Gespräche führen

Gespräche führen
1 / 30
next
Slide 1: Slide
DuitsMBOStudiejaar 2

This lesson contains 30 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min
Report this lesson

Items in this lesson

Gespräche führen

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Periode 1
  • Voorbereiden examen Gesprekken voeren.
  • (wk.34-35-36-37-38-39-40-41-42-43-44)
  • 7 lessen-2 thema's
  • Thema 1= Der Auscheck
  • Thema 2= Gespräche im Restaurant

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Der Auscheck

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Programm 25/8/26 (1)
Redemittel sammeln
Hörübung
Selbst sprechen
Aufgaben beim Gespräch



Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Ziel
Na deze les:
- kun je een aantal standaard woorden en zinnen die in een uitcheckgesprek voorkomen benoemen


Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Kennis ophalen
Welke dingen moeten er volgens jou gebeuren tijdens een hoteluitcheck gesprek?
Noteer woorden, vragen of zinnen die je hierbij kent.
Nederlands mag. Duits mag. Een combinatie mag.

  • Eerst alleen (3 min.)
  • Dan in tweetallen vergelijken/ aanvullen (3 min.)
  • Daarna klassikaal bespreken

timer
10:00

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Beispielgespräch
  • Luister naar het voorbeeldgesprek.
  • Beantwoord bijbehorende vragen op je Arbeitsblatt.
  • Vergelijk je antwoorden met je medestudent. Waar zijn jullie zeker van, van welk antwoord minder zeker?


timer
10:00

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Beispielgespräch
  • Luister nogmaals naar het gesprek.
  • Op je Arbeitsblatt staan een aantal gespreksfases.
  • Wanneer hoor je welke fase in het gesprek?
  • Noteer een cijfer (1 t/m 9) voor de verschillende fases.
timer
5:00

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Transcript lezen
  • Je ontvangt het transcript van het voorbeeldgesprek.
  • Lees dit transcript in tweetallen door (in het Duits).
  • Check je antwoorden aan de hand van het transcript.
  • Controleer de door jouw genoteerde fase-volgorde.
  • Komt jouw voorkennis in het gesprek terug? Onderstreep woorden/ zinnen die je (her)kent.
  • Kruis woorden/ zinnen aan die je (nog) niet kent. 

timer
10:00

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Gesprek rondom fases
  • Je ontvangt beide een blad met daarop een aantal fases.
  • Formuleer op basis van deze fases een minigesprekje.
  • Voor ondersteuning mag je kijken in je transcript, maar je mag ook zelf proberen om zinnen te formuleren.
  • Nadat je klaar bent, draai je de rollen om.


timer
10:00

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Vorige les (25-8)

  • Voorkennis receptiegesprek
  • Gesprek beluisteren + vragen beantwoorden
  • Transcript lezen en (ant)woorden analyseren.
Deze les (01-09)

  • Kernwoordendictee
  • Inzoomen op gebruik verleden tijd
  • Zinnen aanvullen
  • Alternatieven construeren
  • Fases inoefenen


Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Ziel
Na deze les...
  • kan je een aantal standaard kernwoorden in een receptiegesprek in het Duits benoemen.
  • kan je Duitse zinnen rondom die kernwoorden formuleren.
  • kan je in het Duits vragen hoe het verblijf van de gast was, of er nog bijzonderheden waren en of ze iets uit de minibar gehad hadden.

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Woorddictee
Ik noem een aantal Duitse woorden.
Schrijf deze op, op basis van wat je hoort.
Vertaal ze daarna naar het Nederlands.
timer
5:00

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Maak met een van de woorden uit het woorddictee een zin die een receptionist/e in een uitcheckgesprek zou kunnen gebruiken.

Wie war - waren da - können Sie - darf ich - Die Bezahlung - Ich wünsche - bis 
timer
5:00

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Feedback vragen
Als je aan een gast vraagt hoe het verblijf was, of wat er tijdens het verblijf gebeurde, heb je een aantal vormen nodig.


