LES 1 - ORIËNTEREN

1 / 23
next
Slide 1: Slide
NederlandsPraktijkonderwijsLeerjaar 3

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 70 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Startklaar 
       
       Pak je Chromebook/ laptop voor je
       Start je Chromebook/ laptop op
       Log in op www.lessonup.app 
       Stop je telefoon in je tas of in je jas
      
timer
2:30

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Inleiding

Deze periode is het thema 'Ik en de toekomst'. 

Maar wat betekent 'toekomst' nou eigenlijk?

Waar denk jij aan als je aan de 'toekomst' denkt?
Zet de woorden in het woordweb op de volgende slide!

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Toekomst
Hoe schrijf je 'toekomst' in jouw taal?
Waar wil jij wonen
in de toekomst?
Wat wil jij bereiken in de toekomst?
Wat wil jij voor werk doen in de toekomst?
timer
10:00

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Je mag dit woord eerst in jouw eigen taal opzoeken en opschrijven
Toekomst

Slide 5 - Mind map

This item has no instructions

Leerdoelen
Aan het einde van de les ...
  • kan ik uitleggen wat 'de toekomst' betekent.
  • kan ik uitleggen wat 'de ruimte' is.
  • ken ik zes woorden die met 'ruimte' te maken hebben.

Slide 6 - Slide

Leerdoelgericht werken: 
Voor iedere leerling is duidelijk waar er aan gewerkt gaat worden. Docenten geven vanuit deze leerdoelen vorm aan
de inhoud van hun lessen. Om dit voor leerlingen behapbaar te houden wordt alleen het hoognodige aangeboden. Iedere les worden de beoogde leerdoelen kenbaar gemaakt en
worden onderwijsactiviteiten ingezet die moeten leiden tot het beoogde leerdoel. Hierbij wordt gericht ingezet op succeservaringen. Leerdoelen worden vanuit hoge positieve verwachtingen van alle leerlingen geformuleerd en zetten in op succeservaringen. 
Theorie 
De toekomst is een tijd die nog komt.
De toekomst is later.

Dit kan over 1 dag zijn, over 1 jaar, maar ook over 5 jaar! 


Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Welke woorden horen bij 'later'?
Er zijn meer antwoorden goed!
A
Morgen
B
Gisteren
C
Vorig jaar
D
Volgende week

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Theorie 
Mensen zijn heel slim.
Ze bedenken steeds nieuwe 
dingen. 

Wat gaan mensen voor nieuwe dingen bedenken voor de toekomst? Wat denk jij?

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Wat gaan mensen
voor nieuwe dingen bedenken
voor de toekomst?

Slide 10 - Mind map

This item has no instructions

Theorie 
Mensen bedenken dus nieuwe dingen. 
Ze reizen bijvoorbeeld ook naar de ruimte
Zoek dit woord in jouw eigen taal en schrijf het op

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Wat weet jij al over
de ruimte?

Slide 12 - Mind map

This item has no instructions

Theorie 
Mensen die naar de ruimte reizen, heten astronauten.

Zij reizen met een raket.

Durf jij op reis naar de ruimte?
Zoek dit woord in jouw eigen taal en schrijf het op

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Slide 14 - Video

This item has no instructions

Wie ging er als eerst naar de ruimte?
A
Een mens
B
Een hond

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Kwam de hond terug?
A
Ja
B
Nee

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

Theorie 
Wat is er allemaal in de ruimte? 
Je krijgt een werkblad van de docent.
Teken de volgende dingen:


  • Wolk
  • Zon
  • Maan
  • Sterren
  • Planeet
  • Aarde
Je mag de woorden eerst in jouw eigen taal opzoeken

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Instructie 
De docent leest een tekst.
Jij leest mee.
De tekst heet 'Het dak van de lucht'.

Zet een streep onder woorden die je niet kent.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Waar ging de tekst over?

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Afsluiting
De docent spint een woord.
Kun je uitleggen wat het is?

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Begrippen uit deze les
  • toekomst
  • ruimte
  • wolk
  • zon
  • maan
  • ster
  • planeet
  • aarde

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Afsluiting
De docent spint een woord.
Teken het op een wisbordje. 

Slide 23 - Slide

This item has no instructions