les 3 oberveren 2026

observeren (methodisch werken 3)
les 3 
1 / 23
next
Slide 1: Slide
PedagogiekHBOStudiejaar 1

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

observeren (methodisch werken 3)
les 3 

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

vandaag
objectief observeren en conclusie

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

observeren
Als je tijd neemt, stil wordt en leert kijken naar de kinderen in je klas, dan komen de vragen vanzelf: waarom doet hij dit, hoort dit gedrag wel bij hem of haar leeftijd, hoe sluit ik aan bij de behoeften van mijn klas, etc.?
KIJKEN
(Observeren)
BEGRIJPEN
(Ontwikkelings-
psychologie)
INRICHTEN
(Rijke 
leeromgeving)

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Verschil tussen waarnemen en observeren
Waarnemen is een (onbewuste) selectie. Het gaat over wat je opmerkt via je zintuigen. 

Observeren is het objectief waarnemen van zichtbaar gedrag, met de eisen:
- bewust
- doelgericht
- planmatig 
Het gaat niet om het waarom, waardoor, denken en voelen!

Objectief: een feit is objectief als het onafhankelijk is van de mening van mensen;
er is geen interpretatie nodig. 

Slide 4 - Slide

This item has no instructions


Waarnemen

- Zij zitten gezellig te kletsen
- Zij zit te klieren
- Hij is druk
- Hij lacht

Observeren

- Zij praten
- Zij duwt een medeleerling
- Hij draait op zijn stoel
- Zijn mondhoeken gaan omhoog

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Slide 6 - Video

Bevraag jezelf regelmatig kritisch als je voor de klas staat. Zie jij werkelijk wat er speelt?
Noteer (kort) wat je gezien hebt

Slide 7 - Open question

This item has no instructions

Wat kan het doel zijn?
  • gedrag (wat zie je aan het gedrag?)


  • heeft de leerling moeite met de leerstof?

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Waarom observeren?
- Om de beginsituatie juist te kunnen inschatten, zodat jij je onderwijskundig en pedagogisch handelen kunt afstemmen
- Om ouders, collega's en andere deskundigen te kunnen informeren over de ontwikkeling van het kind
- Om te bepalen of onderzoek nodig is
- Om het gesprek te kunnen voeren met het kind
- Etc. 

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Stappenplan voor observatie 
Stap 0: Noteer de gegevens van het kind, de school, de dag etc.
Stap 1: Formuleer aanleiding en doel
Stap 2: Formuleer observatievraag
Stap 3: Kies observatiemethode en licht kort toe
Stap 4: Observeer 
Stap 5: Trek een conclusie (antwoord op de observatievraag: objectief) en geef jouw visie en advies (interpretatie genuanceerd)


Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Als je gaat observeren, is er altijd sprake van een probleem
A
Waar
B
Niet waar

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Stap 1: Aanleiding en het doel
Het is belangrijk om je doel en aanleiding heel helder te formuleren. Je scherpt je eigen gedachten en je neemt de lezer mee. 
doel: "Ik wil vaststellen hoe vaak en hoe lang kind S niet-taakgedrag vertoont tijdens een instructieles van 30 minuten, om een objectieve nulmeting te hebben voordat er een interventie wordt gestart."

Uit de aanleiding en het doel volgt de observatievraag. 

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Een observatievraag kan beginnen met 'waarom'
A
Waar
B
Niet waar

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

zoek op Ai
  1. Wat heb jij in het eerste vakje gezet van jouw observatie? 
  2. vraag aan AI of hij daar een observatiedoel van kan maken
  3. Ben je tevreden met het resultaat? Zet deze in het eerste vakje van jouw formulier

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Stap 2: De observatievraag
Wat wil je te weten komen?
- De vraag richt zich op zichtbaar gedrag
- De vraag is specifiek (welk gedrag, welke les, welk moment)

Voorbeeld open observatievraag:
Welk gedrag laat kind X zien tijdens de eerste 10 minuten op het speelplein in de kleine pauze?

Voorbeeld gesloten observatievraag:
Hoeveel procent van de tijd gedurende 20 minuten laat kind X niet-taakgericht gedrag zien tijdens het zelfstandig werken bij rekenen?

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeld open observatie
Je beschrijft enkel chronologisch zichtbaar gedrag (dus niet wat je vindt/voelt/denkt)

Er staan geen interpretaties in je verslag, zoals:
soms/vaak - steeds - erg druk - agressief - opgewekt - vervelend

'M. opent haar la en haalt haar potlood en schrift eruit. M. schuift de la dicht en legt haar potlood op haar tafel. Ze pakt haar pen in haar hand. M. legt haar potlood neer en opent haar la. Ze pakt haar gum eruit. M. schuift de la dicht. Ze kijkt naar buiten waar de kinderen uit de middenbouw spelen.' Etc. 

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeld gesloten observatie
- Tijdsteekproef (gebruik de originele)
- Turflijsten (met of zonder tijdsinterval)
- Noteren van looproutes
- Turven beurten per groepje
- Turven verbale / non-verbale complimenten versus correcties


Slide 17 - Slide

This item has no instructions

De steekwoorden / korte zinnen uit je open observatie zet je om in een lopend verslag
A
Ja
B
Nee

Slide 18 - Quiz

This item has no instructions

In de conclusie mag je extra informatie (dat je al weet) over het kind toevoegen
A
Ja
B
Nee!

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

Stap 5: Conclusie

  • Schrijf je doelstelling hier op.
  • Beschrijf kort en bondig wat je ontdekt hebt over de begeleidingsbehoefte van dit kind tov je doelstelling
  • Heb je je doelstelling bereikt?
  • Wat is je conclusie?

Mijn doel was om.........


Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Valkuilen
- Eigen mening, visie en idealen
- Emotionele betrokkenheid (subjectiviteit)
- Halo-effect en Horn-effect (gaat over indrukken)
- Vooroordelen (stereotypering)
- Projectie (de ander jouw gevoelens toeschrijven)

Slide 21 - Slide

Halo: de neiging iemand positief te beoordelen, gebaseerd op één positief aspect.

Horn: neiging iemand negatief te beoordelen, gebaseerd op één negatief aspect. 
Tijd over? 
Ja? De volgende oefening maken.
Nee? Dan ronden we af!

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Nog een paar voorbeeldvragen
- Welk non-verbaal gedrag laat de leerling zien wanneer hij/zij luistert naar de instructie van de leerkracht

- Welke verbale feedback geeft de leerling aan de leerkracht, de eerste 5 minuten van zijn/haar instructie?

- Welk niet-taakgericht gedrag laat kind X zien tijdens de eerste 10 minuten van het zelfstandig werken tijdens rekenen?

Slide 23 - Slide

This item has no instructions