Opdracht
Voer het gesprek in het Duits.
Zorg ervoor dat je in het gesprek:
jezelf kort voorstelt
je functie en afdeling noemt
uitlegt wat jouw belangrijkste werkzaamheden zijn
vertelt waarvoor collega’s of klanten bij jou terecht kunnen
minstens twee vragen stelt over de functie van de ander
het gesprek netjes afrondt