5.2 De komst van de fabriek

H5 - Fabrikanten en arbeiders
5.2 De komst van de fabriek
1 / 15
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 15 slides, with text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

H5 - Fabrikanten en arbeiders
5.2 De komst van de fabriek

Slide 1 - Slide

5.2

De komst van de fabriek

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

kenmerkende aspecten
1. De wetenschappelijke revolutie.
2. De industriële revoluties die in de westerse wereld de basis legde voor een industriële samenleving.
3. Discussies over de 'sociale kwestie'.
4. De moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrialisatie.
5. De opkomst van politiek-maatschappelijke stromingen: liberalisme, nationalisme, socialisme. confessionalisme en feminisme

ontwikkelingen en verschijnselen die typisch zijn voor deze periode.

Slide 4 - Slide

hoofdvraag: Hoe zorgde de Industriële revolutie voor grote veranderingen in de westerse wereld en in de koloniën?
deelvragen:
1. Op welke manier maakten de agrarische revolutie en de demografische revolutie de Industriële Revolutie mogelijk?
2. Door welke uitvindingen vond de overgang plaats van huisnijverheid naar het werken in de fabriek?
3.Wat waren de leef- en werkomstandigheden in de snel groeiende industriesteden tijdens de Industriële Revolutie?
4. Hoe en waarom veranderde na 1850 de verhouding tussen West-Europa en de gebieden in Afrika en Azië?
5.Welke belangengroepen ontstonden om de positie van de arbeiders te verbetern en de belangen van de arbeiders te verdedigen?

Slide 5 - Slide

Leerdoel
Aan het eind van deze les 
kun jij uitleggen door welke uitvindingen de overgang van huisnijverheid naar het werken in de fabriek plaats vond .

Slide 6 - Slide

Technologie
  • Bevolkingsgroei leidt tot werkloosheid platteland
  • Boeren werken in winter in huisnijverheid --> garen spinnen en kleding weven
  • Kunnen vraag naar kleding niet aan
  • Gevolg: zoektocht naar snellere productiemethoden
  • 1773: uitvinding schietspoel (John Kay)
  • Gevolg: veel meer garen beschikbaar dan wevers kunnen bewerken...

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Video

Technologie
  • 1764: Spinning Jenny (James Hargreaves)
  • Gevolg: grotere productie kleding
  • 1767: Waterframe (Richard Arkwright)
  • Spinmachine aangedreven door waterkracht
  • Te groot voor huisnijverheid + snelstromend water noodzakelijk
  • Gevolg: ontstaan fabrieken en einde huisnijverheid

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

Slide 11 - Video

Stoomkracht
  • Rivieren zijn onbetrouwbaar: weinig goede plekken en kans op droogte
  • 1720: stoommachine (Thomas Newcomen) --> gebruik in mijnbouw
  • 1777: James Watt verbetert stoommachine --> toepassing kledingindustrie mogelijk
  • Gevolg: fabrieken hebben geen rivier nodig
  • Gevolg:
       Ontstaan fabriekssteden in buurt
       kolenmijnen (urbanisatie)

Slide 12 - Slide

Aan de slag!

mk WB opdr par 5.2
opdr 1 t/m 14
niet:  12
Gebruik daarbij de teksten uit je TB 

Slide 13 - Slide

Afronden
nabespreken opdr  5 en 14

Slide 14 - Slide

Hoofdstuk 5 

Dit is alleen huiswerk  als je het in de les niet af had.

mk WB opdr par 5.2
opdr 1 t/m 14
niet: 12
Gebruik daarbij de teksten uit je TB 

Slide 15 - Slide