- Lees eerst alle opdrachten door en verdeel daarna je tijd goed over de opdrachten
- gebruik een
correcte aanhef en afsluiting (behalve bij een memo)
- gebruik hoofdletters (I -ALTIJD- maanden, dagen, begin zin etc), punten, vraagtekens en komma's op de juiste manier.
- schrijf alles voluit in je tekst (géén afkortingen! bijvoorbeeld 'I do not' ipv 'I don't'. ) cijfers mag je daarentegen wel als cijfer schrijven.
- gebruik woorden als 'and / because / so / firstly / secondly / furthermore' voor extra samenhang in je tekst
- zorg voor duidelijke structuur in je geschreven tekst (intro / kern / slot)
- wees beleefd in je geschreven tekst (I want --> I would like / Please / Could / geen scheldwoorden / zoveel mogelijk alles positief verwoorden)