A2c - Periode 1, les 14 - Gse (= H4 les 3) (29-10-2021)

Bienvenidos
¿Qué día y qué fecha es hoy?
1 / 10
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

This lesson contains 10 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 70 min

Items in this lesson

Bienvenidos
¿Qué día y qué fecha es hoy?

Slide 1 - Slide

Leerdoelen van dit hoofdstuk :
-  je leert praten over activiteiten en hobby's, kloktijden en dagen van de week
- je leert zeggen hoe vaak je iets doet
- je herhaalt de regelmatige ww
- je herhaalt gustar
- je leert de onregelmatige ww: hacer, jugar, salir, ir
- je leert de wederkerende ww : levantarse en acostarse
- je leert de uitspraak van de z,s,c





Slide 2 - Slide

El programa
10min - Comprobar los deberes
10 min - Frases clave 
10 min - Gramática: onregelm. ww. (nr 39-47)
15 min - Practicar en Internet - 3 ejercicios
15 min - Practicar en Internet - klokkijken
5 min - Evaluación, deberes

Slide 3 - Slide

Comprobar los deberes
leren: 
4.2 + frases clave 1; gram nr. 17ab (negación);
kloktijden TB p.58 gele strook;
Alle werkwoorden uit je hoofd kennen! (hablar, comer, vivir, ser, tener, estar, ir, llamarse, gustar, zie grammaticaboekje)

maken: 
VOC (me gusta bailar) p. 18, p.27

Slide 4 - Slide

10 min - 
Frases clave Unidad 4

1. Oefen en leer p. 6 Frases clave 'las actividades', alle zinnen

2. Oefen en leer p.7 Frases clave 'el horario', zin 1-3
 

Slide 5 - Slide

Onregelmatige werkwoorden, nrs 39-47

Slide 6 - Slide

15 min - Verbos y números

Opdracht 1 - regelmatige werkwoorden op -er/-ir: deze link

Opdracht 2 - gustar: deze link

Opdracht 3 - getallen: deze link

PS Krijg je een waarschuwing voor beveiliging? Klik links op 'geavanceerd.'


Maak de opdrachten & beantwoord de vraag op de volgende slide. 

(let op: klik ook op ' volgende oefening bij de regelm. ww.' )

Slide 7 - Slide

Opdracht 2 - gustar:
Ik heb ............% gescoord
A
0-25%
B
25-50%
C
50-75%
D
75-100%

Slide 8 - Quiz

Slide 9 - Link

Los deberes
Estudiar / herhalen: 
voc. 4.1, 4.2 + getallen 0-100 (TB p.97) + werkwoorden hablar, comer, vivir, ser, tener, estar, ir, llamarse, gustar; Gram. boekje: nr 17ab, 34ab, 35, 41, 42.

Hacer: VOC (me gusta bailar) p. 9, 14, 28 

(Let op: p.27 moest al af zijn, heb je dit ook af? Na de TW controle en inleveren via classroom!)

Slide 10 - Slide