HC Duitsland

HC Duitsland

Isa Bootsma 

1 / 42
next
Slide 1: Slide
New lesson editorGeschiedenisWOStudiejaar 5

This lesson contains 42 slides, with text slides.

Items in this lesson

HC Duitsland

Isa Bootsma 

Problemen in de Weimarrepubliek

politieke problemen: mensen accepteerden de nieuwe democratie niet. Ze verspreidde de dolkstootlegende: mensen die zeiden dat Duitsland had moeten doorvechten. Er was veel politieke instabiliteit. 



economische problemen: herstelbetalingen: verdrag van Versailles opgelegde betalingen. De regering liet veel meer geld printen, waardoor er een hyperinflatie ontstond. 


sociale problemen: Burgers verloren hun spaargeld door de hyperinflatie en arbeiders loon werd steeds minder waard. Rijken konden geld aflossen wat toch niets meer waard was. Door de dolkstootlegende ontstond er wantrouwen tussen de bevolkinsgroepen. 

groei NSDAP

oorzaak: economische crisis en beurskrach

gevolg: mensen verloren vertrouwen en zochten radicale oplossingen.


oorzaak: politieke instabiliteit er was democratische zwakte

gevolg: democratie werd ongeloofwaardig. Hitler beloofde als Fuhrer eindelijk knopen door te hakken. 


oorzaak: angst voor het communisme en propaganda

gevolg: mensen zagen de nazi's als beschermers van privé-bezit en kapitalisme


oorzaak: onvrede over het verdrag van Versailles en massabijeenkomsten

gevolg: NSDAP verwierp Versailles volledig ze beloofden herstel van Duitse eer en grondgebied. 


oorzaak: propaganda en organisatie en de SA

gevolg: De boodschap van Hitler bereikte miljoenen mensen en de SA intimideerden tegenstanders. Er ontstond ook veel angst, waardoor vrije verkiezingen onmogelijk werden

opbouwen totalitaire staat

kenmerk 1: eenmalige machtsovername door een partij.

machtigingswet gaf Hitler het recht om zonder parlement wetten uit te vaardigen.

gevolg: Weimarrepubliek hield op te bestaan. 


kenmerk 2: controle over de hele samenleving

Gleichschaltung (gelijkschakeling)

alle maatschappelijke organisaties werden onder nazicontrole gebracht of verboden

gevolg: geen enkele plek bleef vrij van nazi invloed. vrijheid werd vervangen door gehoorzaamheid 


kenmerk 3: enkele officiële ideologie en propaganda

propaganda onder leiding van Goebbels

alle media werd gelijk geschakeld

censuur: boeken werden verbrand en journalisten opgepakt;

gevolg: de bevolking kreeg dagelijks eenzijdig verheerlijk beeld van Hitler


kenmerk 4: onderdrukking en terreur

SS en Gestapo

ss groeide uit tot een enorme terreurorganisatie: concentratiekampen en rassenleer

Gestapo was een geheime politie die zomaar mensen arresteerden 

gevolg: verzet werd levensgevaarlijk

hoe leidde racisme tot uitsluiting en genocide 

fase 1:  wettelijke uitsluiting 

Neurenberger wetten

Rijksburgerschapswet: alleen Duits of verwant bloed kon staatburger zijn. Joden verloren politieke rechten

wet ter bescherming van het Duitse bloed: huwelijken en buitenechtelijke relaties tussen Joden en Duitsers werden verboden

gevolg: Joden werden tweederangsburgers: eigenlijk geen rechten


fase 2: gewelddadige uitsluiting en vernedering

kristallnacht (9-10 november 1938)

SA en SS vernielden veel Joodse winkels en synagogen en doodden ook Joden. 

gevolg: Joden werden gedwongen zelf de schade te betalen. Veel Joden sloegen op de Vlucht, maar landen namen maar een paar aantallen aan. 


fase 3: concentratie en isolatie 

getto's 

na de Duitse inval in Polen kwamen miljoenen Joden onder nazi-bewind.  Ze werden samengedreven in Getto's. de omstandigheden waren slecht en er vielen veel doodden. 

functie: tijdelijke opslag ze noemde het doorvoerpunten naar onbekende bestemmingen 


fase 4: transporten naar de dood

Joden werden samengedreven in veewagens zonder eten en lange ritten. 

De bestemming waren vaak speciaal gebouwde vernietingingskampen. 


fase 5: industriële genocide 

vernietigingskampen 

werkwijze: aankomst, selectie, gaskamers, lichamen werden verbrand



Hitlers buitenlandse politiek en uitbreken oorlog  

De politiek draaide om lebensraum. Hij verbrak stap voor stap het verdrag van versailles. In 1938 volgde de Anschluss, daarna eiste hij Sudetenland.

Groot-Britannië en Frankrijk paste appeasement toe. Ze wouden een oorlog voorkomen. Dus stemde ze tijdens de conferentie van Munchen in met de inname van Sudetenland.  Hitler brak de belofte om Polen niet in te vallen en deed dat in 1939. toen verklaarden de landen de oorlog


stap 1: anschluss (maart 1938)

stap 2: conferentie van Munchen (september 1938) en appeasement

stap 3: inval in Polen voor Lebensraum

3 maatregelen Duitse bezetter 

maatregel: censuur

doel: informatiecontrole 

reactie: collaboratie: meedoen aan de propganda.

reactie: verzet: drukken van illegale kranten 


maatregel: arbeidsinzet

doel: arbeid voor de oorlogsindustrie 

reactie: collaboratie: aanmelden als vrijwilliger 

reactie: verzet: onderduiken/weigeren



maatregel: jodenvervolging

doel: uitroeiing Joden 

reactie collaboratie: Joden aangeven bij de bezetter

reactie: verzet: joden helpen onderduiken 

spanningen VS en Sovjet Unie: spanningen

Na WW2 verdeelden de overwinnaars Duitsland in vier bezettingszones. Samenwerking tussen VS en Sovjet mislukte al snel door tegengestelde belangen.

oorzaak: VS wilde democratie en vrije markten, terwijl Sovjet een communistisch Oostblok wilde.

