Les 1 HT- Basisprincipes

hoofdstuk 2 en 4

Basisprincipes 
Organisatie in poetswerk
1 / 50
next
Slide 1: Slide
Zorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3,4

This lesson contains 50 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

hoofdstuk 2 en 4

Basisprincipes 
Organisatie in poetswerk

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Doelstellingen 
Aan het einde van dit hoofdstuk weet je meer over:  
 soorten vuil;  
hoe je schoon moet maken;  
welke materialen en middelen je gebruikt;  
hygiënisch werken;  
ergonomisch werken.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak, reinigen en onderhoud
Wie?
Waarom?
Hoe vaak?
Ruimte?
Schoonmaakmiddelen?

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Waarom maken we schoon?

Slide 4 - Open question

This item has no instructions

Een schone omgeving …  
… zorgt ervoor dat wij ons goed voelen.  
 
          … zorgt ervoor dat mensen een goede indruk krijgen.  
 
… zorgt ervoor dat de ruimte hygiënisch is.  
 
… zorgt ervoor dat materialen langer mee gaan.  

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud
Schoonmaak- en reinigingsmethoden

  • stoffen - droog vuil van kasten of tafels verwijderen
  • stofzuigen - droog vuil van de grond verwijderen
  • dweilen - aangekleefd vuil van de vloer verwijderen
  • ramen zemen
  • ...

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Schoonmaakregels
  • Eerst opruimen, ruimte goed bekijken 
  • Werk van schoon naar vuil
  • Maak eerst droog schoon, daarna nat
  • Werk van boven naar beneden
  • Maak een nieuw sopje bij het schoonmaken van de keuken en bij de badkamer en het toilet
  • Vuil sop? Maak nieuw sop. Sop na gebruik meteen weggooien i.v.m. hygiëne 
  • Controleer aan het eind de ruimte. Ruim de schoonmaakspullen op.

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud
Werkvolgorde
Werk van:
  • Van schoon naar vuil,
  • Van hoog naar laag.
  • Van droog naar nat

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Dus eerst stof afnemen (droog schoonmaken) en daarna stofzuigen (van boven naar beneden werken). Daarna nat reinigen: de vloer dweilen.

Aandachtspunten:
  • Bedenk een vaste route door de ruimte.
  • Gebruik de juiste schoonmaakmaterialen.
  • Gebruik de juiste schoonmaakmiddelen.
  • Werk veilig.
  • Werk ergonomisch.

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Werkvolgorde  
 
                                                         1. Werk van boven naar beneden.

                                                         - Eerst boven op de kastjes.
                                                                   - Als laatste de vloer stofzuigen.

Slide 11 - Slide

Je houdt bij het schoonmaken een vaste werkvolgorde aan.  
1. Werk van boven naar beneden.  
- Eerst boven op de kastjes. 
 -  Als laatste de vloer stofzuigen.


Werkvolgorde
                                                                                    2. Werk van schoon naar vies.  

                                                                        - Eerst de wastafel.
                                                                               - Als laatste het toilet. 




Slide 12 - Slide

Je houdt bij het schoonmaken een vaste werkvolgorde aan.  
 Je houdt bij het schoonmaken een vaste werkvolgorde aan.   
Werk van schoon naar vies.   
                                                                          Eerst de wastafel. 
                                                                                  Als laatste het toilet.  


Werkvolgorde

                                                                       3. Werk van droog naar nat.  

                                                                                  - Eerst het losse vuil stofzuigen. 
                                                           -  Als laatste dweilen.


Slide 13 - Slide

Je houdt bij het schoonmaken een vaste werkvolgorde aan.  
3. Werk van droog naar nat.  
Eerst het losse vuil stofzuigen.  
Als laatste dweilen. 

Voorbereiden, uitvoeren en afronden 

Voorbereiding: Zet de juiste materialen en middelen klaar. 
 
Uitvoering:  Voer de schoonmaaktaak uit. 
 
Afronding : Ruim de materialen en middelen op. 

