Opdracht 2.1 en 2.2

Ontwikkelen
  • Marketing
  • Doelgroepen
  • Customer Journey
  • 6 P's

1 / 38
next
Slide 1: Slide
Marketing & CommunicatieMBOStudiejaar 2

This lesson contains 38 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Ontwikkelen
  • Marketing
  • Doelgroepen
  • Customer Journey
  • 6 P's

Slide 1 - Slide

Even opfrissen
Een doelgroep is de groep mensen waar je je op richt met je product of dienst.
Denk aan:
  • Leeftijd
  • Geslacht
  • Interesses
  • Opleiding
  • Koopgedrag

Slide 2 - Slide

Omschrijf kort een mogelijke doelgroep voor een webshop die sneakers verkoopt

Slide 3 - Open question

Op welke doelgroep zou een luxe koffiemerk zich het best kunnen richten?
A
Vrouwen tussen 20-35 jaar
B
Mannen van 40+
C
Studenten met een laag budget
D
Gezinnen met jonge kinderen

Slide 4 - Quiz

Gebruik
1
2
3
4
5
Bewustwording
Loyaliteit
Overweging
Aankoop
Zet de stappen van de klantreis in de juiste volgorde 

Slide 5 - Drag question

Even opfrissen
De klantreis is de route die een klant aflegt:

👀 Bewustwording
🤔 Overweging
💳 Aankoop
✅ Gebruik
❤️ Loyaliteit

Slide 6 - Slide

Welke P's ken jij nog van de marketingmix?

Slide 7 - Mind map

Even opfrissen
De marketingmix bestaat uit 6 onderdelen:

Product – Wat verkoop je?
Prijs – Wat kost het?
Plaats – Waar is het verkrijgbaar?
Promotie – Hoe maak je het bekend?
Personeel – Wie helpt de klant?
Proces – Hoe verloopt het aankoopproces?

Slide 8 - Slide

Is alles weer helder?

Slide 9 - Slide

De volgende theorie en opdrachten gaan over taakmodule:

Doelstelling en doelgroep 1 (SMART)

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Zijn de volgende doelstellingen SMART?

Slide 17 - Slide

De omzet van ons bedrijf met 10% laten stijgen ten opzichte van vorig jaar
A
Ja
B
Nee

Slide 18 - Quiz

S - Omzet van het bedrijf
M - 10% ten opzichte van vorig jaar
A - 10% is uitdagend genoeg, een mooie groei
R - 10% is niet extreem veel meer
T - 1 jaar 

Slide 19 - Slide

Dit jaar geen bekeuringen meer krijgen
A
Ja
B
Nee

Slide 20 - Quiz

S - Geen bekeuringen
M - Geen, dit is te meten.
A - Het is een positief geldbesparend doel.
R - Je hebt het volledig zelf in de hand, dus het is haalbaar.
T - Dit jaar (1 jaar) 

Slide 21 - Slide

De naamsbekendheid van ons bedrijf verbeteren in vergelijking met vorig jaar
A
Ja
B
Nee

Slide 22 - Quiz

Het is niet duidelijk met hoeveel de naamsbekendheid verbeterd zal worden (acceptabel/realistisch). Het is niet bekend over welke periode dit gaat. Is het een jaar, een maand? 

Slide 23 - Slide

70% meer bloembollen plaatsen in oktober
A
Ja
B
Nee

Slide 24 - Quiz

Het is niet duidelijk wat de vergelijking is. 70% meer dan vorig jaar of vorige maand? Hierdoor is het ook niet duidelijk of 70% toename realistisch/acceptabel is.


Slide 25 - Slide

SMART maken
''Op tijd opstaan in het weekend''


Voorbeeld SMART-doelstelling: 
ik sta vanaf nu in het weekend uiterlijk om 09.00 uur op.


Slide 26 - Slide

Maak in 2-tallen SMART
1. Fruit eten op het werk

2. Naar de kapper gaan
3. Social media checken


timer
5:00

Slide 27 - Slide

Voorbeelden SMART
1.  de komende maand neem ik elke dag twee stuks fruit mee naar mijn werk.
2. ik ga vanaf nu elke maand naar de kapper om mijn haar te laten knippen.
3.  ik check vanaf nu maximaal drie keer per dag mijn socialmedia-accounts. 




Slide 28 - Slide

Oefenen
1. Maak tweetallen.
2. Vul het document SMART (It's Learning) in:
Schrijf in de bijlage drie activiteiten die jij vandaag gaat doen of gister hebt gedaan.
Schrijf voor deze drie activiteiten een SMART doel op.
Maak hierbij gebruik van de infographic SMART-doelstelling met de vijf SMART-stappen.
3. Wissel nu met je medestudent van document.
4. Controleer de drie doelen van je medestudent.
5. Schrijf jouw feedback over de doelen van je medestudent op zijn document. 
6. Voeg het document toe als bijlage aan je NIEUWE groeidocument (hoofdstuk 2) 



Slide 29 - Slide

SMART doelstelling SPIN OFF
Controleer nu je eigen SMART doelstelling die je hebt ingeleverd voor het project SPIN OFF.