Gevolg: Duitsland werd het strijdtoneel van de Koude Oorlog


een belangrijke oorzaak van de escalatie was het Marshallplan(1947). de VS bood miljarden dollars aan West-Europese landen voor wederopbouw. Zodat er geen communisme kwam.

gevolg: West-Duitsland herstelde snel economisch, maar van de Sovjet mocht het Oostblok geen om hulp aan te nemen. Zo ontstonden twee verschillende economieën


spanning bereikte een hoogtepunt in 1948. oorzaak: Stalin wilde de westerse geallieerden dwingen in West-Berlijn op te geven.  

gevolg: de VS en de Groot Britannië begonnen een luchtbrug. Dus de blokkade mislukte: Stalin moest in mei 1949 opgeven. 


het belangrijkste gevolg is de formele deling van Duitsland 

oorzaak: de luchtbrug had bewezen dat de samenwerking met de Sovjet onmogelijk was geworden. 

gevolg: in mei 1949 ontstond de westelijke zones de Bondsrepubliek Duitsland een democratische staat verbonden aan het Westblok. in oktober 1949 volgde uit de Sovjet-zone de Duitse democratische republiek een communistische dictatuur het Ootsblok. 

verschillen tussen BRD en de DDR


gebied: politiek

BRD: democratie met meerdere partijen en vrije verkiezingen.

DDR: communistische dictatuur met een machtige partij


gebied: economisch

BRD: vrijemarkteconomie en veel particuliere bedrijven

DDR: planeconomie waarbij de staat bedrijven bestuurde 


gebied: maatschappelijk 

BRD: meer persoonlijke vrijheid, vrij reizen en vrije meningsuiting 

DDR: minder vrijheid, controle door de staat en de geheime dienst


gebied: cultureel

BRD: meer westerse invloeden, zoals popmuziek, films en mode

DDR: cultuur stond onder controle van de overheid en moest het communisme steunen. 

Berlijnse muur en gevolgen

redenen bouw Berlijnse muur 

- De DDR wilde de vluchtelingenstroom stoppen. gevolg: mensen konden niet meer vrij reizen naar West-Berlijn



DDR wilde braindrain voorkomen. gevolg: hoogopgeleide mensen moesten in Oost-Duitsland blijven werken.


De DDR wilde het Communistische systeem beschermen tegen westerse invloeden. gevolg: burgers kregen te maken met meer controle, bewaking en propaganda van de staat


gevolgen:

1. mensen konden niet meer vrij reizen: families en vrienden werden van elkaar gescheiden 

2. de vlucht uit de DDR stopte grotendeels: het werd bijna onmogelijk om naar West-Duitsland te vluchtten

3. de spanningen nemen toe: de muur werd het symbool van de scheiding tussen het communisme en kapitalisme 

ostpolitik en internationale ontspanningen 

ostpolitik: de politieke toenadering van West-Duitsland tegenover Oost-Europa en de DDR tijdens de koude oorlog tussen Oost en West

Helsinki akkoorden: de afspraken uit 1975 tussen veel Europese landen, de VS en de Sovjet over samenwerking, vrede en mensenrechten. 

detente: een periode van ontspanning en minder spanniingen tijdens de koude oorlog tussen Oost en west. 


volgorde:

ostpolitik, detente, erkenning DDR, Helsinki akkoorden, val van de muur. 


Door de Ostpolitik van Willy Brandt gingen de BRD en de DDR meer samenwerken en met elkaar praten  in plaats van tegenwerken.

gevolgen:

beide landen erkenden elkaar officieel

er kwamen verdragen en afspraken

mensen konden gemakkelijker familie bezoeken over de grens.

spanningen tussen Oost en West Duitsland namen af.

oorzaken en gevolgen val van de muur

oorzaken:

1. glasnost: in de Sovjet kwam meer openheid. mensen mochten kritischer praten over de regering, waardoor het communistische systeem verzwakte

2. perestrojka: ook hervormingen in de economie zorgden voor veranderingen. het systeem werkte slecht en verloor steun.


oorzaken

protestbewegingen: In de DDR kwamen steeds meer demonstraties. Mensen eisten vrijheid en hervormingen 

open grenzen: door veranderingen in het beleid werden plots minder streng gecontroleerd, waardoor mensen massaal konden oversteken 


gevolgen

Duitse eenheid: oost- en west-Duitsland werden weer een land in 1990

einde van de scheiding in Europa: de koude oorlog kwam tot een einde en de kloof tussen Oost en West werd kleiner

volgorde WW2

1

beurskrach

2

verdrag van Versailles ondertekend

3

conferentie van Munchen

4

overgave Duitsland WW2

5

Hitler werd rijkskanselier

6

oorlogsverklaring

volgorde Koude Oorlog

1

bouw van de Berlijnse Muur

2

BRD en DDR erkende elkaar

3

oprichting BRD en DDR

4

val van de muur

5

herenigd Duitsland en Sovjet valt uiteen

6

blokkade van Berlijn