War<br>Waren
Hatte<br>Hatten
gab es

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Mal üben.
Je ontvangt een hulpblad met daarop de verschillende vormen uitgelegd.
En je ontvangt een oefenblad met zinnen waarin je de juiste vorm moet noteren.

timer
10:00

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Sprechübung
  • Je ontvangt een aantal strookjes met daarop een zin waarin een van de zojuist geoefende vormen ontbreekt.
  • Lees de zin rustig en duidelijk in het Duits voor aan een medestudent, zonder dat je de juiste vorm noemt. 
  • Je medestudent raadt welke vorm er in de zin moet komen en herhaalt daarna de gehele zin incl.de juiste vorm in het Duits. 
  • Daarna leest je medestudent een strookje voor en raadt jij de juiste vorm. 
timer
8:00

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Gesprek rondom fases
  • Je ontvangt beide een blad met daarop een aantal fases.
  • Formuleer op basis van deze fases een minigesprekje.
  • Voor ondersteuning mag je kijken in je transcript, maar je mag ook zelf proberen om zinnen te formuleren.
  • Nadat je klaar bent, draai je de rollen om.


timer
10:00

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Resumé
Wat weet je na deze les?
  • Hints...
  • Maak de zin af.

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Vorige les (01-09)

  • Kernwoordendictee
  • Inzoomen op gebruik verleden tijd
  • Zinnen aanvullen
  • Alternatieven construeren
  • Fases inoefenen
Deze les (08-09)

  • Kernwoorden herhalen
  • Herhalen uitleg verleden tijdsvormen sein-haben-es gibt
  • Verleden tijdszinnen uitwisselen
  • Reageren op feedback P + N.
  • Inoefenen eerste fase gesprek.

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Terugkoppeling vorige les:
erfolgreich / gelungen
die Heimreise
der Aufenthalt
Darf ich
die Rechnung
überprüfen

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Wat lastig was
Werkwoorden vervoegen.
Wat nodig: verschillende personen en woorden die naar personen verwijzen.
Waarom moet je dat weten? Omdat personen bepalen hoe het werkwoord verandert.
Wanneer jij in je taalgebruik actief werkwoorden verandert, dan heet dat 'vervoegen'. 
Daarvoor kunnen die schema's helpend zijn. In die schema's kun je per persoon terugvinden hoe die werkwoorden veranderen (hoe je ze moet vervoegen).

Dat oefenen in die zinnen is ervoor om het vervoegen te automatiseren, zodat je het in het normale spreken/voeren van gesprekken automatisch goed doet....dat je niet zegt: Hast Sie eine Reservierung.
Hier nog even opnieuw bij stilstaan.

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Feedback vragen aan de gast
Wie war Ihr Aufenthalt?
Gab es Besonderheiten?
Hatten Sie vielleicht noch Bemerkungen?
Waren Sie zufrieden?
War alles in Ordnung?
Waren da noch Probleme?

Slide 23 - Slide

Wat valt je op?
waar staat het werkwoord?
welke woorden verwijzen naar één persoon/meerdere personen?
Samen oefenen...
Maak een vraag waarin je onderstaande woorden verwerkt.

nach Wunsch? 
die Gäste / zufrieden?
Sie / gute Zeit?
kritische Bemerkungen?

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Arbeitsblatt
Maak met de gegeven woordelementen feedbackopvragende zinnen.
timer
7:00

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

zu Zweit üben
Oefen met de feedbackophalende vragen op je taalkaart en reageer op de feedbackvragen van je medestudent. 
timer
5:00

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Reflectie 8/9/26
Tot hier gekomen, studenten niet echt aan.
Was / waren
Had / hadden
Was er nog sprake van 
Uiteindelijk komt het op bovenstaande neer...
Vergelijkingsopdracht maken de volgende keer.
Waren sie / War Sie / was Sie zufrieden?
Waren alles / war alles/ was alles nach Wunsch?
Een overzicht van Can Do descriptoren maken en daarachter de betekenis en de achterliggende techniek

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Und wie reageriet man auf Reaktionen?
"Ja, alles war wunderbar. Das Frühstück war ausgezeichnet."

"Na ja … eigentlich nicht. Das Zimmer war alt und schmutzig."

Was können Sie als Rezeptionist/in antworten?
Denk hier kort in jezelf over na. 
timer
2:00

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Hör mal zu.
Je hoort een aantal gastreacties.
Ik wijs vervolgens een student aan die er een passende reactie op geeft. 

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Tussentijdse oefening
Schrijf een gesprek uit tot aan positieve/ negatieve reactie op feedback en bespreek dit met een medestudent.

Slide 30 - Slide

This item has no instructions