bewegingsvorm

Quiz bewegingsvorm

Gemaakt door Sep, Tijs en Cain

14J

1 / 26
next
Slide 1: Slide
New lesson editorBeveiligingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 26 slides, with interactive quizzes and text slide.

Report this lesson

Items in this lesson

Quiz bewegingsvorm

Gemaakt door Sep, Tijs en Cain

14J

Wat is een bewegingsvorm?

A

A. Alleen wedstrijden

B

B. Alle sport- en bewegingsactiviteiten om doelen te bereiken

C

C. Alleen training voor topsporters

D

Alleen spelletjes

Wie gebruikt bewegingsvormen?

A

Dokters

B

Sportleiders

C

koks

D

Chauffeurs

Wat is het doel van bewegingsvormen?

A

Alleen winnen

B

Doelstelling bereiken

C

geld verdienen

D

Spieren laten zien

Welke term is GEEN andere naam voor bewegingsvormen?

A

Oefenstof

B

Leerstof

C

Huiswerk

D

Trainingsvormen

Welke functie hoort bij plezier maken?

A

Gezondheid

B

Recreatie

C

Techniek

D

Tactiek

Bewegingsvormen zijn alleen voor topsporters.

A

Juist

B

Onjuist

C

Beetje van beiden

Een sportleider kiest bewegingsvormen om doelen te bereiken.

A

Juist

B

Onjuist

Leerstof is een andere naam voor bewegingsvormen.

A

Juist

B

Onjuist

Bewegingsvormen hebben maar één functie.

A

Juist

B

Onjuist

Zwemmen kan meerdere functies hebben.

A

Juist

B

Onjuist

Hoeveel functies van bewegingsvormen zijn er?

A

3

B

4

C

5

D

6

Welke functie hoort bij het verbeteren van techniek?

A

recreatie

B

Gezondheid

C

Sporttechniek

D

Ontspanning

Welke functie hoort bij fitter worden?

A

Gezondheid

B

Spel

C

Tactiek

D

Recreatie

Welke functie hoort bij samen meedoen in de maatschappij?

A

Gezondheid

B

Techniek

C

Snelheid

D

Maatschappelijke activering

Welke functie hoort bij basisvaardigheden leren?

A

Bewegingsvaardigheden

B

Tactiek

C

Spel

D

Recreatie

Recreatie betekent dat je plezier hebt in bewegen.

A

Juist

B

Onjuist

Bewegingsvormen worden alleen in de sportschool gebruikt.

A

Waar

B

Niet waar

Een bewegingsvorm kan meerdere doelen hebben.

A

Waar

B

Niet waar

Tactiek hoort bij sporttechniek en sporttactiek.

A

Waar

B

Niet waar

Gezondheid is geen functie van bewegingsvormen.

A

Waar

B

Niet waar

Welke beschrijving past het best bij een bewegingsvorm?

A

Alleen theorie

B

Alleen wedstrijden

C

Activiteiten om doelen te bereiken

D

Alleen ontspanning

Welke van deze is een andere naam voor bewegingsvorm?

A

Trainingsvorm

B

Planning

C

Huiswerk

D

Lesrooster

Waarom kiest een sportleider een bewegingsvorm?

A

Voor tijdverdrijf

B

Om doelen te behalen

C

Voor straf

D

Voor competitie

Welke hoort NIET bij bewegingsvormen?

A

Repertoire

B

Oefenstof

C

Trainingsvorm

D

Schoolvak wiskunde

Wat kan een bewegingsvorm zijn?

A

Alleen praten

B

Alleen kijken

C

Sportactiviteit

D

Alleen rusten