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Wat is een schoonmaakplan?
A
Met een schoonmaakplan kun je voorkomen dat taken blijven liggen.
B
Daarin staat wat er schoongemaakt moet worden.
C
Daarin staat door wie en hoe iets schoongemaakt moet worden;
D
Daarin staat hoe vaak er schoongemaakt moet worden.

Slide 15 - Quiz

alle antwoorden zijn juist.
schoonmaak en onderhoud
Schoonmaakplan
= een goede planning waardoor je efficiënt (doelgericht) gaat werken.
In een schoonmaakplan staan de volgende onderdelen:
  • Wat je moet schoonmaken.
  • Wanneer je moet schoonmaken.
  • Hoe je moet schoonmaken.
  • Wie er moet schoonmaken.

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Hoe vaak worden de deuren schoon gemaakt?
A
Dagelijks
B
Wekelijks
C
4x per week
D
4x per jaar

Slide 18 - Quiz

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud
Dagelijks
Periodiek
Specifiek

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Soorten vuil
Zichtbare vuil: is droog vuil , licht gehecht of sterk gehechte vuil.




Onzichtbaar vuil: 
- Micro-organismen. 
- Bacteriën, virussen, schimmels en parasieten. 
- De meeste micro-organismen zijn niet schadelijk. 
- Sommige micro-organismen kunnen ons ziek maken. 

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud
Vuil
  • Droog vuil - zand/hondenharen
     verwijderen (droog): Vegen, stofzuigen, stofwissen, afstoffen 
  • Aangekleefd vuil - modder/koffievlekken
     verwijderen (nat): Met sopje. Boenen, schrobben, dweilen
  • Onzichtbaar vuil - bacteriën in keuken/op toetsenbord 
     verwijderen (desinfecteren): Eerst reinigen daarna   desinfecteren met speciaal schoonmaakmiddel

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud
schoonmaakmiddelen

  1. Reinigingsmiddelen= Een middel om het zichtbare vuil te verwijderen.
    Gebruiken voor alle oppervlakten en materialen.
    Voorbeeld: allesreiniger
  2. Desinfecteermiddelen= Een middel waarmee je onzichtbare vuil verwijdert. Het doodt micro-organismen (bacteriën en schimmels)

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Sleep de afbeeldingen en tekst naar de juiste schoonmaakmiddelen
Desinfecteermiddelen
Reinigingsmiddelen
Onderhoudsmiddelen
Om een beschermlaagje aan te brengen

Om aangekleefd vuil los te maken

Om micro-organismen (bacteriën) te doden

Slide 25 - Drag question

This item has no instructions

Schoonmaakmethoden

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Wat hoort bij wat?
Slaapkamer stofzuigen
Schoonmaken met een doek waarin schoonmaakmiddel is verwerkt
Ramen wassen
Oppervlak reinigen met alcohol
Nat schoonmaken
Droog schoonmaken
Desinfecteren
Klamvochtig schoonmaken

Slide 27 - Drag question

This item has no instructions

Verschillende Schoonmaakmaterialen
- Katoenen stofdoek / plumeau 
- Stofwisser 
- Stofzuiger 
- Bezem / stoffer en blik 



Slide 28 - Slide

Katoenen stofdoek / plumeau 
Stofwisser 
Stofzuiger 
Bezem / stoffer en blik 


Verschillende Schoonmaakmaterialen
- Microvezeldoek
- Spons, trekker en zeem 
- Moppen met microvezeldoek 
- Moppen met rolemmer-combinatie 



Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Schoonmaakdoekjes
Kleuren schoonmaakdoekjes.
De algemene geldende kleurcodes schoonmaak zijn als volgt:
  • Wit: Algemeen
  • Rood: Sanitair
  • Blauw: Interieur
  • Groen: Vloeren
  • Geel: Keuken/desinfectie

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Welk kleur doekje gebruik je voor het interieur
A
rood
B
geel
C
groen
D
blauw

Slide 31 - Quiz

This item has no instructions

Schoonmaakmiddelen 
 
- Reinigingsmiddel 
                              - Je verwijderd zichtbaar vuil.  
                                                                     - Geschikt voor alle oppervlakten en materialen.  
 
