Correcties op de voorraad en correcties op de inkoopwaarde

Inkoopwaarde van de omzet
Correcties op de voorraad
Correcties op de inkoopwaarde
1 / 21
next
Slide 1: Slide
VerkoopcijfersMBOStudiejaar 1

This lesson contains 21 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Inkoopwaarde van de omzet
Correcties op de voorraad
Correcties op de inkoopwaarde

Slide 1 - Slide

Spoorboekje
  1. Klasregels en Mededelingen
  2. Wat weet je nog? 
  3. Leerdoelen
  4. Theorie
  5. Huiswerk nakijken
  6. Samen oefenen
  7. Zelfstandig werken
  8. Checken leerdoelen
  9. Voor de volgende les
  10. Feedback

Slide 2 - Slide

Zo doen we dat hier
  • Op tijd zijn en op tijd beginnen.
  • Jas in de kluis, pet of muts af en tas op de grond.
  • Mobiel op stil en in de tas.
  • Laptop in de tas bij aanvang van de les.
  • Mobiel en laptop pas gebruiken als docent dit aangeeft.
  • Huiswerk noteren.
  • Huiswerk maken (wordt gecontroleerd).
  • Zelfstandig werken is in stilte.
  • Blijf van elkaars spullen af.
  • Niet eten of drinken in het lokaal.
  • Geen boeken, geen toegang tot de les.
  • Plassen in de pauze of tijdens leswisselingen.
  • Lokaal netjes achterlaten.

Slide 3 - Slide

Mededelingen
Voor de laatste keer!

Het boek voor dit vak is Nu Retail Niveau 4 Bedrijfseconomie.
Leerboek ISBN 978-90-01-88393-5
Werkboek ISBN 978-90-01-88390-4

Dit boek ga je de komende jaren ook bij andere vakken gebruiken!

Slide 4 - Slide

Verkoopcijfers
  • HANDEL
  • VAN INKOOP NAAR VERKOOP
  • INKOOPWAARDE VAN DE OMZET
  • INDEXCIJFERS
  • STATISTIEK
  • RAPPORTAGE EN PRESENTATIE VERKOOPCIJFERS
  • VERKOOPPROGNOSE

Slide 5 - Slide

Leerdoelen
Je begrijpt:
  • dat je de inkoopwaarde van de omzet moet weten om de brutowinst te berekenen;
  • dat er soms mutaties in de voorraad plaatsvinden die je ook moet meenemen in je voorraad;
  • dat je soms correcties op de inkoopwaarde moet berekenen zoals eigen gebruik.
Je kunt:
  • met een correctie op de voorraad herkennen en berekenen;
  • met een voorraadschema de juiste verkochte voorraad berekenen;
  • het onderscheid maken tussen correcties je moet optellen bij of aftrekken van de inkoopwaarde;
  • een correctieschema toepassen om zo een correcte inkoopwaarde van de omzet te berekenen.

Slide 6 - Slide

Wat weet je nog?
  • Af te dragen btw?
  • Brutowinstopslag?
  • Brutowinst als percentage van de inkoopprijs?
  • Consumentenprijs
  • Inkoopprijs
  • Afzet
  • BETA-formule

Slide 7 - Slide

Hoe zat het ook al weer?
Om de brutowinst te berekenen, moet je de InkoopWaarde van de Omzet weten. De InkoopWaarde van de Omzet kun je berekenen met het brutowinstschema. InkoopWaarde van de Omzet korten we af tot IWO. De IWO kunnen we theoretische berekenen of via de voorraadmutaties. IWO via de voorraadmutaties doen we met behulp van de BETA formule.
Er is een verschil tussen inkoopprijs en IWO. De inkoopprijs van een product is de prijs die je betaalt bij de inkoop. De InkoopWaarde van de Omzet is de inkoopwaarde van een product of dienst die in een bepaalde periode zijn verkocht. Wanneer ze zijn ingekocht maakt niet uit.

Slide 8 - Slide

Rekenvaardigheid
Je gaat je eigen opgave maken over een onderwerp. Het rad bepaald jouw onderwerp. Kijk in het werkboek of de opgavenbladen ter inspiratie maar kopieer niet. Wees creatief!

