Thema 4, Week 5 (60) - Fasen en Faseovergangen

Thema 4
Arm en Rijk
Week 4 (60)



IJburg College
Leerjaar 1/2
EO / T1
1 / 17
next
Slide 1: Slide
Mens & NatuurMiddelbare schoolvmbo b, k, tLeerjaar 1

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Thema 4
Arm en Rijk
Week 4 (60)



IJburg College
Leerjaar 1/2
EO / T1

Slide 1 - Slide

Wat weet je nog van vorige week?

Slide 2 - Mind map

Leerdoelen
Je kunt de drie fasen noemen waarin stoffen kunnen voorkomen en je kunt per fase drie eigenschappen benoemen.

Je kunt de zes faseovergangen noemen tussen de drie fasen en hier een voorbeeld van noemen.

Je kunt uitleggen wat een smeltpunt en een kookpunt is.

Je kunt het smeltpunt en kookpunt van water uit het hoofd noemen.

Je kunt de fase van een stof bepalen als de temperatuur gegeven is.

Slide 3 - Slide

De fasen
Vast - bijvoorbeeld de tafels

Vloeibaar - Wat er in je flesje water zit.

Gas - de lucht om ons heen.

Slide 4 - Slide

Moleculen willen het meest bewegen in de...
A
Vloeibare fase
B
Gasfase
C
Vaste fase

Slide 5 - Quiz

Faseovergangen
Stoffen kunnen van fase veranderen.

Elke vorm van een faseovergang heeft zo zijn eigen naam. 

Welke ken je al?

Slide 6 - Slide

Smeltpunt
Kookpunt
Smeltpunt
Als je in de zomer een glas cola bestelt, zitten daar vaak ijsblokjes in. Deze zie je langzaam smelten, de temperatuur van de omgeving is hoger dan 0ºC. Het ijs is aan het smelten.
Kookpunt
Zodra water een temperatuur van 100ºC bereikt, zie je belletjes vormen. Het water is aan het koken. 
Kook- en Smeltpunt
Het kookpunt is de temperatuur waarop een stof begint te koken.
Het smeltpunt is de temperatuur waarop een stof begint te smelten.
Let op; per stof is dit een verschillende temperatuur! Hier staan voorbeelden bij water.

Slide 7 - Slide

Je hebt een metaal wat je met een gasbrander verhit totdat het smelt. Welke temperatuur heb je bereikt?
A
Het smeltpunt
B
Het kookpunt

Slide 8 - Quiz

Fasen en temperatuur
Het kook- en smeltpunt hebben invloed op de verschillende fasen.

Zo is een stof "vast" wanneer de temperatuur onder het smeltpunt van de stof is.

 Een stof is een "gas" wanneer de temperatuur boven het kookpunt is.

Hiertussen is een stof vloeibaar. 

Slide 9 - Slide

Tussen het smelt- en kookpunt is een stof in welke fase?

Slide 10 - Open question

Alice komt niet op een bepaald woord. Ze kent wel twee woorden die ermee te maken hebben, namelijk "Gas" en "Vloeibaar".
Welk woord zoekt ze?

Slide 11 - Open question

Kunnen stoffen van fase veranderen?
A
Ja
B
Nee

Slide 12 - Quiz

Water kookt bij 100ºC.
Is het kookpunt van goud hoger, of lager dan dat van water?
A
Hoger
B
Lager

Slide 13 - Quiz

De waterdeeltjes in de lucht die van de waterkoker afkomen, is water in de...
A
Gasfase
B
Vloeibare fase
C
Vaste fase

Slide 14 - Quiz

De waterdamp die van de waterkoker afkomt, is water in de...
A
Vloeibare fase
B
Gasfase
C
Vaste fase

Slide 15 - Quiz

Tijdens het koken van water vindt een faseovergang plaats. Welke is dat?
A
Sublimeren
B
Condenseren
C
Rijpen
D
Verdampen

Slide 16 - Quiz

Huiswerk en de rest van de les
Als je je huiswerk van vorige week hebt nagekeken kun je beginnen aan het huiswerk.

Je maakt deze les week 5  op de website over fase en faseovergangen.
Vervolgens lever je de opdrachten voor 21:00 uur in via showbie.


Slide 17 - Slide