Veel gemaakte fouten in de schrijfopdrachten: Ansichtkaart

1 / 18
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 3

This lesson contains 18 slides, with text slides.

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Schrijfopdracht 1
Eine E-Mail schreiben

Slide 2 - Slide

GOED
Ich komme aus den Niederlanden.
FOUT
Ich komme aus die Niederlande

Slide 3 - Slide

Tijdsaanduidingen 

in september, in januari, in de zomer = maanden & seizoenen

op maandag, op dinsdag
= dagen, dagdelen

om half 5, om 1 uur = tijd


im September, im Januar, im Sommer

am Montag, am Dienstag


um halb 5, um 1 Uhr

Slide 4 - Slide

GOED
Ich bin 14 Jahre alt. 
FOUT
Ich bin 14 jahre alt.

Slide 5 - Slide

GOED
Liebe Grüße

Laura
FOUT
Liebe Grüße Laura

Liebe Grüße,

Laura

Slide 6 - Slide

Hoofdlettergebruik
  • Begin van de zin
  • Namen (personen, regio’s, landen, talen, merken...)
  • Beleefdheidsvorm van persoonlijke voornaamwoorden (Sie-vorm)
  • Zelfstandige naamwoorden (woorden waar een lidwoord – der, die, das – voor kan staan)

Slide 7 - Slide

Gebruik van 'lecker' 
In het Nederlands gebruiken we het woord 'lekker' erg vaak. 
Bijvoorbeeld: Het is lekker weer! Of 'Gelukkig hebben we nu lekker vrij'. 
In het Duits gebruik je 'lecker' allen in combinatie met eten of drinken. 

Slide 8 - Slide

GOED
Wie geht es dir?
Mir geht es gut. 


FOUT
Wie geht es mit dir?
Mit mir geht es gut. 

Slide 9 - Slide

Verschil tussen 'nach Hause' & 'zu Hause'
nach Hause
zu Hause
naar huis
thuis
Ich gehe nach Hause. 
Ich bin zu Hause. 

Slide 10 - Slide

Interpunctie - komma
In het Duits staat tussen een hoofdzin en een bijzin altijd een komma - voor het voegwoord.
Bijvoorbeeld: 
  • Sie blieb zu Hause, weil sie krank ist. 
  • Sie waren arm, aber glücklich. 

Slide 11 - Slide

Interpunctie - komma
Als de zinnen worden verbonden met 'und' of 'oder' staat er geen komma

Bijvoorbeeld: 
  • Bald gibt es Ferien und dann fahren wir nach Mallorca.
  • Gehst du schon schlafen oder liest du noch ein paar Seiten?

Slide 12 - Slide

Interpunctie - komma
Na de aanhef boven een e-mail of een brief volgt een komma.
 
Bijvoorbeeld: 
  • Lieber Jan,
  • Liebe Lisa,

NA DE AFSLUITING VOLGT GEEN KOMMA!!!!

Slide 13 - Slide

GOED
Im Augenblick (= op het moment, momenteel)

Ich arbeite 2 Tage in der Woche. 

In meiner Freizeit spiele ich Fußball
FOUT
Auf Augenblick


Ich arbeite 2 Tage in die Woche.

In meine Freizeit spiele ich Fußball. 

Slide 14 - Slide

Schrijfopdracht 
Eine Postkarte schreiben

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

1) Schrijf een correcte aanhef.
    Vraag hoe het met hem gaat.
2) vertel dat jij op school Duits leert.
3) Feliciteer Martin met zijn verjaardag.
4) Vertel wanneer jij jarig bent.
5) Schrijf een afsluitende groet
6) onderteken met Klasse 4 VCO
7) Schrijf een correcte adressering.
- Schrijf eerst een kladversie.
- Kijk de kladversie goed na: 
  • Großbuchstaben
  • Regels brief schrijven

Slide 18 - Slide