- Desinfectiemiddel 
                                  - Je verwijderd onzichtbaar vuil. 
                                                                              - Desinfecteren is het doden van micro-organismen. 
                                                                                  - Gebruiken wanneer er een groot risico op besmetting is.  

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Verschillende schoonmaakmiddelen 

Tapijtreiniger                                                         Allesreiniger
Ontvetter                            Bleekmiddel          
Ontkalker                                                               Glasreiniger
Schuurmiddel                       Sanitair reiniger 
Schoonmaakazijn



 

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Aandachtspunten schoonmaakmiddelen:
  1. Lees het etiket
  2. Volg de gerbuiksaanwijzing
  3. Dop op de fles doen
  4. Bewaarplaats (buiten bereik van kinderen)
  5. Zorg voor de juiste dosering.


Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Waar let je op als je gebruik maakt van de schoonmaakmiddelen?

Slide 35 - Open question

Bij het gebruik maken van schoonmaakmiddelen let je op het volgende: 
Lees het etiket. 
Volg gebruiks-aanwijzing 
Juiste dosering 
Dop erop! 

Pictogrammen
Schoonmaakmiddelen kunnen gevaarlijke stoffen bevatten. De gevaren van een schoonmaakmiddel worden met een pictogram weergegeven.   
Geef aan wat de symbolen betekenen.  


Slide 36 - Slide

This item has no instructions

ERGONOMISCH WERKEN

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

schoonmaak en onderhoud
Ergonomie = verstandig omgaan met je lichaam, letten op een goede houding

Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Slide 39 - Video

This item has no instructions

Welke materialen worden er klaargezet in het filmpje

Slide 40 - Open question

This item has no instructions

Wat is de juiste hoogte voor de steel?
A
schouderhoogte
B
heuphoogte
C
ooghoogte
D
borsthoogte

Slide 41 - Quiz

This item has no instructions

voor wie is ergonomisch werken bedoeld?
A
alle mensen die in België illegaal werken
B
het is voor de werknemers en de werkgevers bedoeld
C
alleen voor vrouwen
D
alleen voor zwangere vrouwen

Slide 42 - Quiz

This item has no instructions

Waarschuwingsbord bij het schoonmaken van de vloer 
 
Het dweilen van de vloer, maakt de vloer glad.  
 
Om klanten en collega’s hiervoor te waarschuwen zet je een bord neer.  

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

Rekening houden met het milieu tijdens het schoonmaken 
LET OP:   
- Bij regelmatig schoonmaken is desinfecteren niet nodig. Dit is slecht voor het milieu.   
- Gebruik schoonmaakazijn in plaats van chloor.   
- Gebruik niet te veel. Doseer het schoonmaakmiddel.   
- Meng schoonmaakmiddelen niet. 

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Hygiënisch werken 

- Zorg ervoor dat vuile en schone doeken niet bij elkaar liggen. 
 
- Was regelmatig je handen.  
 
- Draag handschoenen bij werkzaamheden waarbij er grote kans op besmetting is.  
 
- Maak schoonmaakmateriaal na afloop schoon en laat het drogen. 
 
- Werk van schoon naar vuil. 
 
- Gebruik aparte doekjes voor verschillende ruimten. 
 
- Draag schone kleding. 

Slide 45 - Slide

This item has no instructions

Handen wassen
A
Ergonomie
B
Milieu
C
Hygiëne

Slide 46 - Quiz

This item has no instructions

De juiste dosering gebruiken van schoonmaak middelen
A
Ergonomie
B
Milieu
C
Hygiëne

Slide 47 - Quiz

This item has no instructions

Geen schoenen met gladde zolen dragen
A
Milieu
B
Hygiëne
C
Ergonomie

Slide 48 - Quiz

This item has no instructions

Handschoenen dragen tijdens het werk
A
Milieu
B
Ergonomie
C
Hygiëne
D
Ergonomie en Hygiëne

Slide 49 - Quiz

This item has no instructions

De kraan niet onnodig laten lopen
A
Milieu
B
Ergonomie
C
Hygiëne

Slide 50 - Quiz

This item has no instructions