De vragen met paarse kleur (extra uitdaging) zijn voor leerlingen die een G hebben behaald op de formatieve toets.
1 / 42
next
Slide 1: Slide
FransVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1
This lesson contains 42 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 22 min
Items in this lesson
Chapitre 2 , 1HV, C'est si bon!
De vragen met paarse kleur (extra uitdaging) zijn voor leerlingen die een G hebben behaald op de formatieve toets.
Slide 1 - Slide
But
Herhalen van chapitre 2. Je gaat oefenen met de -er-werkwoorden, de ontkenning en de getallen. Aan het einde van deze les kun je deze onderdelen goed gebruiken.
Slide 2 - Slide
Wat weet je over het regelmatige werkwoord op -er?
Slide 3 - Mind map
schrijf het rijtje van 'parler' op:
Slide 4 - Open question
choisis la bonne réponse. Tu (aimer).....................le fromage ?
A
aime
B
aimer
C
aim
D
aimes
Slide 5 - Quiz
choisis la bonne réponse. Mes parents (habiter).....................à Paris?
A
habite
B
habitent
C
habitez
D
habitons
Slide 6 - Quiz
Remplis le verbe: Vous (aider)..............ma copine?
Slide 7 - Open question
Remplis le verbe: Nous (parler)..............avec le serveur.
Slide 8 - Open question
Remplis le verbe: J'(oublier)...........souvent l'adresse.
Slide 9 - Open question
Remplis le verbe: Elise et Tom (travailler)..............dans un café.
Slide 10 - Open question
traduis: (Wij vragen)..........l'addition?
Slide 11 - Open question
Ik snap de vervoeging van de werkwoorden op-er goed
😒🙁😐🙂😃
Slide 12 - Poll
Wat weet je over de ontkenning in het Frans?
Slide 13 - Mind map
Maak de zinnen ontkennend: Vous mangez les fruits.
Slide 14 - Open question
Maak de zinnen ontkennend: Tu aimes le brie.
Slide 15 - Open question
Maak de zin ontkennend: C'est bien.
Slide 16 - Open question
Maak de zinnen ontkennend: Je cherche le chocolat.
Slide 17 - Open question
Maak de zinnen ontkennend: Il habite à Rotterdam.
Slide 18 - Open question
Ik snap de ontkenning in het Frans
😒🙁😐🙂😃
Slide 19 - Poll
Vertaal de Nederlandse getallen in het Frans. (24)
Slide 20 - Open question
Vertaal de Nederlandse getallen in het Frans. (37)
Slide 21 - Open question
Vertaal de Nederlandse getallen in het Frans. (85)
Slide 22 - Open question
Vertaal de Nederlandse getallen in het Frans. (61)
Slide 23 - Open question
Vertaal de Nederlandse getallen in het Frans. (40)
Slide 24 - Open question
quatre-vingt-douze
soixante-seize
trente-sept
quarante-sept
vingt-quatre
47
92
37
76
24
Slide 25 - Drag question
Vertaal de Nederlandse getallen in het Frans. (96)
Slide 26 - Open question
Vertaal de Nederlandse getallen in het Frans. (88)
Slide 27 - Open question
Is deze zin waar of niet waar? Je ne habite pas à Amsterdam.
A
waar
B
niet waar
Slide 28 - Quiz
Beantwoord deze vraag in een volledige zin. Tu as faim?
Slide 29 - Open question
Beantwoord deze vraag in een volledige zin. Tu préfères les frites ou la pizza?
Slide 30 - Open question
Beantwoord deze vraag in een volledige zin. Tu adores les baguettes?