Pas indien nodig aan.

Slide 30 - Slide

Hoofdopdracht 2.1 (2-tallen)
Stichtingpraktijkleren -> commercie 2023 -> 
leermiddelen -> leermiddelen basisdeel -> marketing & communicatieactiviteiten -> LAGOM

Slide 31 - Slide

Hoofdopdracht 2.1 (alleen)
  • Lees het nieuwsbericht (2.1 its learning) en de mail (2.1 it's learning).
  • Omschrijf de boodschap van de marketingactiviteit. De boodschap gaat over wat je wilt vertellen over de nieuwe productlijn.
  • Omschrijf het doel van de marketingactiviteit.
  • Omschrijf aan welke doelgroep de marketingactiviteit gericht is.
  • Omschrijf het kanaal dat je wilt inzetten voor de marketingactiviteit.
  • Maak een voorstel waarin je jouw omschrijvingen verwerkt.
  • Let op: Houd rekening met de visie, missie, doelen en huisstijl bij het uitwerken van je voorstel.
  • Tip: gebruik het handboek! (zie It's Learning)

Slide 32 - Slide

Resultaat
Een voorstel (verslag Word/Groeidocument)(2-tallen) voor een marketingactiviteit om de nieuwe productlijn te presenteren. In het voorstel (punt 1 t/m 6) moet duidelijk naar voren komen:

  • De marketingactiviteit
  • De boodschap
  • Het doel
  • De doelgroep
  • De in te zetten kanalen

Een presentatie (punt 7)  van het voorstel van de marketingactiviteit (2-tallen).
Gebruik voor deze opdracht het LAGOM HANDBOEK (it's Learning)





Slide 33 - Slide

Taakmodule 
Organiseren van activiteiten 1 
Binden en boeien

Hoe gaaf zou het zijn als de klanten in de rij staan voor de introductie van een nieuw product in jouw onderneming? En dat je medewerkers dit product vol overtuiging verkopen? Een manier om dit te bereiken is door regelmatig interessante activiteiten te organiseren. Zo bind je klanten en medewerkers aan je onderneming.




Slide 34 - Slide

Opdracht (''huiswerk'')
Welke activiteiten organiseren retailers om klanten en medewerkers te binden aan hun winkel? 

Dit ga je onderzoeken.
Beschrijf van welke winkel jij fan bent. Leg ook uit waarom je juist voor deze winkel kiest.

Ga naar jouw favoriete winkel en onderzoek de volgende vragen:
  • Welke drie activiteiten organiseert de winkel voor klanten?
  • Welke drie activiteiten organiseert de winkel voor de medewerkers?
  • Vraag dit aan een van de medewerkers of aan de eigenaar. Leg uit dat je dit vraagt voor een schoolopdracht. 




Slide 35 - Slide

Opdracht (volgende week)
  • Vergelijk jouw resultaten met die van drie medestudenten.
Organiseren de winkels dezelfde activiteiten voor klanten en medewerkers?

  • Maak een overzicht van de activiteiten bij alle vier de winkels.
Denk zelf na over een passende vorm. Een notitie in Word, een presentatie, een tekening, een collage, of nog een andere vorm. 

Slide 36 - Slide

Hoofdopdracht 2.2
Een workshop
Lees het nieuwsbericht LAGOM Contest -> hier vind je alle informatie.
Let op: de uitleg in het bericht is belangrijk voor het maken van de opdracht.
  • Zoek online informatie op over het onderwerp van de nieuwe workshop.
  • Schrijf de bronnen op waar je informatie over het onderwerp gevonden hebt. Maak er een bronnenlijst van.
  • Kies een onderwerp voor de workshop. Het moet passen bij ‘een leven in balans’.
  • Maak een leuke, duidelijke en informatieve instructie voor de workshop.
  • Wees creatief! Een filmpje, podcast of presentatie; alles mag. Zolang het maar een duidelijke boodschap voor de klant betreft. We willen deze workshop namelijk goed verkopen

Slide 37 - Slide

Hoofdopdracht 2.2
Resultaat
Een leuke, duidelijke en informatieve instructie voor de workshop.

  • Je gaat deze instructie geven aan een aantal medestudenten.
  • De instructie mag maximaal 15 minuten duren.
  • Je hebt de kernwaarden, huisstijl en tone of voice van Lagom gebruikt (handboek).
  • Een bronnenlijst met bronnen waar je informatie over het onderwerp hebt gevonden.
  • Het onderwerp ''een leven in balans'' is de basis van de workshop.


Slide 38 - Slide