1 vmbo-bk thema 3.7 Ordenen: Gewervelde dieren

3.7 Gewervelde dieren
1 / 32
next
Slide 1: Slide
Biologie / VerzorgingMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 1

This lesson contains 32 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

3.7 Gewervelde dieren

Slide 1 - Slide

wat gaan we vandaag doen?
herhalen 3.6 Dieren
leerdoelen vandaag
nieuwe theorie: 3.7 Gewervelde dieren
zelf aan de slag
herhalen leerdoelen

Slide 2 - Slide

Dierlijke cellen
Bacterien 
Schimmels
Planten

Slide 3 - Drag question

Hoe noem je een skelet dat aan de buitenkant van een organisme zit?
A
inwendig skelet
B
uitwendig skelet

Slide 4 - Quiz

Hoe noem je een skelet dat aan de binnenkant van een organisme zit?
A
inwendig skelet
B
uitwendig skelet

Slide 5 - Quiz

Bij welke groep van het dierenrijk hebben de dieren een uitwendig skelet?
A
geleedpotige
B
gewervelden
C
neteldieren
D
stekelhuidigen

Slide 6 - Quiz

Een kokkel hoort tot de weekdieren.
A
juist
B
onjuist

Slide 7 - Quiz

5. Het dier uit de afbeelding hoort tot de neteldieren.
A
juist
B
onjuist

Slide 8 - Quiz

11. Bij welk rijtje dieren horen ALLE dieren tot de gewervelden
A
zee-egel, leeuw, schol
B
worm, slang, ijsvogel
C
pinguïn, kikker, paling
D
pad, aap, kreeft

Slide 9 - Quiz

herhaling: dieren
alle organismen worden ingedeeld in vier rijken:
- bacteriën
- schimmels
- planten
- dieren

Slide 10 - Slide

herhaling: dieren
dieren hebben:
- geen skelet of
- uitwendig skelet (aan de buitenkant) of
- inwendig skelet (aan de binnenkant van het lichaam)

Door te kijken naar het skelet, kan je de dieren ordenen in verschillende groepen.

Slide 11 - Slide

herhaling: dieren
Op basis van symmetrie worden de dieren ingedeeld in de volgende stammen:
- sponzen
- neteldieren
- ringwormen
- weekdieren
- geleedpotigen
- stekelhuidigen
- gewervelden --> hier gaan we deze les verder naar kijken

Slide 12 - Slide

leerdoelen vandaag
Aan het einde van de les:
- kan je vertellen in welke 5 groepen de gewervelde dieren kunnen worden ingedeeld
- kan je van elke groep voorbeelden en kenmerken noemen

Slide 13 - Slide

3.7 Gewervelde dieren
gewervelde dieren:
- hebben een inwendig skelet
- onderdeel van dit skelet is de wervelkolom
- de wervelkolom is opgebouwd uit wervels

De stam van de gewervelde dieren kun je indelen in groepen (zie volgende slide).

Slide 14 - Slide

3.7 Gewervelde dieren

Slide 15 - Slide

3.7 Gewervelde dieren
De vijf groepen zijn ingedeeld op basis van een aantal kenmerken:
- manier van voortplanten
- manier van ademhalen
- de leefomgeving
- de huidbedekking


Slide 16 - Slide

3.7 Gewervelde dieren
de manier van voortplanten:
- met eieren: eieren met kalkschaal, leerachtige schaal of helemaal geen schaal
- zonder eieren: levendbarend

Slide 17 - Slide

3.7 Gewervelde dieren
manier van ademhalen:
- huid
- kieuwen
- longen

Slide 18 - Slide

3.7 Gewervelde dieren
leefomgeving:
- op het land
- in het water
- in de lucht

Slide 19 - Slide

3.7 Gewervelde dieren
huidbedekking:
- schubben
- haar
- slijm
- veren

Slide 20 - Slide

3.7 Gewervelde dieren
Op basis van deze 4 kenmerken kunnen de gewervelde dieren in 5 groepen worden ingedeeld:
- vissen
- amfibieën
- reptielen
- vogels
- zoogdieren

Slide 21 - Slide

groep 1: Vissen
- leven in het water
- leggen zachte eieren zonder schaal
- halen adem met hun kieuwen
- hun huid is bedekt met schubben en slijm

Slide 22 - Slide

groep 2: Amfibieën (kikker, pad)
- leggen eieren zonder schaal in het water
- jonge amfibieën leven in het water en hebben kieuwen
- oudere amfibieën hebben longen en leven ook op het land
- kunnen ook ademhalen door de huid
- huid id bedekt met laagje slijm

Slide 23 - Slide

groep 3 Reptielen (slang, hagedis)
- leggen eieren met leerachtige schaal op het land
- kunnen ook in het water leven
- ademhalen met longen
- huid bedekt met droge schubben

Slide 24 - Slide

groep 4 Vogels
- leggen eieren met een kalkschaal in een nest
- ademhalen met longen
- huid bedekt met veren
- de meeste vogels kunnnen vliegen

Slide 25 - Slide

Groep 5 Zoogdieren
- leggen GEEN eieren: levendbarend
- jonge dieren worden gezoogd bij hun moeder
- ademhalen met longen
- huid bedekt met haren
- leven vooral op het land
(uitzondering: dolfijn)

Slide 26 - Slide

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Slide

Slide 29 - Slide

VRAGEN??

Slide 30 - Slide

zelf aan de slag
3.7 Gewervelde dieren: lees de tekst en maak de opdrachten:

opdracht 38 t/m 41 maken

Slide 31 - Slide

herhalen leerdoelen
Aan het einde van de les:
- kan je vertellen in welke 5 groepen de gewervelde dieren kunnen worden ingedeeld
- kan je van elke groep voorbeelden en kenmerken noemen

Slide 32 - Slide