LL1 - D1L6 Teksdoel, tekstsoort en teksttype

TEKSTTYPES
TEKSTSOORTEN
TEKSTDOELEN

1 / 37
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNederlandsSecundair onderwijsAlgemeen secundair onderwijsLeerjaar 1

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 15 min
Report this lesson

Items in this lesson

TEKSTTYPES
TEKSTSOORTEN
TEKSTDOELEN

Wat heb je de voorbije week gelezen?

1. TEKSTTYPES

Elke dag komen we heel wat geschreven taal tegen.

Er bestaan dan ook heel wat teksten.

Welke teksttypes herken jij op de volgende slide?

Je kent ze zeker en vast.

Sleep de juiste combinaties bij elkaar!





de advertentie

het stripverhaal

sms

het gedicht




2. TEKSTSOORTEN

Al deze teksttypes behoren tot een bepaalde tekstsoort.

We onderscheiden 5 tekstsoorten:

  1. informatieve teksten

  2. narratieve teksten

  3. opiniërende teksten

  4. persuasieve teksten

  5. prescriptieve teksten

Herken je ook deze teksttypes?

Kijk goed naar de afbeelding.

Herken je het teksttype?

Schrijf ook telkens het lidwoord 

DE of HET.

Bijvoorbeeld: de advertentie



Welke tekstsoort zie je?

A

opiniërende tekst

B

narratieve tekst

C

prescriptieve tekst

D

persuasieve tekst



Welke tekstsoort zie je?

A

informatieve tekst

B

opiniërende tekst

C

narratieve tekst

D

prescriptieve tekst



Welke tekstsoort zie je?

A

informatieve tekst

B

prescriptieve tekst

C

narratieve tekst

D

opiniërende tekst



Welke tekstsoort zie je?

A

narratieve tekst

B

informatieve tekst

C

persuasieve tekst

D

presriptieve tekst



Welke tekstsoort zie je?

A

narratieve tekst

B

prescriptieve tekst

C

persuasieve tekst

D

informatieve tekst



Welke tekstsoort zie je?

A

opiniërende tekst

B

prescriptieve tekst

C

beïnvloedende tekst

D

narratieve tekst



Welke tekstsoort zie je?

A

opiniërende tekst

B

prescriptieve tekst

C

persuasieve tekst

D

narratieve tekst

3. Tekstdoelen

Een schrijver heeft met zijn tekst een doel.

Hij wil de lezer informeren, ontroeren, overtuigen enz.


Wat is het tekstdoel? De schrijver wil informatie geven. Hij wil iets vertellen over een onderwerp. Je leest deze tekst omdat je iets wilt weten.

A

informeren

B

overtuigen

C

ontspannen

D

instructies geven

Wat is het tekstdoel? De schrijver wil dat de lezer het vooral leuk vindt om de tekst te lezen. Jij leest deze tekst in je vrije tijd.

A

instructies geven

B

overtuigen

C

ontspannen

D

mening geven

Wat is het tekstdoel? De schrijver wil gevoelens bij je opwekken. Dit kunnen positieve of negatieve gevoelens zijn.

A

informeren

B

overtuigen

C

mening geven

D

ontspannen

Wat is het tekstdoel? De schrijver wil jouw handelen sturen.

A

informeren

B

instructies geven

C

mening geven

D

ontspannen

Wat is het doel van deze tekst?

A

ontspannen

B

instructies geven

C

informeren

D

overuigen

Welk teksttype is dit? (gebruik ook het lidwoord DE of HET)

Wat is het DOEL van een formulier?

A

overtuigen

B

mening geven

C

informeren

D

ontspannen

Welk teksttype is dit? (gebruik ook het lidwoord DE of HET)

Wat is het DOEL van van een gedicht?

A

informeren

B

ontspannen

C

overtuigen

D

mening geven

Wat is hier het tekstdoel?