Na 10 minuten mag je jouw opgave voorleggen aan de klas!
timer
1:00

Slide 9 - Slide

Hoeveel stuks verkocht
Op maandagochtend zijn er in de winkel 7 kratten bier aanwezig.
De inkoopprijs van een krat bier is € 7,69
De verkoopprijs van een krat bier is € 12,99
Op maandagmiddag worden er 20 kratten bier geleverd door de leverancier.
Na sluitingstijd zijn er nog 13 kratten bier over.


Hoeveel kratten bier zijn er verkocht op maandag?
BETA:7-13+20=14
14 kratten
Hoe groot is de inkoopwaarde van de omzet op maandag?
BETA:7-13+20=14
14 kratten
IWO=14x€7,96=€107,66

Slide 10 - Slide

Inkoopwaarde van de omzet
In het voorbeeld hiervoor IWO van een product. IWO over de totale omzet gaat hetzelfde, ALLEEN reken je dan vaak met een waarde van de voorraad.

Kevin wil de inkoopwaarde van de omzet weten over het afgelopen jaar.
Hij heeft de volgende gegevens:
  • waarde beginvoorraad: € 131.500
  • waarde eindvoorraad: € 110.750
  • waarde inkopen: € 273.550

Hoe groot is de IWO van afgelopen jaar?
BETA
€131.500-€110.750+€273.550=€294.300

Slide 11 - Slide

Correcties op voorraad
Naast leveringen aan klanten en leveringen van leveranciers kan de voorraad ook nog op andere manieren wijzigen.  Je krijgt bijvoorbeeld beschadigde goederen binnen die je terugstuurt naar de leverancier, maar ook klanten kunnen goederen terugsturen. Deze correcties moet je meenemen in je voorraadberekening voor de InkoopWaarde van de Omzet.
De BETA formule is nu niet handig om te gebruiken dus maken we en voorraadschema.

Slide 12 - Slide

Voorraadschema

Slide 13 - Slide

Bereken de IWO
Beginvoorraad kledingwinkel is € 20.000
Ingekocht € 200.000 aan kleding
Direct teruggestuurde kleding ivm
kwaliteit € 1.500
Kleding terugontvangen van
klanten € 3.300
Eindvoorraad kledingwinkel is € 50.000
Hoe groot is de IWO van de kledingwinkel

Slide 14 - Slide

Correcties op de inkoopwaarde
Naast aanpassingen op de voorraad zijn er vaak ook nog correcties nodig op de InkoopWaarde van de Omzet. 

Slide 15 - Slide

Correctieschema IWO

Slide 16 - Slide

Bereken de IWO
Erik, eigenaar van doe-het-zelfzaak 'De Klus', verkoopt bouwmaterialen en dergelijke, maar verhuurt ook gereedschap.
Voor de afschrijvingskosten van de verhuur in 2016 rekent hij € 5.250.
Verder heeft hij € 500 betaald aan contributie aan en inkoopvereniging en is hij € 200 kwijt aan derving.
De inkoopprijs van alle verkochte artikelen in 2016 is € 210.113.
Het totaal aan ontvangen betalingskortingen is € 1.125.
Aan omzetbonus ontving Erik € 750.
Voor eigen gebruik heeft hij gereedschap meegenomen voor € 75.

Hoe groot is de InkoopWaarde van de Omzet

Slide 17 - Slide

Meer theorie lezen
Hoofdstuk 1.5 van leerboek.
Hoofdstuk 2.1 van leerboek.

Slide 18 - Slide

Zelfstandig werken
Opgavenblad:
  • IWO en correcties
Werkboek:
  • Hoofdstuk 1.5 opgave 3, 5, 6 & 7
  • Hoofdstuk 2.1 opgave 5 & 7

Regels zelfstandig werken
  1. Eerste 10 minuten totaal zelfstandig. Geen overleg en geen vragen.
  2. Daarna overleg met je buurman of buurvrouw.
  3. Kom je er dan nog niet uit dan vragen aan mij.
timer
1:00

Slide 19 - Slide

Herhalen en samenvatten
  • Welke twee soorten correcties op de IWO kennen we?

Slide 20 - Slide

Vooruitblik
Volgende les:
  • Exploitatiekosten en bruto- en nettowinst
Huiswerk
Opgavenblad:
  • IWO en correcties

Werkboek:
  • Hoofdstuk 1.5 opgave 3, 5, 6 & 7
  • Hoofdstuk 2.1 opgave 5 & 7

Slide 21 - Slide