Romantiek

Romantiek
1825-1910



Pak een aantekeningenschrift + pen!
1 / 33
next
Slide 1: Slide
MuziekMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes, text slides and 7 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Romantiek
1825-1910



Pak een aantekeningenschrift + pen!

Slide 1 - Slide

ONTSTAAN
Na de Franse Revolutie grijpen de de burgers de macht. De mens wordt gedreven door emoties als woede en angst. Europa industrialiseerd, steden worden steeds groter. Kunstenaren willen vluchten uit deze wereld, daarom zoeken ze inspiratie in sprookjes en droomwerelden. De Romantiek betekent het uiten van persoonlijke gevoelens in de kunst.

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Video

muzikale kenmerken
-klankleur veranderd
- orkest wordt groter
-chromatiek
- muzikale climax
-overgangsdynamiek: aanzwellen van zacht naar sterk en omgekeerd.
-tempo: accelerando  (steeds sneller)of riternuto (langzamer)
-articulatie

Slide 4 - Slide

welke instrumentengroep verbeeldt het vliegen van de Walküren, en hoe wordt het vliegen uitgebeeld?
A
houtblazers
B
koperblazers
C
strijkers
D
slagwerk

Slide 5 - Quiz

Hoe wordt het vliegen uitgebeeld?
A
Door hoge en lage trillers
B
Door op en neer gaande loopjes met korte noten
C
Door een heldhaftige melodie
D

Slide 6 - Quiz

Wat is het tempo van dit stuk?
A
Allegro
B
Adagio
C
Andante

Slide 7 - Quiz

Wat is de term voor de speelwijze van de pianist
A
Legato
B
Staccato

Slide 8 - Quiz

Hoe hoor je dat het midden in de nacht is?

Slide 9 - Open question

Wat is de maatsoort?
A
tweedelig
B
driedelig

Slide 10 - Quiz

Wat is de technische term voor de speelwijze van de strijkers?

Slide 11 - Open question

Aan de slag!
-Thuiswerkers: Maken: Examentraining 1 (Muziek oud en Nieuw)

Leerlingen op school:  Instrumententrainer (Houtblazers, Koperblazers, Strijkers, Slagwerk, Tokkel/Toetsinstrumenten)oefenen

-


Slide 12 - Slide

GA NAAR BLZ. 62 + 63
 OPDRACHT A, B, C, D + G

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Video

Slide 15 - Slide

Dynamische tekens: 
ritenuto: vertragen

accelerando: versnellen
 

Slide 16 - Slide

Articulaties
De manier waarop je een toon speelt
legato: gebonden spelen
staccato: kort spelen
pizzicato: met je vingers aan de snaren plukken van het snaarinstrument.

Slide 17 - Slide

het orkest
- symfonie: langer,
meer thema's expositie,
doorwerking langer, modulaties minder verwante toonsoorten
-programmamuziek: een verhaal zonder woorden, sfeer met muzikale middelen neerzetten.
-componist is vrij om zijn eigen verbeeldingskracht te gebruiken.

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Video

instrumentgroepen
strijkers: viool, altviool, cello, contrabas
houtblazers: fagot, klarinet, hobo, saxofoon
koperblazers: trompet, trombone, tuba, hoorn, dwarsfluit
slagwerk: pauken, gong, vibrafoon, metalofoon,

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Video

GA NAAR BLZ. 66
OPDRACHT C + D

Slide 24 - Slide

Slide 25 - Video

het lied+pianomuziek + operette 
- huiskamer concerten
-pianobegeleiding
-coupletlied: aantal coupletten, dezelfde tekst,  zelfde melodie
-doorgecomponeerd lied: steeds versch. melodieën die de gebeurtenissen in de tekst volgen
-piano verbeterd
- operette: luchtig muziektheater, de voorloper van de musical

Slide 26 - Slide

grote dynamische verschillen, klinkt voller, 
wals: matig tot snelle dans in 3/4 maatsoort

rubato: vrij in tempo, vrij in de maat spelen

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Video

Wer reitet so spät durch Nacht und Wind?
Es ist der Vater mit seinem Kind;
Er hat den Knaben wohl in dem Arm,
Er faßt ihn sicher, er hält ihn warm.

Mein Sohn, was birgst du so bang dein Gesicht?
Siehst Vater, du den Erlkönig nicht?
Den Erlenkönig mit Kron’ und Schweif?
Mein Sohn, es ist ein Nebelstreif

Du liebes Kind, komm, geh mit mir!
Gar schöne Spiele spiel’ ich mit dir;
Manch’ bunte Blumen sind an dem Strand,
Meine Mutter hat manch’ gülden Gewand.

Mein Vater, mein Vater, und hörest du nicht,
Was Erlenkönig mir leise verspricht?
Sei ruhig, bleibe ruhig, mein Kind;
In dürren Blättern säuselt der Wind.
In de tekst 'spreken' drie personages. 
Noteer wie er spreekt:

vader (V)
kind (K)
Erlkönig (E)

Hoe hoor je in de zang wie er spreekt?

Slide 29 - Slide

Atonale muziek
-experimenten: akkoorden, chromatiek, 'vreemde' modulaties.
-uitstellen van grondtoon
-nationale stijlen: volksmuziek, eigen geluid
-Leitmotiv: R. Wagner

Slide 30 - Slide

GA NAAR BLZ. 73
OPDRACHT B

Slide 31 - Slide

Slide 32 - Video

Zijn er nog vragen?

Slide 33 - Slide