Goed bijvullen in de winkel
Goed bijvullen in de winkel
De les gaat over winkelwerk in een economische context: netjes werken, minder verlies en producten op tijd verkopen.
Lesdoel
Ik kan producten op de juiste manier bijvullen in de winkel en uitleggen wat FIFI en derving zijn.
This item has no instructions
Welk woord past bij goed bijvullen?
Gebruik de antwoorden als start: bijvoorbeeld netjes, datum, schap, vooraan, achteraan, controle.
Bijvullen: wat is dat?
Bijvullen betekent:
nieuwe producten in het schap zetten
lege plekken aanvullen
zorgen dat het schap netjes blijft
Goed bijvullen helpt de winkel én de klant.
Leg uit dat bijvullen niet alleen 'meer neerzetten' is, maar ook controleren, ordenen en verkopen mogelijk maken.
Waarom goed bijvullen belangrijk is
Klanten vinden producten sneller
Het schap ziet er netjes uit
Oudere producten worden eerst verkocht
Er is minder kans op verspilling
De winkel loopt minder omzet mis
Koppel dit aan economie: een nette, gevulde winkel verkoopt beter en verspilt minder.
Stappen bij het bijvullen
Kijk welk product in het vak hoort
Controleer de datum
Zet oude voorraad vooraan
Zet nieuwe voorraad achteraan
Maak het schap netjes
Benadruk rustig werken en goed kijken naar product, plek en houdbaarheidsdatum.
Netjes en veilig werken
Vul het juiste product op de juiste plek
Zet producten recht en naar voren
Laat geen dozen in het gangpad staan
Werk schoon en rustig
Meld kapotte of lekkende producten
Noem dat veiligheid voor medewerkers en klanten belangrijk is. Dit hoort ook bij goed winkelwerk.
Wat doe je bij goed bijvullen?
Datum controleren
Dozen laten staan
Alles mengen
Schap leeg laten
Toetst de basis van bijvullen en veilig/netjes werken uit slides 2-5.
Vul de woorden in
Bij goed bijvullen zet je het juiste product op de juiste plek. Je controleert de datum en maakt het schap netjes. Zo blijft de winkel veilig en overzichtelijk.
Kernwoorden uit het eerste blok: bijvullen, datum, schap.
FIFI: wat betekent dat?
FIFI betekent:
First In, First Out
Producten die er het eerst waren, verkoop je ook het eerst.
Gebruik dezelfde term steeds: FIFI. Houd het simpel op A1-niveau.
Zo werk je met FIFI
Kijk naar de houdbaarheidsdatum
Oudere producten gaan vooraan
Nieuwere producten gaan achteraan
Controleer altijd tijdens het bijvullen
Zo blijven producten niet te lang liggen
Leg uit dat FIFI vooral belangrijk is bij eten en drinken, maar ook bij andere producten met datum.
Voorbeeld van FIFI
Er staan pakken melk in het schap.
melk met datum 10 mei → vooraan
melk met datum 15 mei → achteraan
Zo verkoop je eerst de oudste melk.
Een concreet voorbeeld helpt deze doelgroep. Wijs eventueel op echte datums op verpakkingen.
Waarom FIFI belangrijk is
FIFI helpt de winkel om slim te werken.
minder producten over datum
minder verspilling
minder verlies voor de winkel
klanten kopen goede producten
Verbind FIFI hier direct met derving als brug naar het volgende deel.
Wat betekent FIFI?
First Out, First In
First In, First Out
Fast In, Fast Out
Full In, Full Out
Controleert of leerlingen de afkorting FIFI kennen.
Welke melk zet je vooraan?
Datum 15 mei
Nieuwe melk
Datum 10 mei
Ongeopende doos
Gebaseerd op het melkvoorbeeld: oudste datum vooraan.
Vul de woorden in
Bij FIFI kijk je naar de houdbaarheidsdatum. Oudere producten gaan vooraan en nieuwere producten gaan achteraan. Zo blijven producten niet te lang liggen.
Laat leerlingen de volgorde van FIFI actief invullen.
Wat is derving?
Derving is verlies van producten of geld in de winkel.
Dat gebeurt als producten niet meer verkocht kunnen worden of verdwijnen.
Houd de definitie eenvoudig. Derving is een kernbegrip binnen economie en winkelpraktijk.
Hoe ontstaat derving?
producten over datum
kapotte producten
producten die vallen of lekken
verkeerd bijvullen
diefstal
Noem alleen herkenbare voorbeelden uit de winkelpraktijk. Houd het concreet.
Bijvullen en derving
Goed bijvullen helpt tegen derving.
juiste product op juiste plek
datum controleren
FIFI gebruiken
kapotte producten melden
Zo kan de winkel meer verkopen en minder verliezen.
Laat zien dat goed werken direct invloed heeft op kosten en opbrengst van de winkel.
Wat doet een goede medewerker?
Een goede medewerker:
werkt netjes
controleert de datum
gebruikt FIFI
ziet kapotte producten snel
helpt derving kleiner maken
Rond hiermee de inhoud af: goed bijvullen, FIFI en derving horen bij elkaar.
Wat is derving?
Extra voorraad
Verlies in winkel
Netjes werken
Vol schap maken
Eenvoudige begripscontrole van slide 10.
Vul de woorden in
Goed bijvullen helpt tegen derving. Je gebruikt FIFI en controleert de datum. Ook meld je kapotte producten snel.
Verbindt de laatste slides: bijvullen, FIFI en derving horen bij elkaar.
Wat heb je vandaag geleerd?
Laat leerlingen in eigen woorden noemen wat ze meenemen, bijvoorbeeld datum controleren, oudste product vooraan, FIFI of derving.
Wat hielp jou het best?
Mogelijke antwoorden: FIFI, datum kijken, juiste plek, kapotte producten melden. Bespreek wat het leren makkelijker maakte.
Hoe goed snap jij FIFI en derving nu?
This item has no instructions
Begrippen
bijvullen - nieuwe producten in het schap zetten
schap - plek in de winkel waar producten staan
voorraad - producten die de winkel nog heeft
houdbaarheidsdatum - datum tot wanneer een product goed is
FIFI - First In, First Out; oudste product eerst verkopen
derving - verlies van producten of geld in de winkel
verspilling - producten weggooien die niet meer verkocht worden
This item has no instructions