Les AK H5.3 (08-04/13-04)

Wat gaan we deze les doen?
  • Korte uitleg
  • Paragraaf 1 samenvatten / leren 
1 / 15
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmboLeerjaar 1

This lesson contains 15 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Wat gaan we deze les doen?
  • Korte uitleg
  • Paragraaf 1 samenvatten / leren 

Slide 1 - Slide

Temperatuur en hoogte
Als je in de bergen omhoog gaat, dan wordt het kouder.

  • Als je 1000 meter omhoog gaat, dan wordt het 6 graden kouder.
  • Dat betekent dat elke 100 meter omhoog, 0.6 graden kouder is.

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Temperatuur en hoogte
Als je in de bergen omhoog gaat, dan wordt het kouder.

  • Als je 1000 meter omhoog gaat, dan wordt het 6 graden kouder.
  • Dat betekent dat elke 100 meter omhoog, 0.6 graden kouder is.

Slide 4 - Slide

1500 meter= 10 graden Celsius 
Voorbeeld
3500 meter= -2 graden Celsius

Slide 5 - Slide

Als je in de bergen 300 meter omhoog gaat, hoeveel graden wordt het dan kouder?
A
6 graden
B
2 graden
C
0,6 graden
D
1,8 graden

Slide 6 - Quiz

Hoogtegordels
Hoogtegordels zijn natuurlijke zones in de bergen. Dit komt omdat niet alle bomen tegen de kou kunnen, omdat hoe hoger je komt, het steeds kouder wordt in de bergen.
De loofboomgordel loopt tot ongeveer 1000 meter hoogte. Dit heet de loofboomgordel.
De alpenwijden is een natuurlijke zone, die bestaat uit gras en mos.
Misschien kennen jullie de reclame van Almhof wel? Dat is zogenaamd opgenomen in de alpenwijden.
De naaldboomgordel ligt boven de loofboomgordel, omdat dit type boom beter tegen de kou kan. 
Rond de 2000 meter is de boomgrens dit wil zeggen dat boven deze hoogte geen bomen meer kunnen groeien omdat het te koud is (< 10 graden).
De rotsgordel wil zeggen dat de alpenwijden steeds kaler en rotsachtiger begint te worden. Op deze hoogte is het zelfs voor planten te koud om te groeien.
Eeuwige sneeuw is sneeuw dat elk seizoen blijft liggen (dus ook in de zomer), omdat dit gebied zo hoog ligt dat het er altijd koud is.

Slide 7 - Slide

Regen in de bergen

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Video

Slide 10 - Video

Wat gebeurt er?
  1. Lucht waait tegen een berg
  2. Lucht moet stijgen
  3. Lucht koelt af en kan minder waterdamp bevatten
  4. Wolken ontstaan 
  5. Het gaat regenen of sneeuwen 

Slide 11 - Slide

  • Loefzijde = kant van de berg waar het regent
  • Lijzijde = kant van de berg waar het droog is en waar weinig wolken zijn
  • Deze kant van de berg ligt dan in de regenschaduw
Droefzijde = als je droevig bent moet je huilen, dus is het nat
Blijzijde = in de zomer zit je lekker in het zonnetje en daar wordt je blij van

Slide 12 - Slide

De kant van de berg waar het regent noemen we ....
A
De lijzijde
B
De loefzijde
C
Regenschaduw

Slide 13 - Quiz

Hoe heet het gebied waar geen of weinig regen valt?
A
Loefzijde
B
Regenschaduw
C
Lijzijde

Slide 14 - Quiz

Loefzijde
Kenmerk: 
- Wolken moeten stijgen, omdat ze over de berg willen. 
Hierdoor gaat het hier veel regenen.

Lijzijde / regenschaduw
Kenmerk: 
- Heel droog, omdat al de neerslag al aan de loefzijde is gevallen.
- Hier zie je vaak droge klimaten, zoals woestijnen of steppen.
- De droge kant van de berg ligt in de regenschaduw.

Lij = blij (geen regen!)

Slide 15 - Slide