare schoolvmboLeerjaar 3,4

This lesson contains 15 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min
Report this lesson

Introduction

Terugblik met twaalf vragen over kransslagaders, hartkleppen, bloeddruk, bloedcellen, de weg van het bloed, hartinfarct, weefselvloeistof, lymfe en de poortader.

Items in this lesson

LICHAAM · BLOEDSOMLOOP

Quiz

Terugblik: Bloedsomloop en bloed

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: melvil / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Wat doen de kransslagaders?

A

Ze voeren bloed van de hartspier weer af

B

Ze voeren bloed met zuurstof naar de hartspier

C

Ze voeren bloed van de longen naar het hart

D

Ze voeren bloed van de darmen naar de lever

Kransslagaders voeden de hartspier. Verwachte fout: kransaders verwarren met kransslagaders. Kransaders voeren het bloed af.

Wat doen de hartkleppen?

A

Ze verdelen het bloed over longen en lichaam

B

Ze bepalen hoeveel zuurstof het bloed bevat

C

Ze laten het hart sneller kloppen

D

Ze laten het bloed maar één kant op stromen

Hartkleppen voorkomen terugstromen van bloed. Verwachte fout: denken dat kleppen het bloed verdelen.

In welk bloedvat is de bloeddruk het hoogst?

A

In een slagader

B

In een ader

C

In een haarvat

D

In een lymfevat

Slagaders hebben de hoogste bloeddruk, direct na de pompslag van de kamers. Verwachte fout: haarvat kiezen omdat daar de uitwisseling gebeurt.

Vul in

Witte bloedcellen ruimen ziekteverwekkers op. Bloedplaatjes zorgen dat het bloed bij een wond gaat stollen en de wond sluit.

ziekteverwekkers
Bloedplaatjes
stollen
rode bloedcellen
hormonen

Witte bloedcellen: afweer. Bloedplaatjes: stolling. Verwachte fout: rode bloedcellen invullen bij het eerste gat. Die vervoeren zuurstof.

Waaruit bestaat bloedplasma vooral?

A

Rode bloedcellen

B

Witte bloedcellen en bloedplaatjes

C

Water met opgeloste stoffen

D

Vet en lymfe

Plasma is de vloeistof van het bloed, vooral water. Verwachte fout: bloedcellen noemen, die drijven in het plasma.

Welke gewoonte vergroot de kans op een hartinfarct?

A

Rustig wandelen

B

Veel groente en fruit eten

C

Dagelijks roken

D

Acht uur per nacht slapen

Roken is een veelvoorkomende oorzaak (naast stress, overgewicht, te grote inspanning en erfelijke aanleg). Verwachte fout: denken dat bewegen altijd slecht is. Rustig bewegen is gezond.

Grote bloedsomloop: begin bij de aorta

1

Haarvat

2

Holle ader

3

Slagader

4

Aorta

5

Ader

Aorta, slagader, haarvat, ader, holle ader. Verwachte fout: de ader voor het haarvat zetten.

Wat voor bloed stroomt door de longaders?

A

Zuurstofrijk bloed

B

Zuurstofarm bloed

C

Bloed met veel koolstofdioxide

D

Bloed zonder plasma

De longaders voeren zuurstofrijk bloed van de longen naar de linkerboezem. Verwachte fout: zuurstofarm kiezen omdat het een ader is.

Wat gebeurt er met weefselvloeistof die niet terug de haarvaten in gaat?

A

Het verdwijnt uit het lichaam via je huid

B

Het wordt door de cellen opgeslagen

C

Het stroomt via de longen naar buiten

D

Het stroomt als lymfe door de lymfevaten

Het overschot wordt lymfe en gaat via lymfevaten terug naar het bloed. Verwachte fout: denken dat het vocht verloren gaat. Alleen KB/GT: lymfevaten en lymfe zijn stof voor deze leerwegen, BB kent het transport tussen bloed en cellen.

Wat kan een te hoge bloeddruk veroorzaken?

A

Duizelig worden door te weinig bloed in je hersenen

B

Schade aan je bloedvaten en je hart

C

Een te laag aantal rode bloedcellen

D

Verstopte lymfevaten

Een te hoge bloeddruk belast bloedvaten en hart. Duizeligheid hoort bij een te lage bloeddruk. Alleen KB/GT: de gevolgen van een te hoge en te lage bloeddruk.

Welk bloedvat voert bloed van de darmen naar de lever?

A

Poortader

B

Aorta

C

Holle ader

D

Longader

De poortader brengt bloed met voedingsstoffen van de darmen naar de lever. Alleen KB/GT: de poortader. Verwachte fout: holle ader kiezen, die gaat naar het hart.

Waar worden bloedcellen gemaakt?

Goed: in het (rode) beenmerg, in de botten. Verwachte fout: in het hart of de lever.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

LICHAAM · BLOEDSOMLOOP

Goed gedaan!

Je kent nu de bloedvaten, de bloedsomloop, het hart en de onderdelen van het bloed.

This item has no instructions